*

 
dossier

Archief

O jee, daar heb je Haije weer

Hans Marijnissen − 03/12/02, 00:00

Ze worden door ambtenaren gezien als querulanten, azijnpissers en zout-op-alle-slakken-leggers. Er klinkt doorgaans een diepe zucht achter de tafel als zij naar de microfoon grijpen. Amsterdam wil daarom af van de 'beroeps-insprekers'. Maar vóór dat besluit wordt genomen, wil Jan Haije eerst even inspraak.

Het is in deze tijd wellicht een wat beladen term, maar op het gemeente- en provinciehuis kunnen ze Jan Haije uit Diemen wel schieten. Geen plan kan worden ingediend, geen voorstel behandeld of Haije spreekt in. En wat het vervelende is: vaak heeft hij nog wat te melden ook.

Jan Haije is voorzitter van een illuster gezelschap: het Nederlands Genootschap van Insprekers. Over het aantal leden en hun identiteit doet hij geen mededeling. Wel wil hij kwijt dat er een aantal hoge ambtenaren en hoogleraren is toegetreden. ,,We zijn niet groot'', zegt Haije. ,,Er is eerder sprake van een huiskamer vol, dan van een conferentiezaal. Zie het als een studiegroepje waarvan de leden elkaar via internet op de hoogte houden van lopende procedures en ideeën aandragen voor inspraakprocedures.''

Haije, ooit organisatie-adviseur maar nu in de WAO, begon zijn carrière als beroepsinspreker in de trein naar Den Haag. ,,Ik woonde in de jaren zeventig nog in Amsterdam en werkte in Rijswijk, toen de plannen voor de Schiphollijn bekend werden gemaakt. Ik was enthousiast, dat zou wat reistijd gaan schelen. En vanwege die geestdrift wilde ik ook meepraten. Ik vond het ook leuk dat de burger werd uitgenodigd mee te denken. Ik heb toen voor de eerste keer formeel gebruikgemaakt van mijn recht op inspraak. Ik heb de ambtenaren uitgebreid gewezen op de mogelijkheden van de magneettrein. In het verslag uit die tijd is er welgeteld één zin van terug te vinden. Maar sindsdien heeft de inspraak me niet meer losgelaten.'' Niettemin zijn de resultaten van Haijes inspanningen vaak moeilijk te meten.

Haijes ouders waren beiden arts, zo probeert hij zijn ongebruikelijke passie te verklaren. ,,Ik ben opgegroeid met de begrippen diagnose en therapie, die je overal in het leven kunt gebruiken. Ik voel mezelf een typische adviseur. Ik ben een kei in probleemoplossend werken. Daarnaast heb ik een olifantengeheugen. Als ik een keer de procedure bestudeer die nodig is bij een havenuitbreiding, heb ik bij de volgende uitbreiding op een totaal andere locatie binnen tien minuten door waar de pijnpunten zitten. Ik heb me ooit verdiept in Antwerpen, dus weet ik ook hoe het in Rotterdam en Amsterdam werkt. Namelijk precies hetzelfde.''

Na die inspraakronde over de Schiphollijn is Haije niet meer kunnen stoppen. De meeste onderwerpen vindt hij dicht bij huis, maar desnoods stapt hij ervoor in de trein. In de atlas bijvoorbeeld volgt hij de discussie over de Maasoevers in Limburg. Aan de hand van de hoogtelijnen heeft hij feilloos door waar gebouwd kan worden en waar niet. Maar komt hij er niet uit, dan stapt hij gewoon in de trein om het gebied zelf in ogenschouw te nemen.

Hij is ontzettend nieuwsgierig, zegt hij. En hij vindt het zonde zijn ervaring, opgedaan bij eerdere inspraakrondes, ongebruikt te laten. ,,Als je eenmaal doorhebt hoe het circus werkt, en welke trucs overheden gebruiken om burgers onwetend te laten, dan heb ik niet de neiging te denken: jongens ik stop ermee, laat de volgende generatie maar opnieuw het wiel uitvinden.''

Als hij het over 'trucs' heeft, doelt Haije op gemeentes die bewust inspraakrondes in de vakantie laten vallen, zodat er geen burger komt opdagen. Of die te vroeg de inspraak ingaan, zodat er nog geen blauwdrukken zijn. Als die wel beschikbaar komen, is de reactie vervolgens: 'Ja, maar de inspraak is al voorbij'. Te late inspraak is vooral een foefje van de gemeente Amsterdam, zegt Haije. ,,Die geeft vergunningen pas achteraf. Dus dan mag je als burger inspreken als de bouw al in volle gang is. Hoe moet je dan voorkomen dat de natuur wordt aangetast?''

