Covid-19

De besmettingscijfers lopen sterk op. Staat Nederland aan het begin van een tweede coronagolf?

Beeld Trouw

Sinds een dag of tien is er een nieuwe trend zichtbaar in de Nederlandse besmettingscijfers. De ondergrens van het aantal nieuwe patiënten dat er dagelijks bij komt is bereikt, de beweging omhoog is ingezet. Is dat reden tot zorg?

Maandag meldde het RIVM 185 nieuwe besmettingen. Zondag waren er al 144 nieuwe Covid-19-patiënten bijgekomen. Op de vraag of dit de aanzet is tot een nieuwe exponentiële groei, is even krachtig ontkennend als bevestigend te antwoorden.

Het eerste slechte nieuws

Om met het laatste te beginnen, de stijging deze week is bijna twee keer zo hoog als die van vorige week. Dagelijkse liggen de aantallen boven de honderd, iets dat in een maand tijd niet meer was voorgekomen. Het huidige driedaagse gemiddelde is zelfs gelijk aan dat van halverwege mei, een periode waar we niet naar terug willen.

In België leiden vergelijkbare cijfers tot speculaties over een tweede golf. In Nederland niet. Wat daarin meespeelt is dat de uitbraken goed zijn te lokaliseren. Zo zijn er lokale clusters in Zeeland, West-Brabant, de Rijnmond, Amsterdam en Hillegom. In die laatste plaats zijn afgelopen week 23 nieuwe besmettingen opgespoord. Iets dat eerder ook in Goes gebeurde.

Alternatieve interpretatie

Met dezelfde cijfers is ook een andere boodschap te geven. De aantallen zijn laag. Het gemiddelde over de afgelopen drie dagen ligt rond de 150. Dat valt in het niet bij de piek van 1300 nieuwe besmettingen in april. Toen werd er ook nog eens veel minder getest dan nu. De testbereidheid onder Nederlanders is de afgelopen dagen gestegen. Ook dat kan een verklaring zijn voor de hogere aantallen vergeleken met vorige week.

Daarbij worden er nauwelijks meer patiënten in het ziekenhuis opgenomen en ligt op de ic’s slechts een handvol patiënten met Covid-19. Wat ook meespeelt: bij lage cijfers is de rol van het toeval groot. Een lokale uitbraak die onder controle is kan op landelijk niveau een sterk vertekend beeld geven.

Wie heeft er gelijk?

Zo zijn de sussende woorden en waarschuwende boodschappen beide gebaseerd op dezelfde cijfers. Wie er gelijk heeft? Dat zal sterk afhangen van het succes van het bron- en contactonderzoek dat de GGD’en uitvoeren.

Ook zullen Nederlanders zich wat sneller moeten laten testen. Een groot deel blijft rondlopen met lichte klachten, bleek vorige week uit onderzoek. Maar lichte klachten, zoals een loopneus, horen ook tot de symptomen van Covid-19. Niet iedereen eindigt aan de beademing.

De verwachting is dat bij aanhoudend stijgende cijfers Nederlanders zich vanzelf anders gaan gedragen. Dat is nu al terug te zien in de grotere testbereidheid. Bij nog hogere aantallen zullen mensen vaker anderhalve meter afstand houden en risicomijdend gedrag vertonen.

De vraag is: wanneer gaan zij dat doen? Bij stijgende aantallen op de ic’s? Dan is het te laat, want een patiënt belandt pas een week of drie na besmetting op een ic. Ziekenhuisopnames? Ook daarin zit een vertraging. Het zullen de besmettingsaantallen moeten zijn waar Nederlanders op reageren. En de uitslagen van de riooltesten. Die laten nog altijd een lage concentratie van het coronavirus zien. Al lopen ook bij deze testen de cijfers op. En net als bij de besmettingen, kun je daar zowel sussend als alarmistisch over doen.

Lees ook:

Veelgehoorde anderhalvemeterexcuses en of die ergens op slaan

‘We hebben toch al uit hetzelfde schaaltje chips gegeten’: mensen bedenken allerlei creatieve excuses om geen anderhalve meter afstand te houden. Hoe valide zijn de argumenten en waarom gebruiken we ze? Een verzameling. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden