Anti-homogeweld

Amsterdamse homo’s passen hun gedrag aan uit angst voor geweld

Gay pride in Amsterdam, 2017, met op de voorgrond de boot van de politie, afdeling Roze in Blauw.  Beeld Maarten Hartman
Gay pride in Amsterdam, 2017, met op de voorgrond de boot van de politie, afdeling Roze in Blauw.Beeld Maarten Hartman

Uit onderzoek naar discriminatie van homo’s in Amsterdam blijkt dat er structureel verbaal en fysiek geweld plaatsvindt, op straat, in het openbaar vervoer en bij het uitgaan. Veel gays passen hun gedrag aan, wangedrag melden vinden ze frustrerend.

Amsterdam is zo structureel onveilig voor de lhbtiq+-ge­meen­schap, dat de meeste deelnemers aan het onderzoek in opdracht van de gemeente hun gedrag hebben aangepast. Het patroon is dat groepen jongens lhbtiq+’ers uitschelden, in combinatie met intimidatie, bedreiging en vandalisme. Sommige incidenten escaleren in (zwaar) fysiek geweld.

Dit gebeurt vooral op straat, rond het uitgaansleven en in het openbaar vervoer. ‘Homo! Jij moet dood, je mag niet leven’, is een tekst die een slachtoffer kreeg toegevoegd. Het resultaat is dat gays niet meer hand in hand lopen, een rondje om gaan als ze een groep jongens zien, soms de metro mijden of zelfs verhuizen.

Het gif van discriminatie bedreigt de stad

Het rapport is geschreven voor wethouder diversiteit Rutger Groot Wassink (GroenLinks), omdat de coalitie al in 2018 zag dat ‘het gif van discriminatie binnensijpelt en de stad bedreigt’. Omdat de aangifte- en meldingsbereidheid laag is onder slachtoffers wil Groot Wassink met onderzoek de ware omvang van het geweld zichtbaar maken en harder beleid invoeren.

Overigens is het een kwalitatief onderzoek, dat wil zeggen dat uitgebreid gesproken is met slechts 15 slachtoffers, en daardoor is het niet representatief. Toch is de conclusie dat discriminatie veel voorkomt. Bovendien vinden slachtoffers melden of aangifte doen bijzonder frustrerend. De cijfers zijn al jaren laag, waardoor de onderzoekers spreken over ‘het topje van de ijsberg’ dat naar buiten komt. Slachtoffers zijn gefrustreerd dat aangifte doen veel tijd kost en vaak nutteloos is. Meldingen van overlast bij woningcorporaties of Slachtofferhulp worden ook als zinloos beoordeeld. Bij aangifte blijkt Roze in Blauw (homo-agenten bij de politie) vaak niet beschikbaar, hetero agenten worden niet vertrouwd als ter zake kundig.

Siep de Haan, bekend van de Canal Pride, herkent de voorbeelden uit het rapport. Als voorbeeld van zijn eigen veranderende gedrag noemt De Haan dat hij niet meer met zijn vriend in stadsdeel Nieuw-West fietst, omdat ze daar zijn uitgescholden voor homo. “En ik loop nooit meer hand in hand.”

De regenboogvlag doorbreekt de spiraal van geweld niet

De Haan concludeert dat er te weinig gebeurt. “Opeenvolgende burgemeesters hebben het geweld veroordeeld. De regenboogvlag gaat uit en er verschijnen posters over tolerantie. Maar dat doorbreekt de spiraal van geweld niet.” Hij meent dat het belangrijk is over het daderprofiel te spreken om tot oplossingen te komen. In het rapport wordt, net als in een eerder groot onderzoek voor de gemeente uit 2009, gewezen op oververtegenwoordiging van jonge daders van Marokkaanse komaf.

Als wiskundedocent die al 35 jaar voor de klas staat, constateert hij dat de houding ten opzichte van homoseksuelen is veranderd van interesse naar argwaan: “In grote steden is er een oververtegenwoordiging van behoudend geloof. Dat heeft geen gunstig effect op vrijheid. Ik zie op scholen ook vrouwen vertrekken, het is breder dan alleen discriminatie van lhbti’ers.”

Het COC Amsterdam vindt het onderzoek een signaal dat erom vraagt dat kabinet en gemeente dit soort geweld meer prioriteit geven. “Machismo in de straatcultuur is maar één kant van het verhaal. We moeten breder kijken dan naar één specifieke dadergroep. Ook opvoeders hebben een rol. Als COC investeren wij in voorlichting op scholen”, zegt Margriet Veeger namens het COC Amsterdam.

Gun ook anderen de vrijheid die je zelf ervaart in Amsterdam

Juist deze week is een foto-expositie over getrouwde homo’s in Amsterdam Nieuw-West beklad. Ter hoogte van de halzen zijn strepen getrokken die aan onthoofding doen denken. “Walgelijk”, aldus VVD-fractievoorzitter Marianne Poot, die de wethouder gisteren schriftelijke vragen stelde over herstel en camera-beveiliging. “Gun ook anderen de vrijheid die je zelf ervaart in Amsterdam.”

Over het rapport zegt zij: “Dat is geen nieuws, als je je oor te luisteren legt bij de homogemeenschap. Geweld tegen homo’s komt veel te vaak voor, daarover is de hele gemeenteraad het eens. Het raakt aan de vrijheid van Amsterdam. Het is ontzettend jammer dat er nu een half jaar verloren gaat, omdat we het pas in september kunnen bespreken.”

Poot zegt dat de vaak jonge daders die in groepen opereren ‘duidelijke grenzen nodig hebben’. De VVD denkt aan meer voorlichting op scholen en meer capaciteit bij de politie voor een betere opsporing en vervolging. “Als er meer camera’s hangen, kan de politie efficiënter werken”. Ook coalitiegenoot D66 wil de pakkans verhogen, de ChristenUnie wil ‘volle aandacht’ voor de aanpak van geweld en discriminatie.

Dit nieuwe onderzoek is al op 1 februari gepubliceerd, maar werd pas verleden week tijdens het reces door de wethouder naar de raad gestuurd. Wethouder Groot Wassink is vanwege vakantie onbereikbaar.

Lees ook:

Kan Amsterdam zich nog met goed fatsoen Gay Capital noemen?

Gay Pride trok in 2018 honderdduizenden bezoekers naar Amsterdam, de stad die zich tooit met de titel homohoofdstad van Europa. Maakt het die reputatie nog waar?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden