Beeld -

Klein verslag Wim Boevink

Snelle mannen, op de top van hun kunnen, leven gevaarlijk

In de kamer waarin ik zit te schrijven staat zacht de televisie aan. Een documentaire over Ayrton Senna, de grote Braziliaanse coureur is erop te zien.

Ik kijk er af en toe met een schuin oog naar, vooral als er grofkorrelige beelden te zien zijn van Senna’s onboard camera: de schokkerige blik over de motorkap, de voorbijvliegende bochten. Het zijn de beginjaren negentig van de vorige eeuw.

Als ik ervan wegkijk, probeer ik me te concentreren op de in het Duits vertaalde debuutroman ‘Morphin’ – Morfine – van de Poolse auteur Szczepan Twardoch.

In eigen land een bestsellerauteur, schreef de Frankfurter Allgemeine, en plaatste een grote foto van hem in het cultuurkatern van de krant.

Die foto, u ziet hem hier, trok mijn aandacht. Twardoch is een fotomodel, hij poseerde voor Mercedes.

Morphin vertelt het verhaal van een verloederde, in de oorlog gewond geraakte en aan morfine verslaafde Poolse reserveofficier in het Warschau van 1939.

Een bezet Warschau. Een Warschau als een poel van verderf. Het wemelt in de stad van de impotente en laffe mannen, die alleen nog de beest willen uithangen.

Dat de officier uiteindelijk toch bij het verzet belandt, is geen moedige daad, maar een vergissing.

Goudenkettinkjesmannelijkheid

Dit Warschau is een zondenpoel, zo heel anders dan de huidige officiële geschiedschrijving van de rechts-conservatieve regering zich het Warschau van toen voorstelt: als een centrum van patriottisme. Ik bestelde het boek meteen toen ik dit alles in die Duitse krant las en toen het op tafel lag, vroeg ik een Poolse kennis hoe ik de voornaam van de auteur moest uitspreken, Szczepan. “Dat is heel moeilijk”, zei hij. “Dzjepan.” Ik sprak hem na. Dzjepan.

Een jonge, rebelse schrijver. Geboren in 1979 in een gehucht in Silezië, waar men Silezisch spreekt, een mengeling van Duits, Pools en Tsjechisch. Silezië dat een speelbal was van grootmachtbelangen, nu eens Pools, dan weer Duits, dan weer Russisch.

Ook daarover, over zijn Silezische ‘Hajmat’, heeft Twardoch een eveneens in het Duits vertaalde roman geschreven: ‘Drach’. Een homogeen ­Polen heeft voor hem nooit bestaan en Twardoch provoceert zijn landgenoten graag met snelle auto’s en met wat de Frankfurter zijn ‘goudenkettinkjesmannelijkheid’ noemt.

Terwijl Senna racet, begin ik in Morphin. Onze officier wordt wakker met een kater.

‘Schedel, stank. De schedel dreigt uit elkaar te barsten. De tong een dorre, dode slak, rauw.’

Dan zie ik uit een ooghoek: Imola 1994. Senna’s laatste race. Zijn jarenlange concurrent Alain Prost is opgehouden met racen. Nu zit Michael Schumacher achter hem aan.

Senna in pole position. Zesde ronde, weer zijn boordcamera. Weer die motorkap, die voorbijvliegende bochten. Dan die ene bocht, niet te moeilijk te nemen, maar Senna’s stuur lijkt te blokkeren, hij rijdt rechtdoor, keihard tegen de wand, de wagen stuitert terug in de richting van de baan, een deel ervan is geplet. De coureur zit nog in zijn stoel, zijn gehelmde hoofd zijwaarts geknikt.

Szczepan Twardoch gaat internationaal doorbreken, denk ik.

Snelle mannen, op de top van hun kunnen, leven gevaarlijk.

Met het oog van een antropoloog en de pen van een dichter doet Wim Boevink dagelijks verslag over de grote en kleine wereld om hem heen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden