InterviewZelfbestuur

Burgerbestuur is hip, maar niet altijd democratisch

Beeld Fadi Nadrous

Nederland is veel te lyrisch over zelfbestuur en de rol van actieve bewoners. Beseffen we wel dat het ondemocratisch is als steeds oudere blanke mannen het voortouw nemen?

Doe-democratie, burgerbetrokkenheid, zelfbestuur. Het zijn begrippen die een grote aaibaarheid kennen. Want is het niet ontzettend sympathiek als betrokken burgers zich inzetten voor een beter leefklimaat, de renovatie van het verpauperde winkelcentrum, of het overeind houden van het buurthuis in een dorp dat lijdt onder de krimp?

Dat ligt er maar net aan, zegt Hiska Ubels die vandaag in Groningen promoveert op ‘de schaduwkanten van het lokale zelfbestuur’. Die titel alleen al doet huiveren. Dat is niet per se de bedoeling van Ubels geschrift, maar ze wil wel tegengas bieden aan gemeenten die steevast het belang benadrukken van burgerbetrokkenheid. Kan dat enthousiasme bijvoorbeeld voortkomen uit het feit dat het werk dat burgers verzetten lekker goedkoop is?

Uit haar onderzoek in krimpgemeenten als Beltum, Nieuw-Dordrecht, Ee en Ulrum blijkt dat zogenaamd ‘vernieuwend zelfbestuur’ minder rooskleurig verloopt als doorgaans wordt gesuggereerd, en zelfs grillige trekken vertoond. “Natuurlijk hebben steden en dorpen enthousiaste koplopers nodig, die de bevolking mobiliseren en de gemeente tot beweging manen”, zegt Ubels. “Een actie voor een nieuwe speeltuin is vaak een succes. Maar het wordt anders als trajecten zeer langdurig zijn, en daarmee ingewikkelder.”

De korte klap

Ubels eerste opmerking is dat vrijwillige zelfredzaamheid op lange termijn onrealistisch is. Vrijwilligers gaan doorgaans voor de ‘korte klap’, die mag je als overheid niet langdurig belasten. Bovendien beschikken vrijwilligers vaak niet over de juiste kennis over de complexe vraagstukken. Daar zijn niet voor niets gespecialiseerde ambtenaren voor. “De vaak veeleisende inzet en de hoge druk verantwoording af te leggen, zorgen voor overbelasting en onderlinge conflicten, waardoor vrijwilligers weer gefrustreerd afhaken. Dat komt doordat zij als het ware worden overvraagd.”

Hiska Ubels

Ubels geeft het voorbeeld van een vrijwilliger die al meerdere jaren achtereen meer dan veertig uur per week zich voor de dorpsgemeenschap inzet. “Als je daar van enige afstand naar kijkt zie je dat hij structureel zonder enige vergoeding het werk doet van een ambtenaar. Dat kan niet, en dat moet je ook niet willen.” Volgens de promovenda schuiven de terugtredende overheden hun verantwoordelijkheden vaak naar burgers af omdat dit de kosten drukt. In hun rekensom gaan ze dan voorbij aan de verborgen financiële en sociale kosten die vrijwilligers maken.

Witte mannen, net met pensioen

Maar het grootste bezwaar van Ubels is van ideologische aard. Want is zelfbestuur eigenlijk wel democratisch? Daar lijkt het vaak wel op, omdat beleid op die manier dicht bij de inwoners komt te liggen. In een ‘doe-democratie’ is immers iederéén bezig met de maatschappij om hen heen. Maar volgens Ubels is het tegendeel waar. Het zijn vaak dezelfde mondige witte mannen die, net met pensioen, zich willen inzetten voor de dorpsgemeenschap. Maar vormen zij een afspiegeling van de bevolking?

“Zeker bij ingewikkelde samenwerking met externe partijen en financiering gaat het ontbreken van representativiteit een rol spelen. Want waar is de tegenmacht? Wie vertegenwoordigt de belangen van de inwoners die niet willen of kunnen meedoen met een bewonersinitiatief?”

Ubels wil met haar proefschrift niet pleiten voor het terugdringen van actieve burgers, dan zou het kind met het badwater worden weggegooid. “Maar ik wil wel waarschuwen voor de risico’s. Enthousiaste burgers kunnen zich met van alles bemoeien, maar het basiswelzijn van inwoners is en blijft een publieke taak.” Van een bestuur dat zich moet verantwoorden in een democratisch gekozen gemeenteraad.

Lees ook: 

De opkomst van de nieuwe burgerbeweging Code Oranje

Kiezers konden afgelopen jaar bij de Provinciale Staten-verkiezingen voor het eerst op een beweging stemmen die géén partij is. Code Oranje, een samenwerkingsverband van enkele honderden bestuurders, ondernemers, wetenschappers en actieve burgers, wil laten zien dat Nederland juist zonder politieke partijen beter af is. In zetels werd het geen succes.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden