column
Ze proberen het weer. Leiders van diverse moslimlanden - Turkije, Pakistan, Egypte, Iran - pleitten deze week op de jaarlijkse top van de Verenigde Naties voor 'internationale wettelijke maatregelen' ten einde godslastering strafbaar te stellen. Ook de OIC, de Organization of Islamic Cooperation, ijverde daarvoor.
Het is, zacht gezegd, niet nieuw dat de islamitische naties trachten blasfemie wereldwijd te verbieden. In de zogeheten VN-Mensenrechtenraad keert het thema sinds begin jaren negentig met vaste regelmaat terug.
De pogingen stranden steevast op de onwil van het Westen. Dat houdt, althans tot op heden, vast aan het even zindelijke als simpele standpunt dat de Universele Rechten van de Mens bedoeld zijn voor mensen - en niet voor religies. Vermoedelijk denken de islamitische naties dat de geesten nu rijp zijn voor de visie die zij eropna houden. Vermoedelijk hebben ze gelijk.
Lange tenen
Niet eerder immers was het Westen zo ondersteboven van de lange tenen der internationale moslimgemeenschap als in de afgelopen weken. De voorzitter van het Europees Parlement, de EU-commissaris voor buitenlandse zaken, de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, westerse regeringsleiders - ze wisten niet hoe krachtig ze de productie en verspreiding van dat idiote anti-islamfilmpje moesten veroordelen. Zeker, het geweld dat erop volgde was niet fijn. En het belang van de vrijheid van meningsuiting werd beleefd onder de aandacht gebracht. Maar het klonk eerder ritueel dan principieel. Het begrip voor de gekwetste moslimziel domineerde.
Was dit al behoorlijk gênant, vele malen gênanter is natuurlijk dat de gekwetste christenziel zelden op zoveel medeleven mag rekenen. Terwijl daar toch, zou je zeggen, alle reden toe bestaat.
Kaartspel
Eén bericht uit de vele die dezer dagen voorbijtrokken, trof mij in het bijzonder. Eind vorige week namen moslims in de Nigeriaanse stad Tafawa Balewa een groep christenen te grazen. Naar verluidt waren die op dat moment verdiept in een kaartspel - het stond er echt. Zes van hen stierven ter plekke, tien anderen werden met ernstige verwondingen naar het plaatselijke ziekenhuis afgevoerd.
Dus omdat Nigeriaanse moslims uit hun humeur raakten van een Amerikaans filmpje, besloten ze willekeurige landgenoten te liquideren die daar hoegenaamd niets mee te maken hadden. Hun enige pech: dat ze christen waren.
Geloofsbeknotting
Toevallig publiceerde het Amerikaanse Pew Research Center vorige week een nieuw rapport over religievrijheid. Die staat, aldus de onderzoekers, de laatste vijf jaar in toenemende mate onder druk. Er is sprake van een 'rising tide of restrictions on religion' - ook in het Westen. Maar de landen die op de index van geloofsbeknotting 'hoog' tot 'zeer hoog' scoren, zijn in grote meerderheid van islamitische signatuur. En wereldwijd hebben niet moslims, maar christenen het hevigst te lijden onder discriminatie, vervolging of erger.
Voor de goede orde: het Pew Research Center baseerde zich op gegevens tot midden 2010. De recente antichristelijke agressie is in de index nog niet terug te zien.
De internationale gemeenschap zal er hoe dan ook de schouders over ophalen. Het enige wat daar indruk maakt zijn bloedstollende emoties. Niet de bloedstollende feiten.
© 2013 - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.