*

 
dossier

Archief

Blijheid en jaloezie vechten om voorrang

Eildert Mulder − 22/01/02, 00:00

Mahmoed is een kalme twintiger en een Palestijn. Het klinkt wat plichtmatig als hij meedeelt dat ook hij nu zover is dat hij bereid is zich met explosieven te behangen en zo Israël te bestormen. En verder klaagt hij steen en been over de barre economie van Libanon en prijst hij zich gelukkig dat hij nooit in een Palestijns vluchtelingenkamp heeft gewoond maar altijd in een gewone woonwijk tussen de Libanezen.

,,Kijk, daar achter die heuvel ligt ons dorp'', zegt hij. Peinzend staart hij naar het hek bij de Israëlische grens, met gemengde gevoelens. Blijheid en jaloezie vechten om voorrang. ,,Natuurlijk vind ik het mooi dat Libanon nu vrij is'', zegt hij. ,,Maar wat helpt het ons Palestijnen?''

Jongelui op brommers scheuren voorbij. Het zijn de triomferende strijders van de Libanese Hezbollah-militie, die in 2000 de Israëliërs dwong tot een chaotische aftocht uit het zuiden van Libanon.

Mahmoed heeft daar flink aan verdiend. In zijn taxi vervoerde hij ladingen grenstoeristen, die voor het eerst een blik op het zuidelijke buurland konden werpen en ook nog wat mochten schelden naar Israëlische militairen. Strikt genomen was Mahmoed in overtreding want Palestijnen mogen in Libanon wel een taxi bezitten maar er niet in rijden. Maar een bekeuring heeft hij nooit gehad.

Aan de kant van de weg staat een groepje Libanese dorpelingen met heftige armgebaren te discussiëren. Af en toe slaan ze met een moker een paaltje in de grond. Vroeger was dit militair gebied, nu de Israëliërs zijn vertrokken proberen de bewoners hun percelen af te bakenen. Steun van een kadaster hebben ze niet, want dat is in de oorlogsjaren verwoest.

Als Mahmoed het over 'ons dorp' heeft dan bedoelt hij het dorp waaruit zijn grootouders in 1948 zijn verjaagd. Een tante, die Israël kon bezoeken omdat ze een Europees paspoort heeft, is er laatst geweest. De huizen staan er nog, verlaten, overwoekerd en vervallen. Er wonen geen Israëliërs en het dorp is evenmin omgeploegd. Het ligt er nutteloos bij en dat vond tante nog het meest ontluisterende.

,,De bevrijding van het zuiden van Libanon is voor ons Palestijnen in Libanon heel gunstig'', zegt een paar dagen later een officier van de PLO in een Palestijns vluchtelingenkamp. ,,Arabische leiders zullen zich voortaan wel tweemaal bedenken voordat ze concessies doen aan Israël. De Hezbollah heeft laten zien dat dat niet hoeft''.

Als Arafat te veel concessies doet aan Israël kan er een vrede komen waaraan de ongeveer driehonderdduizend Libanese Palestijnen niets hebben, omdat ze als wisselgeld moeten dienen. Als Ara fat hen definitief opoffert dan kunnen ze nooit meer terug naar hun land van herkomst en zullen ze moeten leven met Libanezen, die hen niet zien zitten.

Het bevrijde zuiden van Libanon herinnert de Palestijnen aan hun eigen falen. Hun acties in de jaren zeventig en tachtig tegen Israël haalden niets uit en eindigden met de Israëlische bezetting van een groot deel van Libanon. Daarna lieten de getergde Libanezen zien hoe het wel moet. Hun guerrilla had succes. En nu mogen Hezbollah-strijders beweren dat ze de Palestijnen zullen helpen om heel Palestina te bevrijden, voorlopig hebben ze orders om elke Palestijn op te pakken die bij de grens iets probeert te ondernemen tegen Israël.

Een Palestijnse apotheker in Beiroet vertelt dat ook hij in de eerste dagen na de bevrijding, in april 2000, een bezoek bracht aan de grens met Israël. 52 jaar eerder was hij die gepasseerd, als embryo, toen zijn ouders vanuit Haifa naar Libanon vluchtten. ,,Ze hebben het nog vaak gehad over hun Joodse buren in Haifa, wat voor aardige mensen dat waren'', zegt hij en het is onduidelijk of hij dat meent of dat hij een sociaal wenselijke opmerking wil maken.

Hij reisde af naar een Libanees dorp, dat tot de Israëlische terugtrekking in bezet gebied lag. ,,Ik vroeg hun waar de grens met Israël was'', vertelt hij. ,,Palestina zul je bedoelen'', zeiden de Libanese dorpelingen belerend. ,,Ach schiet toch op!'' antwoordde hij. ,,Ik weet zeker dat jullie er drie weken geleden nog je brood verdienden en toen haalde je het niet in je hoofd om het Palestina te noemen. En misschien liep je hier wel patrouille voor die lui. En verder is het mijn land en bepaal ik hoe ik het zal noemen. Voor mij blijft het Israël zolang het niet is bevrijd.''

Na de oorlog van 1948, die uitmondde in het ontstaan van de staat Israël, zwermden Palestijnse vluchtelingen uit over de Arabische buurlanden. Een deel van hen belandde in Libanon, dat hen behandelt zoals Nederland zijn softdrugs. Ontmoetingen met een groep zonder perspectief.

mailIcon print |