*

 
dossier

Archief

Een grote bek en toch aardig plus ingetogen

Dominique Haijtema − 19/08/02, 00:00

Deze zomer studeren aan de diverse kunstopleidingen weer veel kunstenaars in spe af. Tijdens eindexamen-exposities of -voorstellingen presenteren de studenten hun meesterproeven aan het publiek. De kunststudenten hebben de opleiding succesvol afgerond, maar zijn ze nu ook voorbereid op de vaak grillige beroepspraktijk? Trouw portretteert elke week een prille kunstenaar die klaarstaat om de kunstwereld te veroveren.Vandaag: Illustrator-animator Daan Jilesen.

Een kleine, sympathieke robot speelt de hoofdrol in de dynamische animatiefilm van Daan Jilesen. De robot werkt in een betonfabriek en verveelt zich behoorlijk. Daarom knutselt hij een maatje in elkaar. Maar na een vernietigende vechtpartij eindigt hij toch weer alleen voor de televisie. Door de snelle drum'n'bass-muziek en het tempo van de film is deze productie een verademing tussen de vaak stille en trage eindexamenproducties van kunststudenten.

Vandaar dat de eindexamenfilm 'Een week in de fabriek' van illustrator-animator Daan Jilesen (24) in juli was genomineerd voor de jaarlijkse Rotterdam Academy Awards. De film is geïnspireerd op Jilesens eigen ervaringen bij een betonfabriek, waar hij al jaren werkt om zijn studie te financieren. Ook de vechtsport ninjutsu, die hij beoefent en zijn voorliefde voor muziek zorgden voor inspiratie.

Zijn collega's uit de betonfabriek waren enthousiast en ook zijn ouders vonden de film leuk. Daarom is de prille kunstenaar tevreden met zijn afstudeeropdracht. Duidelijkheid vindt hij namelijk belangrijk. ,,Als je niet simpel kunt uitleggen wat je doet, ben je dom bezig.''

De energieke en door de ninjutsu getrainde Jilesen is dan wel tevreden met zijn eindexamenproduct, hij maakt zich wel zorgen over zijn toekomst als illustrator-animator. Volgens hem zijn er geen illustratiebedrijven en zit niemand op hem te wachten. ,,Voor mij kan een grafisch bedrijf tien anderen krijgen. Ik zal bovendien nooit veel geld verdienen in dit vak.''

Een netwerk opbouwen en diplomatiek te werk gaan is een vereiste om opdrachten te krijgen en potentiële opdrachtgevers aan zich te binden. Maar laat dat nou net iets zijn waar hij niet altijd zin in heeft. ,,De meeste opdrachtgevers hebben weinig verstand van het vak. Verder is het zo dat je tijdens de opleiding hebt geleerd om een grote bek te hebben omdat je jouw ontwerpen moet verdedigen, en dan moet je plotseling ingetogen en aardig gaan doen. Een leraar van mij is een keer een opdrachtgever kwijtgeraakt, omdat hij joviaal zei dat diegene wat dik was geworden.''

Een grote mond hebben is volgens hem wel een voordeel bij de toelating tot de opleiding in Kampen. ,,De leraren stelden veel persoonlijke vragen. Als je een grote mond hebt, word je meteen aangenomen ook al is de kwaliteit van je werk wat minder.'' Hij was gecharmeerd van Kampen toen hij vijf jaar geleden een open dag van de kunstacademie bezocht. ,,Ik kom van een boerderij in Friesland en voelde me dan ook gelijk aangetrokken tot een persoonlijker en kleinschaliger opleiding. Er zijn veel leraren en weinig leerlingen. Iedereen kent en volgt elkaar.''

De opleiding vond Jilesen niet altijd makkelijk. ,,Vooral in het begin had ik moeite met het maken van abstracte opdrachten. Ik kon goed tekenen en maakte altijd ridders en draken. Opeens moest ik vrij associëren en allemaal vierkantjes voltekenen. Het was te vaag voor woorden. Toen dacht ik: wat doe ik hier, wat zijn dit voor mafkezen?'' De persoonlijke steun van de leraren heeft hem echter wel geholpen om de opleiding tot een goed einde te brengen.

Er is de eerste twee jaar van de opleiding veel verloop op de kunstopleiding. Volgens de prille illustrator ligt dat niet alleen aan de abstracte opdrachten, maar ook aan het confronterende karakter van de kunstacademie. ,,Een creatief ontwerp maken is al behoorlijk moeilijk, maar als je het ontwerp vervolgens niet kunt verantwoorden, word je daar keihard op afgerekend. Tijdens presentaties wordt je werk regelmatig voor de klas besproken. De leraar zegt het als iets hem niet bevalt of als het werk niets voorstelt. Dan lopen studenten soms huilend de klas uit.''

Behalve het goed kunnen verantwoorden van je ontwerpen leren de studenten ook door een cursus zelfstandig ondernemen zich voor te bereiden op de harde beroepspraktijk. Zij krijgen les in administratieve vaardigheden omdat je volgens Jilesen later precies als een ondernemer met een eigen zaak te werk moet gaan.

Wat bij de kunstopleiding ontbreekt is een praktijkstage. Dat vindt de illustrator echter geen gemis. ,,Onze leraren kunnen ons veel meer bijbrengen. Op een stage mag je een halfjaar koffie rondbrengen. Daar leer ik weinig van.'' De voorbereiding op de beroepspraktijk is volgens hem toch vooral een individuele aangelegenheid. ,,Wat voor de een werkt, hoeft voor de ander niet te werken. Bovendien kun je nooit honderd procent op de praktijk worden voorbereid.''

Hij wil in de toekomst zoveel mogelijk verschillende dingen doen: decors ontwerpen of boeken en films illustreren. In oktober neemt hij waarschijnlijk deel aan het Holland Animatie Festival. Hopelijk komt de VPRO daar een kijkje nemen. Hij zou graag voor hen een serie filmpjes maken, karakters ontwerpen of ideëen verzinnen. Mocht dat niet lukken, dan zal hij met zijn werk bij andere opdrachtgevers gaan leuren. Leuk vindt hij dat niet. ,,Ik heb liever dat opdrachtgevers mijn werk goed kunnen gebruiken en vervolgens op mij afstappen.''

mailIcon print |