Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Voedsel moet de trots zijn van boer én burger

Groen

Hans Marijnissen

Tjirk van der Ziel: ‘Als de boer zorgt voor goed grasland met klaver, levert de koe betere melk. En daar wil die consument best wat meer voor betalen.’ © Hanne van der Woude
De Staat van de Boer

De boer en burger zijn elkaar kwijtgeraakt, maar daar heeft Tjirk van der Ziel een oplossing voor: lokale teelt, regionale afzet, en de trots als bindende factor. In het concept van de ‘Herenboeren’ komt dat allemaal bij elkaar.

 Hij heeft een lange aanloop nodig gehad om tot dit inzicht te komen, maar Tjirk van der Ziel uit Ede kan zijn verhaal natuurlijk ook omdraaien. Net zo makkelijk begint hij met de oplossing, om daarna te beargumenteren waarom deze zo ideaal is.

Lees verder na de advertentie

Van der Ziel probeert deze zomer in zijn woonplaats zo’n 200 gezinnen warm te maken voor het concept van de ‘Herenboeren’. “Dat komt erop neer dat die 200 huishoudens allemaal eenmalig tweeduizend euro storten”, zegt hij, “waardoor er een beginkapitaal ontstaat van vier ton.” Daarmee wordt land gepacht en een boer aangetrokken die jaarrond voor de ‘Herenboeren’ aan het werk gaat. Iedere mond die van akkers mee-eet, betaalt daar wekelijks tien euro voor. Deelnemers die zich uit het project willen terugtrekken, krijgen hun inleg weer terug.

8 op de 10 boeren vinden dat de consument te negatief is

Van der Ziel ziet een bedrijf van 20 hectare voor zich, waarvan de helft voor ‘vlees’ is gereserveerd. “Voor koeien, varkens, kippen, maar ook voor de verbouw van veevoer, want dat gaan we natuurlijk niet uit Zuid-Amerika halen.” Op de andere 10 hectare is ruimte voor akkers en boomgaardjes die 60 á 70 steeds wisselende soorten groenten en fruit moeten leveren. “De producten kun je als consument zelf ophalen, maar ze worden ook overgebracht naar ophaalpunten bij biologische winkels of zo. Daarmee kunnen we ook afspraken maken voor het afnemen van overschotten of het aanvullen van tekorten.”

Wie denkt dat het plan van Van der Ziel utopisch is of zal verworden tot een soort gemeenschappelijke moestuin, die heeft het volgens hem mis. Het concept van de ‘Herenboeren’ draait al met succes in het Brabantse Boxtel en wordt op dit moment landelijk ‘uitgerold’. “Het mooie is dat de boer een gegarandeerd inkomen heeft, en de consumenten verzekerd zijn van kwalitatief voedsel uit eigen streek.”

Het laatste waar Van der Ziel zich zorgen over maakt, is of er wel landbouw­arealen beschikbaar zijn voor deze nieuwe vorm van voedselproductie. Van de achthonderd boeren in Ede en nabije omgeving, zullen er de komende jaren hoogstwaarschijnlijk maar tweehonderd overblijven, zo blijkt uit onderzoek. De rest kan het niet bolwerken of heeft geen opvolger. Van der Ziel kan in die overvloed dus kiezen. “Ik kan er niet te veel over zeggen omdat dit de prijs opdrijft, maar onze voorkeur gaat uit naar land dat al door de natuur is overgenomen of door een biologische boer is gebruikt. Anders moeten we eerst vijf jaar wachten voordat er weer leven zit in zo’n uitgeputte akker.”

De tekst loopt verder onder deze video over De Staat van de Boer.

Trots

De kernwoorden in Van der Ziels betoog zijn ‘regionaal’, ‘gezond’ en ‘trots’, begrippen die juist zo onder druk staan in de huidige agrarische praktijk. De overtuiging voor het eerste ontstond bij hem in 2001 toen hij als economisch-geograaf promotie-onderzoek deed in de Achterhoek en langs de IJssel plotseling de MKZ-crisis uitbrak. Een groot gebied ging op slot, en al het vee werd afgemaakt. “Mond-en-klauwzeer is een behoorlijk stevige ziekte, maar dieren gaan daar níet dood aan en zelfs de melkproductie komt weer terug. Daar is een vaccin voor dat na de Tweede Wereldoorlog jaarlijks verplicht werd toegediend.” Maar, zegt Van der Ziel, dat is in de jaren negentig onder druk van de Amerikanen en Japanners afgeschaft omdat het vlees ‘zuiver’ moest zijn. Het mocht geen sporen van het vaccin bevatten.

Producten uit de eigen buurt zijn niet leuker omdat ze uit de eigen buurt komen, ze zijn ook kwalitatief beter, zeggen consumenten

Tjirk van der Ziel

“Bij de uitbraak werden alle dieren alsnog gevaccineerd, dus had de driehoek Zwolle-Apeldoorn-Deventer eigenlijk het gezondste vee van het land, maar dat mocht het gebied niet uit. De export lag stil, en omdat de regio zelf geen slachthuis had met een eigen regionaal afzetgebied, moest gezond vee worden vernietigd.” Juist in dit gebied bevonden zich middelgrote boerderijen met wat Van der Ziel ‘robuust’ vee noemt: met inheemse historische foklijnen. En ook al het hobby-vee moest eraan geloven. “In de pers is destijds gesuggereerd dat de boeren krokodillentranen huilden omdat ze toch nieuw vee kregen. Niets was minder waar. De diepte van het verdriet van die volstrekt onnodige verdelging van de trots van de streek, is door Nederland niet gevoeld.” In die crisis waren de banken de hoofdrolspelers, de overheid en de eigen standsorganisaties, zegt hij. “Maar de boer zelf was klein en werd vanwege het beeld van de gruwelijke ruimingen door de milieubeweging weggezet als crimineel.”

De crisis overtuigde Van der Ziel van de noodzaak van regionale agrarische ketens met slachthuizen en zuivelfabrieken in de streek, alleen al vanwege het feit om bij calamiteiten te kunnen compartimenteren. Dat wil niet zeggen dat hij vindt dat de export niet belangrijk is. Maar naast die megaproductie voor de wereld, kunnen heel goed regionale systemen bestaan voor nationaal ‘eigen gebruik’.

Gezond

Hij is in die overtuiging gesterkt toen Van der Ziel een paar jaar geleden aan aderverkalking bleek te lijden. Een stent bracht uitkomst, maar daarna bleken ook kleinere aderen dicht te slibben op plekken waar ingrijpen niet mogelijk is. “Ik sprak met een jonge cardioloog over het reinigend vermogen van gezond voedsel en er is nog geen sluitend wetenschappelijk bewijs voor, maar de specialist beaamde wel dat bepaalde voedingstoffen het lichaam kunnen versterken en aderen kunnen verschonen.” Hij zei: als u op dieet gaat, proberen we het met minder medicijnen.

En zo is het gegaan. Van der Ziel is opgehouden met zuivel, vlees en eet zo weinig mogelijk bewerkte producten. Hij drinkt daarentegen véél granaatappelsap en rode bietensap, en eet noten, pitten en fruit. “Nu hoeft niet heel Nederland aan het sap”, zegt Van der Ziel, maar hij merkt tegenwoordig als marktonderzoeker bij The Food Research Company in Ede wel dat de Nederlanders op zoek zijn gezonde voeding.

“Ik houd me in die functie bezig met de allerjongste generatie consumenten. De huidige tieners, de digital natives, zijn voor het eerst helemaal digitaal opgegroeid.” Die consumentengroep heeft volgens hem twee kenmerken. Ze is kritisch als het gaat om duurzaamheid en kwaliteit van voedsel. Ze koopt straks als ze op eigen benen staat gewoon geen producten meer die een lange weg hebben afgelegd. “Producten uit de eigen buurt zijn niet leuker omdat ze uit de eigen buurt komen, ze zijn ook kwalitatief beter, zeggen ze.”

Maar misschien nog belangrijker is dat deze jonge consumenten de macht weer naar zich toetrekken, aldus Van der Ziel. Zoals ze geen televisie meer kijken maar Netflix, zo laten ze zich straks ook niet meer verleiden door het aanbod van de supermarkt, maar bepalen ze veel meer zelf wat voor eten zij al dan niet online aanschaffen. “Ik kan je verzekeren dat dit onderwerp hoog op de agenda van de supermarkten staat. Ze moeten wel meebewegen met de vraag van straks.”

Op dit moment is al één miljoen Nederlanders min of meer bewust met voedsel bezig. Van der Ziel heeft het zelfs over een maatschappelijke beweging. Dat ziet hij ook op de avonden in Ede waarop hij en zijn ‘kartrekkers; de plannen voor de ‘Herenboeren’ uitwerken. “De helft van de avond gaat over het zaaiplan en de techniek, de andere helft praten we over de groep. Er ontstaat echt een gemeenschap rond iets wat ons allemaal raakt: voedsel.”

Een groeiend deel van Nederland is volgens hem klaar met het anoniem verpakte eten voor de magnetron, wie weet waar het vandaan komt en hoe het is geproduceerd? Consumenten kijken weer naar het erf. Ze kopen vers-pakketten en groentetassen, drinken lokaal bier en het brood van de eigen molen is nóg lekkerder.

“Dat gevoel is heel belangrijk, en ook bruikbaar.” En hij haalt er de Vrede van Munster bij om dat te onderstrepen. Om het einde van de Tachtigjarige Oorlog te vieren werd voorop in de optocht een koe meegetorst, hoog en voor iedereen zichtbaar, als symbool van de welvaart. Koeien figureren ook in de schilderijen uit de Gouden Eeuw. Nederlanders vinden helemaal niet dat de koe in de wei hoort vanwege dierenwelzijn, maar omdat ze deel uitmaakt van de culturele erfenis. “Dat is het sentiment dat we moeten aanboren: de trots. Boerentrots en burgertrots.”

Maar daar hoort ook een zekere verantwoordelijkheid bij. Als de boer zorgt voor goed grasland met klaver, en geen krachtvoer meer gebruikt, dan levert de koe betere melk. En daar wil die consument best wat meer voor betalen.” Maar vooralsnog moet Van der Ziel eerst op zoek naar Edenaren die Herenboer willen worden. Nog negentig te gaan. 

De Staat van de Boer is het grootste opinieonderzoek dat ooit onder agrariërs is gehouden. Met het onderzoek, en de verhalen die deze zomer volgen, wil Trouw een eerlijk en open debat over de makers van het voedsel van Nederland stimuleren. Lees meer over De Staat van de Boer op destaatvandeboer.trouw.nl.

Deel dit artikel

8 op de 10 boeren vinden dat de consument te negatief is

Producten uit de eigen buurt zijn niet leuker omdat ze uit de eigen buurt komen, ze zijn ook kwalitatief beter, zeggen consumenten

Tjirk van der Ziel