ZOLDER - Hij kon geen moment aanspraak maken op de medailles. Toch voelde Richard Groenendaal zich in Zolder de beste. Na een rampzalige wedstrijd stak hij zijn handen in de lucht toen hij als vierde over de finish kwam. De Brabander reageerde vooral zijn opgekropte frustraties af op de Belgische toeschouwers, die met drie landgenoten op het podium geen oog meer hadden voor die Hollander.
Groenendaal werd de afgelopen dagen gemaakt tot de meeste gehate man van België. De wereldkampioen van 2000 was in de ogen van de Vlamingen de enige die het volksfeest in eigen land kon verstoren. Na een klap aan een Belgische supporter in Diegem voedde hij de antipathie tegen hem nog eens extra door zijn uitspraken in het weekblad Humo.
Zijn teksten over zware jongens met honkbalknuppels werden groot uitgemeten en bleven hem de gehele voorbereiding achtervolgen. De Nederlandse kopman wist zich af te sluiten van de commotie, maar werd toch weer geklopt door materiaalpech en een slechte start.
De Belgen namen in een haag van vlaggen en andere attributen direct de controle over de wedstrijd. Alleen Wim de Vos kon ondanks een handblessure Mario de Clercq, Sven Nijs en titelverdediger Erwin Vervecken volgen. Op het moment dat Groenendaal bij de koplopers dacht aan te sluiten reed hij zijn derailleur stuk. Bij een tweede poging kwam hij door een onsportieve actie van Ben Berden ten val en kreeg een trapper in zijn kuit.
Daarna had hij ook nog eens problemen met zijn schoen. Ondanks de steun van Gerben de Knegt reed Groenendaal constant achter de feiten aan. Toch wilde hij zichzelf niet als verliezer beschouwen.
,,Ik wist dat het zo'n jojo-koers zou worden'', aldus Groenendaal, die had besloten toch geen gebruik van zijn speciale eivormige banden te maken. ,,Maar als je drie keer zo sterk kan terugkomen, ben je voor mij de beste'', meende hij.
,,Ik ging daarom juichend over de streep. Het was in een impuls ook een reactie op dat boegeroep van die Belgen. Ik had ze graag stil willen krijgen vandaag, maar het zat er niet in.''
Evenals in de meeste andere veldritten van dit seizoen mondde het WK uit in een Belgisch onderonsje. Mario de Clercq bleek de slimste. De routinier had op de hotelkamer al een perfect plan uitgestippeld met zijn toekomstige ploeggenoot Tom Vannoppen. De jonge Belg deed een solopoging, maar werd door Erwin Vervecken teruggehaald. Toen de titelverdediger met een kapotte ketting uit koers moest, kreeg de 35-jarige De Clercq alle ruimte om zijn idee uit te voeren.
Sven Nijs kwam ingesloten te zitten tussen De Clercq en Vannoppen. De Raborenner had na de start ook al een inhaalrace moeten maken en de kracht om de twee te lossen ontbrak. Met een acrobatische truc probeerde hij het in de laatste ronde nog wel, maar de ervaren De Clercq trapte er niet in. ,,Ik heb nooit opgegeven'', stelde de winnaar van de wereldbeker, wiens trommelvliezen door de herrie op springen stonden. ,,Maar ik kwam niet weg. Ik ben op waarde geklopt.''
De Clercq riep Vannoppen in de slotfase nog even tot de orde en sprintte eenvoudig naar zijn derde wereldtitel. Hij droeg de overwinning op aan zijn vader. ,,Door privé-problemen hebben we heel lang geen contact meer gehad, maar vlak voor het WK is het goed gekomen'', snikte de altijd emotionele De Clercq.
De veteraan van de Belgische ploeg was ook getergd door de kritiek die onder andere oud-wereldkampioen Paul Herijgers op hem uitte. De Clercq, die na zijn wereldbekerzege in Wortegem-Petegem zijn carrière nog een jaar besloot te verlengen, zou alleen maar oog voor zijn bankrekening hebben.
,,Ik sta al zeven jaar aan de top. Dat kan ik van bepaalde ex-renners niet zeggen. Dit is mijn revanche.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.