Klein Verslag Wim Boevink

November. Voor de zwaarmoedigen is de moeilijke periode aangebroken

De temperaturen dalen, stapsgewijze, ze komen niet meer boven de tien. We leven in een gematigd klimaat, leerde ik vroeger op school. Dat is zeker vijftig jaar geleden, maar nog onverminderd waar.

We kennen deze novembers, de waterkou, de grijze hemel, het vallend blad. Voor de zwaarmoedigen breekt een moeilijke periode aan, die tot diep in februari gaat duren en zich soms uitbreidt tot in maart, als het licht langzaam hoger klimt. En onderweg de berg die Kerst heet.

Ik ken die zwaarmoedigheid, ik erfde hem van mijn vader. Bij hem zette in zulke periodes een zwijgen in, de blik verdonkerde, hij liet het rumoerige gezinsleven passief aan zich voorbijgaan, in zich gekeerd in zijn stoel.

Een depressie hield hem maandenlang thuis, het woord ‘burn-out’ gebruikte men nog niet. Zwaar was het voor mijn moeder, die geen contact met hem kreeg.

Niet de diepte

Als ik schrijf dat ik die zwaarmoedigheid erfde, dan bedoel ik de aanleg, niet de diepte, de afgrondelijkheid ervan. Hij kleurt wel mijn blik, maar verlamt me niet. Ik heb de erfenis nooit volledig willen aannemen.

En zo loop ik, weggedoken in mijn jas, op een waterkoude novemberdag door de Verwersstraat in Den Bosch, een straat met dure mode, luxury fashion, op het grijze uur voor opening van de winkels.

Op een hoek is een karakteristiek oud pand, een monument, met een uithangbord. Daarop staat de naam van Addy van den Krommenacker. De bekende couturier. Ik had een filmpje van hem voorbij zien komen waarin hij verdrietig het faillissement van zijn winkels aankondigde. De mensen kochten alleen nog maar online. Ze zaten niet meer op goed advies in een winkel te wachten.

Ja, de winkel is gesloten, zo te zien niet alleen vanwege het ochtenduur.

Achter de voordeur is nog een getralied hek. In de etalage hangt een laatste lijn: ‘Out of Africa’. Een jurk, een blouse, nog een jurk. In khaki. De kleur van woestijnstof.

Ik tuur – handen langs mijn slapen – naar binnen. De winkel hangt vol khaki. In de schemering staat de couturier zelf, gebogen over een balie. In een khaki-winterjas. Even later zie ik hem vertrekken, met een rolkoffer.

Hartverscheurende troosteloosheid

Ik voel de zwaarte van november ook als ik een aanbod krijg voor een woning in een nieuwbouwwijk. Bij de foto’s is er één van de tuin. Nieuwe, manshoge schuttingen van de bouwmarkt rondom onduidelijk groen, een pad van losse stenen in het midden. Een schuurtje in de hoek. Het is van een hartverscheurende troosteloosheid.

Kijk, zegt de foto, ruimte waar we geen raad mee weten. Het is uw vrije uitloop.

Mededogen opwekkend zijn ook dikwijls voortuinen, die ongelukkige ruimte tussen voordeur en trottoir, volledig bestraat, met een enkele struik, altijd groen, dus ook in november, nooit om aandacht vragend.

Die avond sta ik in een supermarkt en bezie vernevelaars ragfijne waterdruppels sproeien over in plastic verpakte groenten. Nee, geen jonge sla, net geplant, in vochtige bedjes.

Iets drijft me naar de kant-en-klaarmaaltijden. Daar, strak in een mal, aardappelen, jus. Cordon bleu. Zes min opwarmen. In gedachten hoor ik de pling.

November. 

Met het oog van een antropoloog en de pen van een dichter doet Wim Boevink dagelijks verslag over de grote en kleine wereld om hem heen. Abonneer je op zijn column in onze mobiele app en lees hem als eerste.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden