Jelle Brandt Corstius (rechts) en Jeroen Toirkens.  Beeld Trouw
Jelle Brandt Corstius (rechts) en Jeroen Toirkens.Beeld Trouw

Achter de schermenBorealis

Jelle Brandt Corstius en Jeroen Toirkens reisden vier jaar door het bos voor Borealis. ‘Ik ben geen bomenknuffelaar geworden’

In vier jaar tijd reisden journalist Jelle Brandt Corstius en fotograaf Jeroen Toirkens acht keer af naar de meest noordelijke bossen op aarde. Het leidde tot een reeks bijzondere verhalen en foto’s, die behalve in Trouw ook verschenen in boekvorm en als tentoonstelling, in Den Haag én Anchorage, Alaska.

Sabine Kok

Hij voelt nog steeds het topje van zijn pink niet. Na een barre rit op de sneeuwscooter bij zo’n 40 graden onder nul kreeg hij in Canada last van bevriezingsverschijnselen, vertelt journalist en programmamaker Jelle Brandt Corstius. Fotograaf Jeroen Toirkens zag bijna een filmrol aan materiaal verloren gaan, die hij worstelend met drie handschoenen over elkaar heen niet meer dichtgeplakt kreeg. De kou is een van de dingen die beiden het meest is bijgebleven van de reizen die ze sinds 2016 maakten.

Alle verhalen van Borealis in een extra Digitale Editie

Abonnees van Trouw lezen op zondag 12 september een extra uitgave van de Digitale Editie die in het teken staat van Borealis. Lees hier hoe je de Editie op tablet of mobiel kunt installeren.

De gevolgen van de opwarming van de aarde

Acht waren het er, naar onder meer Noorwegen, Rusland en Alaska. Reisdoel: de meest noordelijke bossen ter wereld. Want in deze ‘boreale’ zone staat maar liefst 30 procent van alle bomen op aarde. Het is een gordel van vooral naaldbomen die zich uitstrekt over Europa, Azië en Noord-Amerika.

Maar het ging het duo niet alleen om de vegetatie, ook om de mensen die in de gebieden wonen en werken. Aan den lijve merken die nu al de gevolgen van de opwarming van de aarde, door het toenemend aantal bosbranden bijvoorbeeld, maar ook door de lente die steeds wat eerder begint, en de herfst die steeds later overgaat in de winter.

De reeks verhalen is behalve in Trouw ook in boekvorm uitgebracht, onder meer in een luxe cassette met van elke reis een herinnering, zoals een essay, fotoprint of een opmerkelijke vondst uit het bos. Ook is in het Fotomuseum Den Haag nog tot 3 oktober de tentoonstelling Borealis, Life in the Woods te zien, die daarna doorverhuist naar Anchorage Museum in Alaska. Op 19 november is de opening, het hele jaar erna blijft de expositie te bezoeken.

Met de tentoonstelling in Alaska komt na vijf jaar een einde aan Borealis. Wat stond jullie in 2016 voor ogen?

Jelle Brandt Corstius: “Jeroen en ik werkten eerder samen aan de reeks Nomad, over de laatste, bedreigde nomadenvolken. Naar zoiets zochten we weer: een meerjarig project in de slow-journalismtraditie op meerdere locaties, waarmee we echt de diepte ingaan. Toen kwamen we op het idee om het nu eens niet om een persoon of groep te laten draaien, maar om een boom. Niet veel mensen weten dat het boreale bos de grootste vegetatiezone is. Er staan meer bomen dan in de Amazone. Ook voor ons was dat een eyeopener – en een mooi uitgangspunt voor een nieuwe serie. Die hebben we trouwens voor een groot deel dankzij crowdfunding kunnen realiseren, er is geen subsidie aan te pas gekomen.”

Jeroen Toirkens: “Het woud als hoofdrolspeler vroeg om een heel andere manier van vertellen dan het nomaden-project, waarbij het vooral om mensen draaide. Dat speelde zich af op de lege, weidse steppe, waar je altijd de horizon kan zien. Nu bevonden we ons in de benauwde ruimte tussen de bomen. Daar fotografisch een vorm voor vinden was een nieuwe stap. Zo heb ik elke dag één boom geportretteerd, niet als onderdeel van een groter geheel, maar als karakter in ons verhaal. Al zijn de bossen redelijk uniform – veel dennen, sparren, lariksen en een enkele berk – op elke plek was de ervaring anders. In Schotland kon ik voor het eerst wat meer afstand nemen. Er is daar veel gekapt, maar hier en daar zijn nog plukjes bejaarde bomen bewaard. Eén ervan is op de boekcover terechtgekomen. Een iconische boom zoals je die in sprookjes tegenkomt. Als je er een tekent, teken je ’m zo.”

