Stephanie Louwrier: ‘Ik heb vaak gebeden. Dat troostte me op de een of andere manier’.

Tien GebodenStephanie Louwrier

Actrice Stephanie Louwrier: ‘Hoe kon iets waar ik zoveel voldoening uit haalde fout zijn?’

Stephanie Louwrier: ‘Ik heb vaak gebeden. Dat troostte me op de een of andere manier’.Beeld Mark Kohn

Stephanie Louwrier (35) is een stuiterbal. Ze acteert, presenteert, schrijft, danst en schreeuwt. Sinds anderhalf jaar wordt ‘het beest’ in haar niet langer met alcohol gevoed en voelt ze vrijheid om zich ook van een kwetsbare kant te laten zien.

Arjan Visser

I Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben

“Een paar jaar geleden is een vriend van mij overleden. We waren heel erg close. Rond zijn sterfdatum gebeuren er steeds weer mooie dingen: ineens hoor ik zijn lievelingsnummer – Purple Rain, van Prince – of dwarrelt er uit het niets een veertje in de palm van mijn hand. Ik geloof dat het seintjes zijn, dat hij echt nog ergens is, maar als het zich allemaal in mijn hoofd afspeelt: óók prima. Het is net zoiets als een geloof in God. Ik had een moeilijke jeugd en heb heel vaak gebeden. Dat troostte me op een of andere manier, ook al heb ik God nooit gezien.”

II Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde, noch van wat in de wateren onder de aarde is

“Ik ben een dienaar van Koning Alcohol geweest. Mister Alcohol – zoals ik hem in mijn voorstelling Show must go on noem – heeft voor een ultiem gevoel van vrijheid gezorgd. Zodra ik begon te drinken, verschenen er cheerleaders en een compleet fanfareorkest op het toneel en kwam het beest in mij tot leven. Het beest ging op avontuur, het podium op, weg van al de regels die me vroeger thuis werden opgelegd. Maar Mister Alcohol is ook iemand die voor grote problemen heeft gezorgd: mijn vader is aan de drank ten onder gegaan en ik wist, vanaf die eerste slok Lambrusco op mijn dertiende, dat wij op een slechte manier ook een goede match zouden worden. Ik ben heel lang doorgegaan met feesten en drinken tot mijn vriend op een dag zei dat hij me helemaal niet leuk vond als ik te veel gedronken had. In vorige relaties walste ik gewoon over zo’n opmerking heen, maar dit keer besloot ik te luisteren en er iets aan te gaan doen. Het is nu anderhalf jaar geleden dat ik voor het laatst alcohol heb gedronken. In mijn voorstelling vraagt het beest of hij ook buiten mag spelen als ik nuchter ben. Het antwoord daar op is ja: laatst heb ik nog met mijn hiphop-act, in een Madonna-pakje met een verentooi op mijn hoofd héérlijk onverdoofd staan beuken, al merk ik ook dat ik er steeds meer behoefte aan heb om mezelf van een andere, kwetsbare kant te laten zien.”

III Gij zult de naam van de Here, uw God, niet ijdel gebruiken

“Volgens mij ligt er een heel mooi pad voor me klaar dat ik alleen maar hoef te volgen, maar misschien is dit wel wat ze bedoelen met ‘ijdel gebruik’ omdat ik helemaal niet kan weten wat de plannen van Het Universum zijn. Straks zit ik er helemaal naast. Dat zou wel een afknapper zijn.”

