JSF

De duurste defensieaankoop ooit mag eindelijk een ererondje vliegen

Afgelopen juni was er al een JSF op Nederlandse bodem te zien tijdens de luchtmachtdagen op vliegbasis Volkel. Beeld ANP

De eerste operationele Joint Strike Fighter landt donderdag op vliegbasis Leeuwarden. Hoewel de JSF geen hoofdpijndossier meer is, zijn de zorgen nog niet weg.

Al jaren verkeert de luchtmacht in gespannen afwachting van de nieuwe Joint Strike Fighter, en donderdagmiddag is het dan zover: na een besluitvorming van 23 jaar wordt het eerste toestel officieel in Nederland in ­ontvangst genomen. Het wordt smullen voor liefhebbers van gevechtsvliegtuigen, want de komst van de JSF wordt gevierd met een fly-by, een ererondje waaraan ook F-16’s deelnemen. Daarna zal de JSF voor de landing ook nog een solorondje vliegen.

In luchtmachttermen heet de ­ceremonie een First Aircraft Arrival (FAA), de eerste keer dat een nieuw type vliegtuig formeel wordt toegevoegd aan de operationele vloot. Dat gebeurde veertig jaar geleden voor het laatst, toen de eerste F-16 aankwam op vliegbasis Volkel. Dit verouderde jachtvliegtuig waarvan Nederland er 61 heeft, wordt de komende jaren vervangen door 46 JSF’s. Met vijf miljard euro is JSF de duurste Nederlandse defensieaankoop ooit.

JSF’s waren al twee keer eerder in Nederland, maar het verschil is dat deze nu blijft. In 2016 voerden twee uit de VS overgevlogen F-35’s – de officiële typeaanduiding van de JSF – een zogeheten ‘belevingsvlucht’ boven Nederland uit, onder meer om het geluidsniveau te testen. Afgelopen juni was er even een JSF in Leeuwarden, na een oefenbombardement op de Vliehors.

Helm van 360.000 euro

Het Amerikaanse JSF-project kenmerkte zich door ontwikkelingsproblemen, ontwerpfouten, jarenlange vertragingen en kosten die de pan uit rezen; het was lange tijd een groot hoofdpijndossier. In 2010 overwoog het Amerikaanse Congres zelfs nog om het hele miljardenproject maar te schrappen. De aanvankelijke stuksprijs van de JSF was zo’n 28 miljoen euro, maar door budget­overschrijdingen en de gestegen dollarkoers moet Defensie nu tegen de 80 miljoen neerleggen voor één F-35. Alleen al de hoogtechnologische helm van de vlieger kost 360.000 euro.

De Nederlandse besluitvorming over het aanschaffen van een nieuwe type gevechtsvliegtuig was weerbarstig. In 1996 gaf de minister van defensie aan dat de F-16 aan vervanging toe was en in 2002 besloot Nederland dat het geld zou steken in het Amerikaanse ontwikkelingsprogramma voor de JSF. Pas in 2013 ­besloot het kabinet-Rutte II de JSF ook daadwerkelijk aan te schaffen.

Door de sterk gestegen kosten kocht Nederland in eerste instantie 37 toestellen in plaats van ruim tachtig, zoals gepland was. In september bleek dat er nog negen extra kunnen worden aangeschaft. Dat is volgens Defensie nodig om alle taken goed te kunnen vervullen. De F-35 wordt ingezet voor de bewaking van het Nederlandse luchtruim, buitenlandse missies en de nucleaire Navo-taak. Met 46 toestellen is er ook voldoende ruimte om piloten te trainen en permanent vier toestellen op missie te sturen.

Gebrek aan reserveonderdelen

Een hoofdpijndossier is de JSF inmiddels niet meer, maar zorgen zijn er nog wel. Zo kwamen dit jaar nog ernstige technische gebreken aan het licht, die volgens bouwer Lockheed Martin echter oplosbaar zijn. Ook zijn er zorgen over de hoge exploitatiekosten, de ingewikkelde software en het gebrek aan reserveonderdelen, waardoor twee jaar geleden nog de helft van de Amerikaanse F-35’s aan de grond stond.

Toch roemt Defensie de veelzijdigheid van de opvolger van de F-16 die overigens, ondanks zijn hoge leeftijd, nog bepaald geen doetje is. Op sommige punten overtreft de ­F-16 zelfs de JSF. De F-16 is goedkoper, lichter, heeft een groter vliegbereik, een hogere maximumsnelheid en beschikt over een wapenarsenaal voor korte afstanden. Dat maakt hem zeer geschikt voor luchtgevechten, de ‘dogfights’. Maar daar is volgens het Amerikaanse Pentagon in de moderne oorlogsvoering steeds minder behoefte aan.

‘Stealth’ (onzichtbaar) kunnen vliegen is nu ­belangrijker. De F-35 is vrijwel ­niet detecteerbaar voor vijandelijke radarsystemen. Met alleen de raketten in de buik van het toestel is het niet of nauwelijks te traceren, hoewel dat verandert zodra er extra wapensystemen onder de vleugels worden gehangen. Piloten roemen de manoeuvreerbaarheid.

Tactische oplossingen

De F-35 is uitgerust met geavanceerde computersystemen die in een oorlogssituatie grote hoeveelheden gegevens kunnen verzamelen en tactische oplossingen op de helm van de vlieger projecteren. Volgens commandant der strijdkrachten Rob Bauer kunnen de sensoren in het toestel veel meer informatie oppikken over wat zich op het slagveld afspeelt dan in het verleden kon. Daardoor heeft de JSF een grote toegevoegde waarde voor de hele krijgsmacht, aldus Bauer.

De Nederlandse F-35’s worden geassembleerd in het Italiaanse Cameri bij Milaan. Partners in het JSF-project als Australië, Canada, Noorwegen en Italië leveren onderdelen of services. Nederland zal het onderhoud doen van de straalmotoren van alle Europese JSF’s op de vliegbasis Woensdrecht. Hier komt ook een groot magazijn met reserveonderdelen voor de Europese F-35’s.

Lees ook:

Defensie koopt nog negen JSF’s, maar kan er niets extra’s mee doen

Jarenlang beweerde Defensie met 37 nieuwe straaljagers de taken van de F-16 over te kunnen nemen. Nu blijken daarvoor 46 toestellen nodig te zijn.

Achterhaald of niet, JSF komt

Critici vinden de straaljager duur en overbodig. Voorstanders verwachten nog steeds veel van de opvolger van de F-16.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden