*

 
dossier

Sylvain Ephimenco

Armoede

Sylvain Ephimenco − 09/12/11, 23:30

column De smaak van de armoede kan ik me redelijk goed herinneren: een flink stuk stokbrood dat met olijfolie was besprenkeld en waarop een snufje zout was gestrooid.

Meer kon mijn grootmoeder Carmen haar kleinkind niet aanbieden. Het woord armoede hebben mijn grootouders toch nooit in de mond genomen. Ze hadden een dak boven hun hoofd en geen honger. Misschien zijn dat ook wel de twee elementen die de armoedegrens aangeven: een dak met een gevulde provisiekast eronder.

Heerst er armoede in Nederland? Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) vindt van wel en trekt de grens rond 998 euro per maand per persoon. Premier Rutte vindt van niet. Volgens hem is er hier geen armoede, maar zijn er wel lage inkomens.

Gisteren erkende Trouw in het commentaar dat armoede in Nederland niet zo erg is als in bijvoorbeeld Pakistan. En toch moet men het begrip armoede in Nederland niet loslaten, wil men de aandacht ervoor niet devalueren.

Ik zie het anders: door het woord armoede hier, in dit rijke land, te handhaven, devalueert men het begrip en schoffeert men het deel van de wereldbevolking dat onder de echte armoedegrens leeft.

Vroeger zei men dat je hier geen honger kon hebben maar hooguit trek. Honger was voor Afrika. Het lijkt dat dit principe van gezond calvinistische relativering, uit politieke overwegingen ('zie hoe verkeerd het bezuinigingsbeleid van deze regering uitpakt') wordt losgelaten. Het schijnt dat we situaties die zich 'aan het andere eind van de wereld' (het commentaar) voordoen, beter niet kunnen vergelijken met de onze.

Waarom niet? Honger en kou zijn universele begrippen die op mensen, waar ook ter wereld, hetzelfde desastreuze effect sorteren. Voor de Wereldbank ligt de armoedegrens in veel landen, waaronder Pakistan, op 1,25 dollar per persoon per dag (37,50 dollar per maand). In Nederland ligt die grens op omgerekend
1330 dollar per maand.

Uit nieuwsgierigheid ben ik gisteren, dankzij internet, mijn boodschappen in het Pakistaanse Lahore gaan doen met in mijn portefeuille die armoedige 37,50 dollar. Stel je eens voor, zei ik tegen mezelf, dat ik mijn hele Pakistaanse maandbedrag aan maar één basisproduct zou willen besteden.

Ik begon met melk die in Lahore 0,88 dollar per liter kost. Mijn Pakistaanse portemonnee was goed voor 42 liter. Ik deed hetzelfde in Nederland waar een liter 0,99 euro kost. Met het armoedebedrag van 998 euro dat het SCP hanteert, kon ik 1008 liters kopen. Een kilo aardappelen? In Lahore (0,39 dollar per kilo) kocht ik 96 kilo terwijl ik in Nederland (0,66 euro per kilo) een aanhangwagen nodig had voor mijn 1512 kilo. Zo kon ik als armoezaaier 76 broden van 500 gram in Lahore kopen terwijl ik als armoelijder in Nederland 1559 halfjes van 400 gram hamsterde. Eieren? 511 in Lahore terwijl ik met 7984 eieren in Nederland een redelijke omelet kon bakken.

Volgens Pakistaanse cijfers moet men 3,66 dollar per dag uitgeven om de nodige 2000 calorieën aan voedsel te kopen. Drie keer meer geld dan de Pakistaanse armoedegrens dagelijks toestaat. Hoewel armoede relatief is, besloot ik na mijn afmattende boodschappentocht in Lahore, het begrip armoede in Nederland toch maar niet te hanteren.
mailIcon print | |

Plaats een reactie!

Deel jouw mening met de andere bezoekers

Aan het laden ...
<spring:message code='commonMessages.loading' />