IV Gedenk de sabbatdag, dat gij die heiligt, zes dagen zult gij arbeiden en al uw werk doen; maar de zevende dag is de sabbat van de Here uw God, dan zult gij geen werk doen

“Wij gingen, als Zevendedagsadventisten, op zaterdag naar de kerk. We mochten die dag niet winkelen of het vlees van onreine dieren eten. Dat klinkt streng, maar zo heb ik het nooit ervaren. Ik herinner me vooral de jeugddiensten en dat we, onder de leiding van iemand die dat heel goed kon, aan de hand van bijbelcitaten over van alles en nog wat filosofeerden. Dat vond ik echt te gek. De twijfel ontstond toen me verboden werd om mijn vrijdagse lessen aan de Jeugdtheaterschool naar de zaterdag uit te breiden. Dat mocht niet van God, niet van de kerk, niet van mijn stiefvader die daar in die jaren predikant was. Ik begreep het niet. Hoe kon iets waar ik zoveel voldoening uit haalde fout zijn? Het kwam bovenop al de andere dingen die ik niet mocht van mijn moeder. Ik denk wel eens dat ik zo’n workaholic ben geworden omdat ik alles wil inhalen wat ik vroeger niet heb kunnen of mogen doen.”

V Eer uw vader en uw moeder

“Hoe ze elkaar gevonden hebben, weet ik niet precies. Hij was een zeeman, deed iets met morsecodes of zo, en meerde op een dag aan in Chili waar hij, ergens op een hoge berg, mijn moeder is tegengekomen. Het was liefde op het eerste gezicht. Hij vertrok, kwam terug en nam haar mee naar Holland. Ik heb nog foto’s van hen samen: een prachtig stel. Ze kregen al snel twee kinderen, maar na een paar jaar ging het verschrikkelijk mis. Mijn vader was een alcoholist en als hij teveel gedronken had, werd hij zeer gewelddadig. We moesten letterlijk voor hem op de vlucht. Mijn broertje en ik werden naar mijn knettergekke oma in Chili gebracht zodat mijn moeder in alle rust de scheiding kon regelen.

Ik was vier jaar oud. Ik herinner me nog heel goed hoe verschrikkelijk ik het vond om daar achtergelaten te worden. Na een half jaar werden we ineens weer opgehaald. Mijn moeder leerde een nieuwe man kennen, een lieve man, met wie ze nog een kind zou krijgen. Mijn biologische vader was helemaal buiten beeld; als hij al ter sprake kwam, dan was het altijd in de rol van boosdoener.

Acht jaar geleden ontving ik via Facebook een bericht: ‘Ik heb leverkanker, ik ga dood. Als je broer en jij me nog willen zien is dit jullie kans’. Ik had geen enkele herinnering aan hem; voor mijn gevoel was dit de eerste keer dat ik hem zou ontmoeten. We hadden afgesproken in een kroeg in Leiden. Het was een scène uit een surrealistische film. Mijn broer, die als oudste nog heel goed wist hoe gewelddadig het er bij ons thuis aan toeging, was vooral erg boos. Wat heb je ons aangedaan, wat heb je onze moeder aangedaan? Mijn vader heeft op een rare manier geprobeerd onder woorden te brengen hoe de situatie zo uit de hand heeft kunnen lopen. Het was een giftige relatie geweest, zei hij. Er kon niets meer ongedaan gemaakt worden, maar het gaf me wel voldoening om daar met hem aan tafel te zitten en er openlijk over te kunnen praten. Na die ontmoeting hadden we nog één afspraak gemaakt, maar de avond ervoor werd ik door iemand van het ziekenhuis gebeld: hij was overleden. Ik herinner me nog goed hoe kwaad ik werd toen ik er aan dacht dat hij me voor de tweede keer in de steek had gelaten.

Zo zal ik me hem herinneren: als de vader die er vandoor ging, de alcoholist, de man die mijn moeder – die in haar jeugd al de nodige littekens had opgelopen – onherstelbaar heeft beschadigd. Ze was bang voor de wereld, vertrouwde niemand meer en met die angst zijn wij door haar opgevoed…

Lastig, dit. Ik heb heel lang nagedacht over wat ik je precies zou willen vertellen. Ik wil graag openhartig zijn, maar er zijn zoveel pijnlijke herinneringen. Mijn moeder was grillig: er werd me veel verboden en áls ze ergens een keer toestemming voor gaf, kon ze die de volgende dag weer intrekken. Ik voelde me niet veilig thuis, kon met mijn verdriet niet bij haar terecht… De situatie heeft zich zo eindeloos voortgesleept, met moeilijke gesprekken en veel onbegrip, tot ik, inmiddels twee jaar geleden, besloot om het contact met haar te verbreken. Iedere ontmoeting was een confrontatie; ik werd er keer op keer aan herinnerd dat ze niet kon zien wat ze mij had aangedaan. Tegelijkertijd zag ik haar gebroken ziel en begreep ik dat ze niet in staat was geweest om het anders te doen. Het is erg verdrietig allemaal, maar door me helemaal van haar los te maken, kon ik ook mijn trauma’s overwinnen en eindelijk rust vinden. Weet je wat voor mij nu de belangrijkste vraag is? Wie ben ik, los van al die trauma’s, los van mijn verleden? Daar probeer ik achter te komen. Ik ben een aardig eind op weg, geloof ik. Steeds een stukje dichter bij de vrijheid in mijn hoofd.”

‘Ik krijg op de voorstelling veel reacties van mensen die al langer wilden stoppen met drinken.’ Beeld Mark Kohn
‘Ik krijg op de voorstelling veel reacties van mensen die al langer wilden stoppen met drinken.’Beeld Mark Kohn

VI Gij zult niet doodslaan

“Misschien was de hang naar zelfdestructie wel iets wat mijn vader en ik deelden. Hij heeft zich letterlijk dood gedronken – toch een vorm van zelfmoord – en ik was ook hard op weg. Niet dat ik suïcidaal was, maar het kon me heel lang niet zo veel schelen hoe het met me zou aflopen. Na de Toneelacademie had ik een tijdje niets te doen, geen enkel vooruitzicht, dus verloor ik mezelf in mannen en drank waardoor ik langzaam maar zeker in een donker gebied terecht kwam waar alleen de verdoving nog telde: niks meer te weten, niks meer te voelen. In die periode heb ik niet alleen mezelf maar ook anderen pijn gedaan.

Misschien kan ik met mijn voorstelling iets terugdoen. Ik krijg in ieder geval veel reacties van mensen die al langer wilden stoppen met drinken, of die ontroerd raken door de manier waarop ik – met al m’n gekkigheid, absurditeit en energie – over mijn problemen met het middel alcohol praat. Ik ben er niet bang voor dat ik straks als ‘die vrouw met dat alcoholprobleem’ de boeken inga, ik kom ook niet met alcoholvrij Stephanie Louwrier-bier op de markt of zo. Ik loop al een tijdje mee, dus ze weten inmiddels wel dat er meer in mij zit dan dat ene verhaal.”

VII Gij zult niet echtbreken

“Meestal maakte ik, uit angst om verlaten te worden, zelf maar een einde aan mijn relaties, maar ik ben nu al zeven jaar met een bizar leuke, bijzondere man. Eerst kon ik het niet geloven: waar heb ik deze man aan verdiend? Toen vond ik mezelf nog zo’n slecht mens… Ik ben een stuiterbal, ga alle kanten op. Hij zegt: kaders geven vrijheid. Dat is waar. Ik kom nu veel meer tot rust, neem de tijd om aan mezelf te werken en het mooie is dat hij tegelijkertijd bezig is met zelfontwikkeling. We voelen elkaar helemaal aan. Hij is pas 41 maar heeft al twee kinderen, van 21 en 17. Eerst was het nogal confronterend: van een rock & roll-leven naar het stiefmoederschap, maar de grootste schok kwam natuurlijk toen er allerlei dingen van vroeger werden getriggerd. Hoeveel therapie ik inmiddels ook al had gevolgd: ik begon toch veel te herhalen van wat ik thuis had meegemaakt. Het is gelukkig helemaal goed gekomen. Ze horen erbij en ik hoop dat ze… god, nou begin ik tóch nog te huilen… ik hoop dat ze, ondanks het feit dat ik weleens tekortschiet, voelen en ervaren hoeveel ik van hen houd. Ik ben heel dankbaar dat ze op mijn pad zijn gekomen. Het is mede dankzij hen dat ik denk: misschien moet ik de gedachte dat ik het niemand mag aandoen om moeder te worden eens gaan loslaten. Misschien kan ik wat ik heb gemist teruggeven aan een volgende generatie en de cirkel doorbreken.”

VIII Gij zult niet stelen

“Eenmaal terug uit Chili, moest ik weer zo snel mogelijk Nederlands leren. Mijn moeder was als de dood dat ik als een buitenlander zou worden gezien. Mijn haren werden blond geverfd en ze probeerde me letterlijk – door elke avond aan mijn benen te trekken – een beetje op te rekken. Ik moest net zo zijn als al die andere lange Hollandse meiden, opgaan in de massa. Misschien ben ik daarom, als tegenreactie, het toneel opgestapt; daar kon ik met mijn temperament wel uit de voeten, daar kon ik terughalen wat ze van me hadden afgepakt: mijn Chileense identiteit.”

IX Gij zult geen valse getuigenissen spreken tegen uw naaste

“Sinds ik gestopt ben met die alchohol is er een knop omgegaan. Ik ben klaar met mezelf te verstoppen, klaar met mezelf kleiner te maken. Ik probeer eerlijker te zijn. Zuiverder. Als ik me slecht voel, ga ik het niet meer wegdrinken en kom dan bij twee opties uit: blijf ik in deze emotie hangen of ga ik er iets aan doen? Ik kies voor het tweede. Ik wil niet met zo’n blok aan mijn been blijven rondlopen, niet denken: andere mensen kunnen dit beter, niemand zit op mij te wachten. Ik wil mezelf ook letterlijk laten zien. Ik heb jarenlang gedoe gehad met mijn lijf, deed steeds te grote kleren aan, tot iemand zei: ‘Je hebt een hartstikke mooi lichaam, waarom laat je het niet zien?’ Met als gevolg dat ik nu halfnaakt op het podium sta… nee, wacht dat dééd ik al, maar dan speelde ik toch een ander. Nu ben ik het. Ik omarm wie ik ben en ik hoef mezelf niet langer weg te cijferen.”

X Gij zult niet begeren uws naasten huis; gij zult niet begeren uws naasten vrouw, noch zijn dienstknecht, noch zijn dienstmaagd, noch zijn rund, noch zijn ezel, noch iets dat van uw naaste is

“Op de Toneelacademie wisten ze niet wat ze met me aan moesten. Stephanie Louwrier, wie is dat nou eigenlijk? Welk genre beoefent ze? Waarom kiest ze niet voor één ding? Dit is commercieel zó onhandig. Ik ben actrice, theatermaker, zangeres, presentatrice, regisseuse… o en ik ben door uitgeverij Podium gevraagd om een boek te schrijven dus ik mag mezelf straks ook nog schrijver noemen. Het gaat niet over geldingsdrang en ik ben ook helemaal niet jaloers op mensen die in één ding uitblinken; ik wil gewoon het beest in mij op zo veel mogelijk manieren laten spelen. Zodra het te comfortabel wordt, verzin ik iets nieuws. Nog groter, nog uitzinniger. En ja, dat zou best iets te maken kunnen hebben met de manier waarop ik vroeger werd beknot. Door het plafond gaan en vrij zijn. Dat is wat ik begeer.”

De voorstelling Show must go on’ is van 12 tot en met 16 augustus te zien tijdens het Theaterfestival de Parade in Amsterdam. Daarna volgen nog: 20 augustus op het Lowlands Festival, 3 september in de Kleine Komedie Amsterdam, 7 september in de Stadsschouwburg in Utrecht en 15 september in Lieve Vrouw te Amersfoort.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden