Hele stukken van Feyenoord-Fenerbahçe ontgingen me vorige week dinsdag. Dat was enerzijds verklaarbaar omdat er zo weinig op het veld gebeurde. Maar er was ook iets anders. Ik kon niet los komen van die wilde verschijning onder de lat, van dat hoofd met die paardenstaart: Reçber Rüstü, keeper van Turkije en Fenerbahçe.
Eddy, de commentator van dienst, maakte het allemaal nog spannender door te benadrukken dat Fenerbahçe de club is van de Aziatische Turken van Istanbul. Zou Galatasaray anders zijn? Besiktas? Hoe zien hun keepers er uit?
Rüstü was voor de opkomst der gladiatoren al even in een flits te zien in het spelerstunneltje. Het kind dat hij aan de hand had, was erg angstig. Het jongetje wilde graag ruilen, desnoods met Ozat Ümit, maar niemand wilde ruilen. Het gerucht ging dat Rüstü kleine kinderen in het doelnet vastbond!
Hoe gaat dat nou in de kleedkamer van Fenerbahçe? Liggen de andere spelers in een deuk wanneer Rüstü zijn oogschaduw aanbrengt? Doet hij het zelf, of bevindt zich een Turks-Aziatische grimeuse in de kleedkamer? Trouwens, wat zit er precies onder die onheilspellende ogen? Mascara? Verf? Schoensmeer? Houtskool? Staat Rüstü er in trance bij te gillen? Roept hij hogere machten aan? Keept hij na twee blunders zonder make up?
Het was al bijna rust, toen Rüstü (geen idee hoe hij speelde) mij in gedachten langs allerlei bekende voetbal-zonderlingen had laten dwalen:
Jan van Schijndel (SVV en Oranje): altijd een witte zakdoek over de rand van de broek.
Neville Southall (Everton en Wales): enige keeper met afgezakte kousen, ook de rest van zijn verfomfaaide uitrusting kwam rechtstreeks uit de verkleeddoos.
Frans de Munck (DOS en Oranje): vet en elastiekje in het haar, zakkammetje en spiegeltje in het doel, want de lekkerste meiden stonden altijd achter de goal.
Nobby Stiles (Manchester United en Engeland): zonder gebit en toch iedereen bijten.
Jacky Charlton (Leeds United en Engeland): hapte in de rust een blaadje uit de boom.
Ronald Koeman (vooral bij Feyenoord): legde voor het nemen van een vrije trap de teelbal altijd even goed.
Janny Schilder (Volendam en Sparta): ging bij corners mee naar voren en liet dan een boertje in de zestien.
Joop Stoffelen (Ajax en Oranje): dienstfiets op de neus en dan nog niet alles zien.
Edgar Davids (Juventus en Oranje): nodig, of alleen maar om op te vallen, die duikbril?
Petri Pasanen (Ajax en Finland): kleinste mondje van de eredivisie, babyhapjes, dat kan niet anders.
Wamberto (ook Ajax): vader op z'n vijftiende en dertien jaar later nog altijd B-junior.
Yves Vanderhaeghe (Anderlecht en België): deed mee op het laatste WK en wordt op 30 januari toch al weer 73 jaar.
Oliver Kahn (Bayern und Deutschland!): eng in het kwadraat, maar hoe zou zo'n jongen in het Frans klinken?
Fabien Barthez (Manchester United en Frankrijk): is ook die gestoorde in de film Seven - op de velden evenmin goed bij z'n hoofd. Verdient in Engeland een ton per blunder.
Ik bekijk dit rijtje en denk alweer aan Reçber Rüstü. Er zitten vier keepers bij. Kan geen toeval zijn.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.