InterviewAgressieprobleem

Agressie woekert in de samenleving en dat hebben we zelf laten gebeuren, zegt de auteur van ‘Het Agressieparadijs’

Een verslaggever van PowNed werd in Urk aangereden door een kerkganger.  Beeld Hollandse Hoogte / Rob Voss
Een verslaggever van PowNed werd in Urk aangereden door een kerkganger.Beeld Hollandse Hoogte / Rob Voss

In haar nieuwe boek Het Agressieparadijs schetst Caroline Koetsenruijter een zorgwekkend beeld van de Nederlandse samenleving, waar agressie welig kan tieren.

Kristel van Teeffelen

Nederland heeft een agressieprobleem. Dat is, kort gezegd, de boodschap van Caroline Koetsenruijter in haar nieuwe boek Het Agressieparadijs dat maandag verschijnt.

Het gaat niet alleen om de ernstige incidenten als met de ambulancemedewerkers in Biddinghuizen, die eerder deze week werden mishandeld door omstanders. Ze doelt ook op scheldpartijen, bedreigingen en intimidaties. “Boa’s, winkelpersoneel, baliemedewerkers, journalisten, verpleegkundigen. Volgens het laatst beschikbare onderzoek voor corona, uit 2019, kreeg 29 procent van de werkenden in Nederland te maken met agressie en geweld”, zegt Koetsenruijter.

In het dagelijks leven adviseert ze organisaties hoe om te gaan met agressie en traint ze medewerkers. Koetsenruijter hoort zo een hoop voorbeelden uit de praktijk. Zoals een ambulancemedewerker die in een woning iemand aan het reanimeren is en te horen krijgt: ‘als zij het niet redt, dan jij ook niet’. Of scheldpartijen als ‘domme bimbo’ of ‘ik betaal jouw salaris, dus jij doet wat ik zeg, trut’ aan de balie in het gemeentehuis omdat een foto voor een paspoort wordt afgekeurd.

Tegen een stootje kunnen

“We sluiten onze ogen voor dit type agressie”, zegt Koetsenruijter. “De meeste incidenten worden niet eens gemeld bij de werkgever. De boodschap aan werkenden is: agressie hoort erbij, je moet tegen een stootje kunnen. Ondertussen proberen we het gedrag te verklaren met opmerkingen als: iemand zit niet zo lekker in zijn vel. Of: het zal ook wel aan de professional hebben gelegen.”

Agressie is zo gaan woekeren in de samenleving, zegt ze. “Iemand die agressie inzet, krijgt niet te horen dat hij een grens is overgegaan. Hij ziet dat intimiderend gedrag werkt en zal het de volgende keer weer toepassen.”

Europees koploper

Nederland is op agressiegebied koploper in Europa, schrijft Koetsenruijter in haar boek. “Uit een Europese enquête naar werkomstandigheden blijkt dat we drie keer zo hoog scoren op het gebied van agressie tegen werkenden vergeleken met België en zeven keer zo hoog vergeleken met Portugal.”

Is het echt zo erg gesteld met het gedrag van Nederlanders? De cijfers liegen niet, zegt Koetsenruijter. Maar, voegt ze eraan toe, “de meeste mensen deugen, om Rutger Bregman te citeren. Zo’n 60 tot 70 procent is pro-sociaal en is geneigd zich te bekommeren om de ander. Het gaat dus om een minderheid die zich weinig aantrekt van anderen en het leven ziet als een strijdtoneel.”

Waar dat gedrag vandaan komt, vindt ze moeilijk te verklaren. “Je kunt het in ieder geval niet afschuiven op corona, want het is al veel langer aan de gang. Ik denk dat het te maken heeft met individualisering. We moeten het zelf opknappen, dat is ook al jaren de boodschap van het kabinet. Het hangt ook samen met een publieke norm. We zeggen hier graag: een brutaal mens heeft de halve wereld. Ook doen autoriteitsverschillen er niet meer zo toe. Een patiënt heeft zelf al gegoogeld, dus pikt het niet als de arts bepaalde medicijnen niet wil geven. En daarnaast spelen sociale media en de anonimiteit online een rol. Bijna de helft van de intimidaties vindt online plaats.”

Stopgesprek

Hoe de agressie te stoppen? Daarvoor moet de sociale norm veranderen, zegt Koetsenruijter. “Zoals door de #MeToo-beweging is gebeurd. Slachtoffers van seksueel geweld en intimidatie laten meer van zich horen, ook werkenden die te maken krijgen met agressie zouden zich meer kunnen uitspreken.”

En degene die agressie gebruikt, moet daar de negatieve consequenties van gaan ondervinden. Daarvoor wijst Koetsenruijter naar werkgevers. “Het moet duidelijk zijn waar werknemers incidenten kunnen melden en binnen 48 uur moet er ook iets met die melding worden gedaan. Een leidinggevende kan bijvoorbeeld een stopgesprek voeren met de agressor. Duidelijk maken dat als het nog eens gebeurt iemand niet meer welkom is. Je kunt ook denken aan het opleggen van civiele boetes voor agressief gedrag. Agressie kost organisaties veel geld. De medewerker die ermee te maken krijgt, moet misschien een half uur bijkomen, of erger, valt uit. De leidinggevenden moet met de melding aan de slag. Die kosten kun je, als je het goed regelt, doorberekenen aan iemand. Een aantal banken in Nederland doet dat al.”

Lees ook

Zorgpersoneel krijgt klappen nu het begrip voor de coronamaatregelen afneemt

Tijdens corona kregen zorgmedewerkers te maken met scheldende en schoppende bezoekers en patiënten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden