Joost van Arnhem −
24/12/11, 08:14
© Thinkstock
Steeds meer bedrijven gebruiken informatie over het internetgedrag van hun sitebezoekers en passen hun aanbod daarop aan. Dat kan betekenen dat er voor hetzelfde product verschillende prijzen worden gevraagd of dat de ene persoon wél een verzekering kan afsluiten en een ander niet.
Hoe die verschillen in aanbod tot stand komen is volstrekt onduidelijk en dat moet veranderen, bepleitte hoogleraar Rechtsstaat en ICT Mireille Hildebrandt deze week in haar oratie aan de Nijmeegse Radboud Universiteit. "Dit raakt aan grondrechten als privacy en gelijke behandeling."
Doordat we ons steeds meer op internet begeven, laten we ook steeds meer sporen na. Deze sporen, die worden achtergelaten bij alles wat we aanklikken, worden door gespecialiseerde organisaties in grote databestanden opgeslagen. Die bestanden worden vervolgens onderzocht om verbanden te vinden tussen surfgedrag en bijvoorbeeld aankoopgedrag. Zulke verbanden, ook wel profielen genoemd, worden verkocht aan bijvoorbeeld verzekeraars of internetwinkels. Voor die bedrijven zijn die profielen goudmijnen: zodra iemand op hun site belandt, wordt de internetgeschiedenis van die bezoeker vergeleken met de profielen en kan er een op maat gesneden aanbod worden gedaan.
"Dat is niet zonder risico's", zegt Hildebrandt. "Het kan bijvoorbeeld zijn dat je geen verzekering kunt afsluiten of dat je premie omhoog gaat, omdat de verzekeraar op basis van jouw internetgeschiedenis je in een bepaald risicoprofiel heeft ingedeeld. Maar hoe weet je of je in het juiste profiel bent ingedeeld? Op welke criteria ben je beoordeeld? Dat krijg je niet te weten. En dat betekent dat je er ook weinig tegen kunt beginnen."
Volgens Hildebrandt is er nu vaak sprake van prijsdiscriminatie of ongelijke behandeling: "Online bedrijven weten dat de ene bezoeker bijvoorbeeld 75 euro voor een vliegticket over heeft, terwijl de ander best bereid is voor datzelfde ticket 100 euro neer te leggen."
Zoekmachines als Google werken overigens ook met het 'uitlezen' van de sitebezoekers. Dat kan er bijvoorbeeld toe leiden dat de ene persoon die zoekt op het woord 'bank' allemaal informatie ontvangt over financiële instellingen, terwijl een ander juist informatie over designmeubelen krijgt te zien. Google baseert zich daarbij op de zoekgeschiedenis die iedereen (via een IP-adres of bijvoorbeeld een Google-account) op internet achterlaat.
Hildebrandt stelt dat voor elke internetter duidelijk moet worden waarom hij bepaalde informatie krijgt voorgeschoteld of waarom hij een bepaalde aanbieding krijgt. "Juristen, computerwetenschappers en bedrijven moeten nu samen gaan zitten om over het probleem van die groeiende ondoorzichtigheid na te denken en voor transparantie te zorgen."