Marc van Dijk −
13/04/11, 07:38
© anp
Een uitgeprocedeerde asielzoeker stak zichzelf in brand voor het Nationaal Monument op de Dam. Waarom maakt zijn wanhoopsdaad zo weinig debat los?
De zelfverbranding van een Tunesiër stond aan het begin van de Arabische lente. Vorige week besloot een 36-jarige Iraniër in Amsterdam om zijn leven op dezelfde manier te beëindigen. Hij stak zichzelf in brand voor het Nationaal Monument op de Dam. Een dag later overleed hij aan zijn verwondingen.
De man was al jaren in Nederland en had herhaaldelijk geprobeerd om een verblijfsvergunning te krijgen. Minister Gerd Leers (Immigratie en Asiel, CDA) noemde de gebeurtenissen 'zeer tragisch', maar hij zei ook direct dat de procedure van de Iraniër correct was verlopen.
Intussen werkt Leers aan een wet die illegaliteit strafbaar stelt. De Amsterdamse politiechef Wilde uitte zich hier onlangs kritisch over: de wet zou er volgens hem toe leiden dat de politie zich niet meer om het lot van illegalen mag bekommeren. Wilde in Vrij Nederland: "Nu hebben we de ruimte om níet te jagen op illegalen, om ongedocumenteerden die slachtoffer worden van criminaliteit te helpen in het strafproces, of om ze te begeleiden naar een ziekenhuis. Maar die ruimte wordt ons straks ontnomen. Dus ik zou graag alle argumenten vinden om het plan tegen te kunnen houden."
Maar wie wil die argumenten verder nog vinden? De ophef over het verwesterde Afghaanse meisje Sahar leidde ertoe dat zij van de minister in Nederland mag blijven, maar rond de zelfmoordenaar op de Dam blijft het opmerkelijk stil.
Frank Ankersmit, emeritus-hoogleraar geschiedfilosofie aan de Rijksuniversiteit Groningen: "Dat verbaast mij ook. Dit gebeurt toch niet elke dag. Bovendien blijkt uit de gekozen plaats en misschien ook de gekozen methode duidelijk dat het hier gaat om een politiek gebaar. Het moet de man in elk geval ten dele zijn gegaan om het vestigen van de aandacht op een politiek probleem. Dat is inderdaad niet erg goed gelukt. Ik heb er persoonlijk maar weinig over gehoord."
Désanne van Brederode, schrijfster en filosofe: "Dat hield misschien ook verband met de gebeurtenissen in Alphen aan den Rijn, enkele dagen erna. Typerend voor dit jaar, waarin de ene grote gebeurtenis nog niet verwerkt is voor de andere zich aandient. Een aanhoudende keten van revoluties en protesten, een ontketende oorlog waaraan we deelnemen, nieuwe escalaties in conflictgebieden in Afrika, een aardbeving, tsunami en een kernramp - en het is pas half april.
"Ook vóór de tragedie in het winkelcentrum was er trouwens weinig aandacht voor de zelfmoordenaar op de Dam, laat staan voor de zaak die hij waarschijnlijk op de agenda wilde zetten. Integendeel: in veel reacties schemerde het oordeel door dat deze man psychisch niet in orde was. Er was verontwaardiging over de keuze om zo'n gruwelijke daad te verrichten voor de ogen van argeloze mensen en kinderen. Een ongeoorloofde verstoring van de rust. Ik hoorde niemand zeggen: 'De situatie van dit soort mensen is kennelijk gekmakend slecht, laten we daar nog eens naar gaan kijken.' Dat was een paar jaar geleden, toen hongerstakers hun monden dichtnaaiden, heel anders."
Ankersmit: "Van de hulpvaardigheid van mensen ten aanzien van hun medemensen moet je nu eenmaal geen overtrokken verwachtingen koesteren."
Van Brederode: "Klopt. Maar het lijkt wel alsof ons mededogen tegenwoordig volledig is afgesteld op de regels die de politiek hanteert ten aanzien van vluchtelingen. Vanaf het moment dat het onderscheid tussen economische en politieke vluchtelingen vaker en systematischer werd gemaakt, zijn we langzaamaan steeds terughoudender geworden in het meevoelen met asielzoekers. Eerst dient te worden uitgezocht of iemand hier om redenen is die kloppen volgens de regels. Pas daarna mag het gevoel een rol gaan spelen.
"In principe willen we alleen de vluchtelingen met een echt zielig verhaal hier houden. En als die dan uiteindelijk worden toegelaten, vaak na een jarenlang en slopend traject, dan dienen ze zielig te blijven. Ik heb dat laatst nog gehoord van een meisje uit Congo. Ze volgt een opleiding en spreekt perfect Nederlands. Maar zodra ze zegt waar ze vandaan komt, veranderen mensen in dweilen, enkel geïnteresseerd in trauma's. Dat ze misschien juist hier is om haar geschiedenis achter zich te laten, doet er niet toe. Eerst louter wantrouwen en dan misplaatste meewarigheid."
Ankersmit: "Ik denk dat ons systeem redelijk goed functioneert, ik zie in deze zaak ook geen aanleiding om daar aan te twijfelen. Als iemand jarenlang aan het lijntje wordt gehouden, is dat een schande. Maar als iemand duidelijk te verstaan is gegeven dat een verblijfsvergunning er niet in zit, dan dient iemand daar ook naar te luisteren. Een befaamde Latijnse uitspraak luidt: 'Dura lex, sed lex' - de wet is hard, maar het is de wet."
Van Brederode: "Natuurlijk, ik begrijp ook best dat er grenzen zijn, en dat de zogenaamde aanzuigende werking een reëel risico is als je al te soepel zou zijn. Maar ik blijf het een vreemd idee vinden dat we mensen beoordelen op basis van het land waar ze vandaan komen. Als een Nederlander meer ruimte wil, kan hij morgen een boerderij in Scandinavië beginnen. We hebben ook nooit anders gedaan: we gingen de wereld over en legden anderen onze waarden op. Maar als vreemdelingen nu hier komen, dienen ze zich aan te passen. En als een Iraniër hierheen komt, mag hij alleen blijven als zijn motieven kloppen met ons beleid. Ze worden niet als volwaardige burgers gezien."
Ankersmit: "Dat zijn ze hier ook niet. Ze zijn statenloos, of ze zijn burger van het land van herkomst. Er zijn afspraken over wie het Nederlanderschap kan verwerven en wie niet. Als de toelatingsprocedure niet tot een verblijfsvergunning leidt, zijn het geen burgers. Niet eens tweederangs burgers. Want daar zou je eerst burger voor moeten zijn. De Nederlandse staat heeft geen verplichtingen tegenover zo iemand."
Van Brederode: "Nonsens. Iemand in nood verdient altijd hulp."
Ankersmit: "Natuurlijk. Maar er bestaat geen verplichting om mensen hier te houden. Dat neemt niet weg dat de wet met een zekere souplesse dient te worden toegepast. Je mag mensen niet iets aandoen dat erger is dan de kwaal waartegen de procedure het middel beoogt te zijn. Als iemand dreigt met zelfmoord, is dat iets waar een rechter zorgvuldig naar moet kijken. Maar dat is eigenlijk altijd zo.
"Een algemene regel, die terug te voeren is op Aristoteles, is dat elk individueel geval anders is, en dat een rechter dus altijd het algemene dient te verbijzonderen. Daarom valt de straf voor hetzelfde vergrijp bij de ene dader ook hoger uit dan bij de andere. Zo zou het bij asielvraagstukken ook moeten zijn: algemene regels mogen nooit op mechanische wijze worden toegepast."