De gebieden die Jelle Brandt Corstius en Jeroen Toirkens tijdens hun reizen bezochten. Beeld
De gebieden die Jelle Brandt Corstius en Jeroen Toirkens tijdens hun reizen bezochten.

De reizen brachten jullie naar de verste uithoeken van de wereld, naar bewoners die hun leven lang keihard hebben gewerkt onder zware omstandigheden – vaak niet bepaald vlotte praters. Hoe kwamen jullie hen op het spoor?

JT: “Elk verhaal heeft een eigen invalshoek. In Japan hadden we contact met de universiteit en verbleven we op de campus in het bos waar het onderzoek plaatsvond. Tegenover dat wetenschappelijke perspectief stonden meer persoonlijke reportages. We hebben gezocht naar variatie.”

JBC: “De meeste journalisten zullen dit al wel weten, maar ik ben erachter gekomen dat het belangrijker is om iemand te kennen die veel mensen kent, dan om veel mensen te kennen. In het uiterste noordoosten van Noorwegen bijvoorbeeld kwamen we in contact met een houtzager. Iedereen uit de Pasvik-vallei deed zaken met hem. Hij kende houthakkers, houtvesters, mensen die in de bosbouw werken – een heel waardevol contact.”

Wat heeft tijdens al die ontmoetingen de meeste indruk gemaakt?

JBC: “In Noord-Canada hebben we een week bij de Cree gezeten, een inheems volk dat veel bos bezat maar bijna alles daarvan heeft verkocht aan houtkapbedrijven. Ironisch is dat juist Greenpeace indirect verantwoordelijk is geweest voor het verdwijnen van dat bos. De gruwelijke beelden van jonge zeehonden die werden doodgeknuppeld gingen vanaf eind jaren zeventig de hele wereld over en sloegen in als een bom. Met grote gevolgen voor de Inuit, die afhankelijk waren van de zeehondenjacht, maar ook voor de Cree, die leefden van de handel in marter- en bevervellen. Niemand wilde ze meer hebben. Om in hun onderhoud te kunnen voorzien besloten veel Cree hun bos dan maar te verkopen. 90 procent is gekapt, een gebied ter grootte van Nederland. Inmiddels zijn de verhoudingen verbeterd, maar lange tijd was Greenpeace niet welkom bij de Cree, al bood de organisatie hulp aan. Verhalen waarin je al die nuances ziet, die vind ik de mooiste.”

JT: “Je ziet dat ook terug in het leven van de Russische Gennady Tugushin. Hij woont met zijn vrouw in een verlaten dorp. Zij zou liever naar de stad verhuizen, maar hem krijg je met geen stok daar weg. Het bos is zijn leven. Toch is hij bewaker bij een bedrijf dat bomen kapt. In de herfst maken ze groenten uit de moestuin in, ’s winters zijn ze vooral binnen en maken ze het daar gezellig. Ik vond het heel bijzonder om de rauwheid en structuur van hun leven, ingegeven door de extreme klimatologische omstandigheden, van zo dichtbij mee te maken.”

Er worden voor bomen die verdwijnen steeds vaker bomen teruggeplant. Een stap in de goede richting, zou je denken.

JBC: “Een bos is meer dan een verzameling bomen. Het bestaat ook uit een netwerk van schimmels en korstmossen waarmee bomen, gedeeltelijk ondergronds, voedingsstoffen uitwisselen en elkaar ondersteunen. Het duurt honderden jaren voordat dit web is hersteld. Ik ben steeds meer gaan beseffen dat er niet zoiets bestaat als duurzame bosbouw. Met de aanplant van jonge bomen, zoals dat in Canada op de kaalgekapte plekken gebeurt, heb je nog geen nieuw bos.”

JT: “Al zolang als er mensen bestaan leven ze samen met en in het bos. Toch is er gek genoeg nog heel weinig onderzoek gedaan – naar hoe bomen samenwerken bijvoorbeeld, en hoe ze reageren op elkaar en de omstandigheden. Wetenschappers zijn het lang niet altijd eens, en het blijft ingewikkeld om voorspellingen te doen.”

Afgelopen zomer was het op veel plaatsen zo heet en droog dat er bosbranden uitbraken. Hoe was dat in de noordelijke bossen?

JT: “In het begin van de zomer was het in Siberië al boven de 30 graden. We komen allebei al jaren in dit gebied en het klimaat is er zo extreem dat je ieder verschil merkt. Voor de bewoners heeft het grote gevolgen. Neem bijvoorbeeld de wegen over ijs die minder betrouwbaar worden. Sommige gebieden worden daardoor moeilijker te bereiken.”

JBC: “Het jaar 2019, toen wij verslag deden van de bosbranden, was al extreem, daarna is het alleen maar erger geworden. Vooral in Rusland zie je dat bosbranden de hele winter overleven. Ze smeulen ondergronds door en laaien in het voorjaar op als veenbranden, met schadelijke uitstoot van broeikasgassen tot gevolg.”

Klimaatverandering staat, onder meer dankzij het toenemende natuurgeweld en het recente klimaatalarm van het IPCC hoog op de agenda. Heeft Borealis iets bijgedragen aan het gevoel van urgentie?

JBC: “We hebben geen stempel op het debat gezet, die illusie heb ik niet. Ik zou al blij zijn als mensen dankzij onze verhalen beseffen hoe belangrijk de boreale zone is, en dat de bossen er niet altijd zullen zijn als wij niet goed voor ze zorgen.”

Hoe kunnen we dat het beste doen?

JBC: “De meest effectieve manier om écht wat te veranderen is de uitstoot van CO2 terug te brengen. Een krankzinnig nieuw inzicht dat ik kreeg toen ik onderzoek deed voor mijn boek, is dat het om klimaatverandering te voorkomen beter zou zijn alle bomen van het noordelijk halfrond te kappen. Sneeuw en ijs zijn gunstig voor het klimaat omdat ze licht terugkaatsen, maar op de bomen in de noordelijke bossen blijven die niet liggen. De ondergrond is daardoor donkerder, en dat leidt tot de opslag van warmte. Waarmee ik maar wil zeggen dat het planten van bomen, tegenwoordig vaak gepresenteerd als hét wapen in de strijd tegen de opwarming van de aarde, niet per se de beste langetermijnoplossing is.”

JT: “Het begint met bewustwording, en daar hebben onze verhalen hopelijk aan bijgedragen. Meer en meer jongeren kiezen ervoor geen of minder vlees te eten, ze vliegen minder. Dat stemt me positief. Al die kleine stappen bij elkaar kunnen een groot verschil maken.”

Jullie hebben de afgelopen jaren maanden in de bossen doorgebracht, verlangde je na verloop van tijd niet enorm naar een strandvakantie?

JT: “Het is eerder andersom, als ik er te lang niet ben geweest krijg ik heimwee. Ik heb een grote voorliefde voor extremen en ben graag in de Arctische gebieden.”

JBC: “Grappig genoeg ben ik tijdens dit interview, terwijl ik al bellend op zoek was naar een rustige plek om te praten, toch weer in een park beland. In het bos kom je tot jezelf, de kleur en de geur van bomen geven rust. Ik ben mede dankzij corona steeds meer gaan beseffen wat het bos met je gesteldheid kan doen, al ben ik ook weer geen bomenknuffelaar geworden. Als ik reportages maak in het buitenland kom ik vaak gejaagd en moe thuis. Na onze Borealis-reizen was ik ontspannen, een heel andere ervaring.”

Jelle is een ander carrièrepad ingeslagen en volgt nu een opleiding tot basisschoolleerkracht aan de pabo. Laat dat nog ruimte voor nieuwe samenwerking?

JT: “Ik ben al heel blij dat we dit project goed hebben kunnen afronden. We hadden net onze laatste reportage gemaakt toen reizen vanwege de pandemie onmogelijk werd. Zelf heb ik de coronatijd goed kunnen gebruiken om de laatste hand te leggen aan het boek en de tentoonstelling in Den Haag, en straks in Alaska. Er begint heel langzaam weer wat ruimte in mijn hoofd te ontstaan voor nieuwe ideeën.”

JBC: “Werken in het onderwijs trok me altijd al, maar de corona-uitbraak heeft voor een stroomversnelling gezorgd. Voor de VPRO maak ik een reportageserie in Rusland, maar we krijgen met zoveel beperkingen te maken en we hebben zoveel vergunningen nodig, dat die op de lange baan is geschoven, net als veel andere reisprogramma’s. Slechts 10 procent van alle Russen is gevaccineerd en de winter moet nog komen. Daar komt bij dat Poetin de pandemie aangrijpt om televisiemakers buiten de poort te houden. Meer in het algemeen ben ik bang dat het voor journalisten steeds moeilijker wordt in landen met repressieve regimes nog hun werk te doen. Met een camera kom je daar nauwelijks meer binnen, en het is de vraag of dat snel zal veranderen. Terwijl het zo belangrijk is om ook de verhalen van de mensen daar te vertellen.”

Alle verhalen van Borealis zijn te lezen via Trouw.nl/Borealis. Meer informatie over Borealis vindt u op de website www.borealisproject.nl. In het Fotomuseum Den Haag is de expositie Life in the Woods nog te zien tot 3 oktober.

Welke keuzes worden er gemaakt bij het schrijven van artikelen en hoe pakken wij ons onderzoek aan? In Achter de Schermen vertellen journalisten van Trouw hoe ze te werk gaan. Er is ook een Achter de Schermen podcast, die is hier te vinden. Of open hem via iTunes, Spotify of Google Podcasts.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden