Beeld Jörgen Caris

Column Erik Jan Harmens

Had ik al gezegd dat het goed is, dat mijn kinderen allebei het huis uit zijn?

Binnen mijn vriendenkring was ik de eerste die vader werd. Nu zijn mijn kinderen allebei het huis uit en heb ik zogezegd de handen weer vrij, terwijl anderen net in de luiers zitten. Als ik na het babybezoek buiten sta, denk ik aan al die één-minuut-voordat-ik-naar-een-belangrijke-afspraak-moet-ondergespuugde-overhemden en aan al die god-in-de-hemel-laat-me-één-minuut-doorslapen-nachten van twee decennia geleden en kan ik een binnensmonds gna gna niet onderdrukken.

Eenmaal thuis is mijn leedvermaak al weggekwijnd, want wat is het stil in huis. Het enige wat ik hoor is het mechanisch ventilatiesysteem, dat dag en nacht schone lucht rondblaast. Toen mijn kinderen nog thuis woonden hoorde ik het blazen nooit, nu wel. Fffffffff, doet het. Fffffffff.

Allebei mijn kinderen zijn het huis uit en dat is goed. Vragen mensen of ik last heb van het legenestsyndroom, dan antwoord ik: een beetje, maar het is óók goed. Ik denk dat ik dat positieve zo benadruk omdat mijn moeder toen ik op mijn 19de aankondigde dat ik op kamers ging wonen, zei: ‘Nou, dan heeft mijn leven ook geen zin meer. Ik spring wel van de flat’.

Ik ging toch. Mijn moeder sprong nooit. Het eerste jaar kwam ik nog wel elke vrijdag naar huis met een walmende weekendtas vol was, maar daar kwam de klad in. Soms belde ze en vroeg ze met onvaste stem: “Denk je nog weleens aan me?”

Ik wil dat dat uit huis gaan voor mijn kinderen een feest is. Daarom zwaai ik ze liefdevol en vol trots uit, maar ik mis ze wel. Ik mis hun geluiden die het mechanisch ventilatiesysteem in mijn huis niet langer overstemmen, ik mis samen ‘The Voice of Holland’ kijken en ook het onderhandelen in menig snackbar over welk ijsje ze mochten. Zij hoog inzetten (een Magnum), ik laag (een Raket) en als wereldleiders tijdens een top kwamen we dan uiteindelijk ergens in het midden uit (een Split).

Had ik al gezegd dat het goed is, dat mijn kinderen allebei het huis uit zijn? Het is goed. Wel moet ik wennen aan de zeeën van tijd die ik ineens heb. Pas heb ik een hele roman uitgelezen. Daarna maakte ik soep en weet je wat ik daarin deed, in die soep? Dragon! Dragon in de soep! Je maakt wat mee, in een stil huis.

Schrijver en dichter Erik Jan Harmens over de prikkels die het druk maken in zijn hoofd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden