Monic Slingerland −
14/12/11, 10:34
PvdD-fractievoorzitter Marianne Thieme en staatssecretaris Henk Bleker tijdens het debat vannacht in de Eerste Kamer in Den Haag.
© anp
Om de week spreken twee leden van het theologisch elftal zich uit over een actuele kwestie. Vandaag: rabbijn Elisa Klapheck en rooms-katholiek theoloog Erik Borgman over ritueel slachten en de ruimte voor religieuze rituelen.
Mag dierenwelzijn geofferd worden op het altaar van religieuze identiteit? Gisteren sprak de Eerste Kamer zich uit over het eventuele verbod op ritueel onverdoofd slachten. De Partij voor de Dieren meent dat moderne opvattingen over pijnbeleving bij het dier zwaarder moeten wegen dan eeuwenoude gebruiken in islamitische en joodse tradities. Een lastige afweging. Godsdienstvrijheid en dierenrechten staan tegenover elkaar.
Rabbijn Elisa Klapheck is liberaal. Ze eet niet strikt volgens de regels van de kosjere keuken. Ze kent die voorschriften natuurlijk wel en ook is ze een keer gaan kijken toen een dier ritueel geslacht werd.
"Dat het dier bij de slacht niet verdoofd mag zijn, is omdat het compleet moet zijn, heel. Een verdoofd dier is geen compleet dier, volgens de Thora. Nu is de vraag of dat nog standhoudt. Als we naar de tandarts gaan, vragen we ook een injectie tegen de pijn. Bij deze kwestie gaat het erom of de ideeën van destijds te verenigen zijn met onze opvatting van vandaag. Het idee van 'heel zijn' blijft in elk geval het criterium. Het is een houding tegenover de schepping. Vroeger moest je het dier dat je at, eerst aan God offeren. Een deel ervan was voor God, een deel at je zelf. Hieruit zijn de spijswetten, de kasjroet, voor vlees ontstaan. Als je als jood vandaag vlees eet doe je dus nog steeds een voortzetting van de offerdienst."
Erik Borgman, hoogleraar aan de Universiteit Tilburg en veelgevraagd spreker over praktische kwesties met een religieuze achtergrond, vindt in principe dat alleen in eigen religieuze kring een besluit genomen kan worden over een zo belangrijk ritueel. "Je kunt niet voor een ander bepalen dat een ritueel niet essentieel is, of niet meer essentieel is, voor de religieuze identiteit. Voorbeelden zijn in bepaalde protestantse kringen het niet eten van een ijsje op zondag, of het niet eten van vlees op vrijdag voor katholieken. Dat is door interne dynamiek veranderd, niet door druk van buitenaf."
Toch zijn er wel uitzonderingen. Vrouwenbesnijdenis bijvoorbeeld. Borgman: "Dat is een grondrechtkwestie die een ernstige afweging vraagt. De vraag is of een ingreep erg genoeg is om een ritueel van overheidswege te verbieden. Pas als dat zo is, zoals bij vrouwenbesnijdenis, laat je het niet over aan de interne dynamiek. Diezelfde vraag, hoe erg het is, speelde bij jongensbesnijdenis, en die speelt ook bij het onverdoofd slachten. Of bij de uitsluiting van vrouwen uit het ambt van priester. Steeds moet de afweging opnieuw gemaakt worden, en het uitgangspunt is volgens mij, op grond van de godsdienstvrijheid: terughoudendheid."