Inspreken is een vak waarin je tegen een stootje moet kunnen, weet Haije inmiddels. Vaak ben je als inspreker niet echt welkom, word je als querulant in de hoek gezet, ,,maar mijn schat aan woorden die kwetsend zijn, maar niet strafbaar, is groot''. Ambtenaren kunnen volgens Haije slecht tegen kritiek. ,,Ze zijn de gevangenen van elkaar en van hun chef. Die bepaalt immers welke besluiten worden genomen. En als zij daar tegenin gaan, kunnen ze gaan solliciteren in Delfzijl.''

Daarbij komt dat de notulist van een vergadering een vloeiend betoog van een inspreker kan terugbrengen tot een terloopse opmerking. Op dat laatste heeft Haije wat gevonden: hij 'spreekt' ook altijd 'schriftelijk in', zodat zijn epistel als stuk wordt toegevoegd.

De gemeente Amsterdam wil de inspraak nu verder aan banden leggen - althans, zo luidt de interpretatie van Haije. Uit de concept-inspraakverordening 2003 blijkt in ieder geval dat de gemeente van plan is een einde te maken aan de ongebreidelde inspraak van burgers. Straks zouden alleen direct betrokkenen nog mogen inspreken over de plannen van de gemeente. Ook het aantal inspraak-onderwerpen wordt beperkt, terwijl de beklagcommissie voor inspraak wordt opgeheven.

Haije vindt de voorstellen van de gemeente buitengewoon 'dom', maar hij wil eerst kwijt dat inspraak volgens hem betekent dat de burger op een georganiseerde manier wordt ingeschakeld. ,,Ik ben ook niet voor het opengooien van de staldeuren.'' Haije verhaalt over een 'collega-inspreker', een vrouw die is gespecialiseerd in openbaar vervoer. ,,Ze weet alles, is op de hoogte van elk dossier op dat terrein. Maar als ze de microfoon in handen heeft, begint ze na vijf minuten te hyperventileren waarna ze langzaam maar zeker in hysterie verdwaalt. Tsja, en als dat op elke commissievergadering gebeurt... dan denk je wel eens: kan dat niet anders?''

Wat volgens hem niet wegneemt dat de gemeente de spelregels over inspraak helemaal niet k n wijzigen. ,,Ik snap Cohen wel: met de nieuwe Gemeentewet moet hij straks niet alleen op commissie- en deelraadsniveau inspraak toelaten, maar ook in de gemeenteraad de insprekers dulden. En dat ziet hij niet zitten. Maar inspraak is nu eenmaal een verworven recht. Bij de Raad van State liggen de zolders vol met jurisprudentie over dit onderwerp, daar kunnen wel twintig mensen op promoveren. En dan is er nog de Algemene Wet bestuursrecht, de Wet Ruimtelijke ordening en vergeet de Grondwet niet. Die verbiedt immers dat er onderscheid tussen burgers wordt gemaakt, in dit geval tussen 'betrokkenen' en 'niet-betrokkenen'.''

Gemeenten zouden er beter aan doen handig gebruik van insprekers te maken, denkt Haije, want ze leveren vaak goede ideeën en waarschuwen voor denkfouten. ,,Ik ben bijvoorbeeld laatst bij de sluizen van IJmuiden wezen kijken. Daar moet een tweede zeesluis komen omdat de schepen in file voor de toegang naar het Noordzeekanaal liggen. Ik hoorde daar van een sluiswachter dat de schepen daar vooral liggen te wachten omdat de huidige sluis tij-afhankelijk is. Bij eb kan hij niet gebruikt worden, omdat hij een te hoge 'drempel' heeft. Twaalf uur per dag is die sluis dus gesloten. Ook de nieuwe sluis wordt tij-afhankelijk, ook die zal dus twaalf uur per dag gesloten zijn. In de inspraak stel ik nu dus voor de drempel van de oude sluis te verlagen, zodat de capaciteit wordt verdubbeld. Dan heb je geen tweede sluis nodig. Maar denk je dat er iemand luistert?''

mailIcon print |