In linkse kringen wordt veel en met graagte gesproken over vrouwenrechten. Het gaat dan liefst over 'luxe-zaken' als kinderopvang, glazen plafonds en baas in eigen buik. Deze rechten zouden inmiddels verworven zijn, zodat de Rooie Vrouwen in 1995 Dooie Vrouwen werden. De Rooie Vrouwen waren echter niet rood; ze waren wit. De Rooie Vrouwen waren niet sociaal georiënteerd, maar louter op zichzelf gericht.
De Rooie Vrouwen bewerkstelligden met hun overlijden tevens het monddood maken van hele groepen allochtone vrouwen. Achtergestelde vrouwen die zonder hulp van buiten, nooit de voordeur van het publieke domein zouden kunnen bereiken. (Sommige allochtone vrouwen komen zo weinig buiten dat zij vitaminetekorten oplopen).
Van de opvolger van de Rooie Vrouwen, Rosa, is nooit iets zinnigs vernomen. Was de PvdA juist niet opgericht om achtergestelde groepen gelijke kansen te verschaffen, danwel dit te stimuleren? Hoe dan ook, de allochtone man bleef baas in eigen onderbuik, maar ook in die van zijn wederhelft. Zo kon zij vervagen in het niemandsland dat tolerant Nederland heette te zijn.
Dat oudere Rooie Vrouwen moegestreden neerzaten is mogelijk te billijken, maar met name (toenmalige) jonge socialistische coryfeeën als Femke Halsema en Marjet van Zuylen kan het nodige worden verweten. De respectievelijk partijhopper en jobhopper bepleitten in een artikel in de Volkskrant in 1995 de opheffing van de Rooie Vrouwen. Met name de motivering van laatstgenoemde is stuitend: ,,Ik heb geen tijd en geen zin om in zo'n aparte vrouwenclub te zitten. Dat levert mij te weinig op. Ik profiteer van hun resultaten, maar ik vind het niet meer nodig dat ze nog voortbestaan.'' Hoezo egocentrisch en het hart niet op de juiste plaats?
Dat ondertussen blijf-van-mijn-lijfhuizen vol raakten met voornamelijk allochtone vrouwen werd niet gezien of men wilde het niet zien. Vrouwen vervaagden op straat eveneens; in een amorf landschap van verhullende gewaden, die zij -volgens multiculturele sprookjes- natuurlijk altijd als trotse uiting van hun cultuur en uit zeer vrije wil droegen. Letterlijke achterstelling (de vrouw op onzichtbaar sleeptouw enkele meters achter de man) werd eveneens cultureel gerelativeerd en aldus geborgd.
De angst om te stigmatiseren, stigmatiseerde slechts de Partij van de Arbeid zelf: de Partij van de Ontkenning was geboren. Geen wonder dat steeds minder moderne mensen zich in deze partij, met wezensvreemde elementen, herkennen. Het uur van de waarheid is letterlijk en figuurlijk aangebroken, ook als dit geen prettige waarheid is. Het is tijd voor een waarachtige oppositie.
Bij wijze van symbool van 'Wiedergutmachung' ten bate van vergeten en in de steek gelaten allochtone vrouwen, dient men onmiddellijk de Rooie Vrouwen te heroprichten. Daarbij moet als concreet doel worden gesteld: het alsnog bieden van gelijke kansen aan met name allochtone vrouwen, danwel het bevorderen hiervan.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.