Elisa Klapheck is, ondanks dat ze zelf niet strict kosjer eet, tegen een verbod op onverdoofd ritueel slachten. "Ik ben best kritisch op het ritueel slachten. Er zijn in Israël en ook in Duitsland schandalen geweest, waarbij rabbijnen zijn omgekocht om hun kosjer-stempel op het vlees te zetten, terwijl het niet om ritueel geslachte dieren ging." Maar dit heeft niets te maken met het ritueel slachten zelf. Klapheck heeft serieuze twijfel of onverdoofd slachten echt wel akeliger is voor een dier. "Als het goed gebeurt, is het een kwestie van een snee en dan is het dier meteen dood. De bedoeling van het ritueel slachten is dat ook het levenseinde voor het dier goed is. Dat het zo min mogelijk pijn hoeft te ervaren. Wat ik mis in het hele debat is zoiets als een onderzoek van de Tweede Kamer naar de realiteit van joods of islamitisch slachten in Nederland. Als het door een goede joodse of islamitische deskundige gedaan wordt, is het dan een marteling voor het dier of niet?"
Erik Borgman stoort zich aan de karikatuur die er volgens hem in deze kwestie van religie gemaakt wordt. "Alsof religie statisch is en niet redelijk. Vanuit de samenleving wordt dan gezegd dat religieuze mensen niet moeten zeuren, hun verstand moeten gebruiken en ophouden met die rare gewoonten. Niet gezien wordt dat religieuze rituelen hun logica hebben, en ook kunnen veranderen. Borgman noemt als voorbeeld de biecht. "In katholieke kringen heeft die veel van de betekenis verloren, in Nederland tenminste. Of neem de vasten. Eerst is het vasten in de jaren zestig min of meer afgeschaft, nu zie je dat het aan het terugkomen is, op allerlei verschillende manieren. Religieuze rituelen bewaken onder meer de grens tussen wie wel en niet tot de eigen religieuze groep behoort, maar de betekenis kan daarbij verschuiven. Soms neemt de betekenis af, soms wordt die juist sterker. Zo heeft het dragen van een hoofddoek door moslimvrouwen een sterkere identiteitsbepalende betekenis gekregen. Rituelen veranderen, hun betekenissen veranderen, maar dat kan niet van buitenaf worden afgedwongen. Het kan niet zo zijn dat argumenten van buiten de religie bij voorbaat meer gewicht in de schaal leggen dan argumenten die binnen een religie gelden. En dat dreigt hier bij de discussie over ritueel slachten te gebeuren."
Toen de richtlijnen voor het ritueel slachten werden vastgelegd, vele eeuwen geleden, was er nog geen bio- industrie. Het gevolg is dat de spijswetten, de kasjroet, niets zeggen over toevoegingen als bijvoorbeeld antibiotica die dieren krijgen, of over hun leefomstandigheden. Dat valt allemaal binnen de normen van kosjer eten. Inmiddels is er een beweging van eco-kasjroet ontstaan, vertelt Elisa Klapheck. "Bij eco-kosjer vlees is het minstens even belangrijk hoe het dier heeft geleefd dan hoe het wordt geslacht. Het voordeel van dit eco-kosjer eten is, dat je minder vlees eet, ook omdat het duurder is."
Toch betekent de toegenomen aandacht voor het leven van dieren die we op ons bord krijgen niet dat Elisa Klapheck de rituele slacht wil afschaffen. "Van de rituele slacht moet je afblijven. Er zit een soort eeuwigheidswaarde in. Ik ben geen voorstander van vasthouden aan het ritueel om het ritueel, maar het ritueel slachten is belangrijk voor de identiteit in jodendom en islam."
Erik Borgman: "Ik ben bovendien bang dat een verbod averechts werkt. Het kan ervoor zorgen dat het ritueel meer betekenis krijgt, en gezien wordt als een fundamenteel deel van de identiteit."
Elisa Klapheck deelt die vrees. "Het verbod zal opgevat worden als een actie gericht tegen jodendom en islam. En dat werkt radicalisering in de hand. Nogmaals, als iemand kan aantonen dat onverdoofd slachten voor een dier akeliger is dan verdoofd, dan ben ik bereid mijn mening te herzien. Maar ik heb daar nog niets overtuigends van gezien. Is het voor een dier minder erg om verdoofd te sterven na een leven in de bioindustrie waarbij het niet als levend schepsel gezien is, maar als een product?"