Joodse onderduikers

Coldcaseteam wijst vermoedelijke verrader Anne Frank aan, historici reageren kritisch. ‘Dit is moreel niet zo wenselijk’

Anne Frank Beeld Anne Frank Stichting
Anne FrankBeeld Anne Frank Stichting

Een internationaal coldcaseteam deed jarenlang onderzoek naar het verraad van Anne Frank en de andere onderduikers in het Achterhuis. ‘Zeer waarschijnlijk’ was de Joodse notaris Arnold van den Bergh de verrader, zeggen zij, maar historici hebben grote reserves.

Joost van Egmond

Na vijf jaar van onderzoek, met medewerking van meer dan twintig collega’s uit diverse disciplines, is het coldcaseteam zeker van zijn zaak: notaris Arnold van den Bergh heeft de bezetter getipt dat het Achterhuis aan de Amsterdamse Prinsengracht Joodse onderduikers herbergde.

“Je kijkt naar kennis, gelegenheid en motief. En op dit punt voldoet hij aan alle drie de voorwaarden”, zegt Pieter van Twisk van het onderzoeksteam in het Radio 1 Journaal. De onderzoekers benadrukken dat onomstotelijk bewijs ontbreekt.

Een anonieme tip

De verdenking aan het adres van de Amsterdamse notaris is niet nieuw. Hij stond al op een lijst van mogelijke verraders. Kort na de oorlog zou Annes vader Otto Frank een anoniem briefje hebben gekregen waarin stond dat van Van den Bergh het adres zou hebben doorgegeven.

Het team vermoedt dat Van den Bergh, die connecties had met hoge Duitse functionarissen, toegang had tot een lijst met adressen van ondergedoken Joden, die hij in geval van nood kon gebruiken als ‘levensverzekering’. Hij zou de onderduikers van het Achterhuis hebben verraden om zichzelf en zijn gezin te redden.

Vele vragen

Historicus Bart van der Boom, universitair docent aan de Universiteit Leiden, haalt in het Historisch Nieuwsblad hard uit naar het onderzoek. Hij noemt de beschuldiging ‘lasterlijke onzin’.

Ronald Leopold, algemeen directeur van de Anne Frank Stichting, noemt het onderzoek in het Radio 1 Journaal ‘bewonderenswaardig werk’. Hij wijst wel op grote vervolgvragen: bestond die lijst met onderduikadressen die de notaris gedeeld zou hebben wel? En wie schreef dat anonieme briefje waarin Van den Bergh beschuldigd werd?

Vragen heeft ook Erik Somers, onderzoeker bij het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie Niod, na bestudering van het onderzoek van het team. Hij heeft in de tientallen jaren dat hij zich bezighoudt met het onderwerp niet eerder de suggestie gehoord dat leden van de Joodse Raad zouden beschikken over een lijst met onderduikadressen. “Ik ben dat nergens in mijn onderzoek tegengekomen en vind het hoogst onwaarschijnlijk.” Ook collega Van der Boom stelt in het Historisch Nieuwsblad dat er geen enkel bewijs is voor het bestaan van zo’n lijst.

Somers wijst er ook op dat de Joodse Raad, opgericht in opdracht van de bezetter, werd opgeheven in september 1943. De arrestatie is in augustus 1944. “Dat zou betekenen dat deze Arnold van den Bergh bijna een jaar met deze lijsten zou hebben rondgelopen.”

De joodsche raad in 1942
Zittend vlnr: A. Ascher (voorzitter), prof.dr. D. Cohen (voorzitter), onbekend, onbekend, A. van Dam, Opperrabijn Philip Frank, dr. D.M. Sluys, mr. S.J. van Lier, mr. Albert B. Gomperts, W.A. Mendes da Costa. Staand: vlnr Meijer de Vries, Dr. A. v.d. Laan, J. Brandon, onbekend, onbekend, A. Soep Bzn., onbekend, prof.dr. J. Brahn, A. Krouwer, onbekend, prof.dr. J.L. Palache. Beeld Joh. de Haas, niod
De joodsche raad in 1942Zittend vlnr: A. Ascher (voorzitter), prof.dr. D. Cohen (voorzitter), onbekend, onbekend, A. van Dam, Opperrabijn Philip Frank, dr. D.M. Sluys, mr. S.J. van Lier, mr. Albert B. Gomperts, W.A. Mendes da Costa. Staand: vlnr Meijer de Vries, Dr. A. v.d. Laan, J. Brandon, onbekend, onbekend, A. Soep Bzn., onbekend, prof.dr. J. Brahn, A. Krouwer, onbekend, prof.dr. J.L. Palache.Beeld Joh. de Haas, niod

Een doelredenering

De afgelopen decennia zijn al heel wat theorieën de wereld in geslingerd over het verraad van Anne Frank en de andere zeven onderduikers in het wereldberoemde Achterhuis. Het aantal verdachten loopt in de tientallen.

De manier waarop het coldcaseteam bij Van den Bergh uitkomt, heeft veel weg van een doelredenering, zegt Niod-onderzoeker Somers. “Er zijn denk ik vijf serieuze theorieën. Daarvan heeft dit team een voor een de onwaarschijnlijkheid aangegeven. Dat gebeurt met steekhoudende argumenten, daar niet van, maar dan blijft deze over. Dan wordt er een anoniem briefje herontdekt en dat is de enige houvast. Daar probeert men een bevestiging van te zoeken.”

Somers is al met al nog lang niet overtuigd. “Al in de jaren tachtig is na veel onderzoek aangegeven dat dit bewijs niet te leveren is. Dat is nu weer mijn conclusie. Je kunt veel mogelijkheden aangeven, maar het bewijs zal nooit geleverd worden.”

De onderzoekers zeggen zelf dat ze 85 procent zeker zijn van hun zaak. Is het dan wijs om zo stellig naar buiten te treden? Somers denkt van niet. “Iemand wordt hier wel gepositioneerd als ‘de verrader van Anne Frank’. Ik weet niet of het moreel zo wenselijk is om dat zo te doen. Ik zou toch vooral de reserves eromheen willen benadrukken.”

Lees ook:

Hoofdonderzoeker Pieter van Twisk: ‘Dat de notaris Anne Frank heeft verraden, past bij alle losse puzzelstukjes’

Het internationale coldcase-onderzoek naar het verraad van Anne Frank doet veel stof opwaaien. Hoofdonderzoeker Pieter van Twisk: “Dit is het meest waarschijnlijke scenario.”

Deze gaten schieten historici in de Anne-Frank-onthulling

‘Flinterdun’, ‘Immoreel’: historici uiten stevige kritiek op de theorie dat een Joodse notaris Anne Frank verraden heeft. Drie zwakke plekken in het onderzoek op een rij.

Opnieuw wordt notaris Arnold van den Bergh (1886-1950) aangewezen als vermoedelijke verrader van de familie Frank

Hij werd omschreven als een rustige, bescheiden man.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden