*

 
dossier

Archief

Vierde geslacht boet voor kerk-ondermijner Tolstoj

Van onze correspondente − 28/02/01, 00:00

MOSKOU - Honderd jaar na de excommunicatie van de Russische schrijver Lev Tolstoj, heeft zijn achter-achterkleinzoon de kerk gevraagd om Tolstoj vergiffenis te schenken. Patriarch Aleksei II heeft nog niet gereageerd, maar Tolstoj-kenners zijn ervan overtuigd dat de auteur van 'Oorlog en vrede' en 'Anna Karenina' dit zelf nooit gewild zou hebben.

Vladimir Tolstoj schreef in zijn brief aan de patriarch dat hij hoopt op 'een nieuwe rol van zijn grote voorvader in de geschiedenis'. Ook wendde hij zich tot president Poetin, die hij eraan herinnerde dat graaf Tolstoj 150 jaar geleden in de Kaukasus heeft gevochten en dat hij een symbool kan worden voor verzoening in Tsjetsjenië. ,,Het Russische volk is nu gedwongen te kiezen tussen een nationaal genie en de nationale religie, en dat is een tegenstrijdigheid in de maatschappij en in iedere Rus, aldus Vladimir Tolstoj.

De Heilige Synode van de Russisch-orthodoxe kerk deed Tolstoj op 24 februari 1901 in de ban omdat hij 'de kerk en het orthodoxe geloof belasterde'. Hij zou het geloof van de 'moeder die hem had grootgebracht', ondermijnen. De excommunicatie van de 'valse profeet' Tolstoj hing destijds op elke kerkdeur in het land.

Tolstoj verwierp in de tweede helft van zijn leven de autoriteit van de kerk en ontwikkelde zijn eigen versie van het christendom. In zijn werk 'Ispoved' (Biecht, uit 1884 ), concludeerde hij dat alleen het geloof, en niet rationele kennis, zin kan geven aan het bestaan. Daarbij nam hij de Bijbel als richtsnoer, de regels van de georganiseerde religie vond hij hypocriet. Om de Bijbel te bestuderen zou Tolstoj volgens zijn biograaf Troyat zelfs Nederlands hebben geleerd, omdat hij dacht dat Nederland de beste bijbelvertaling had.

In 'Voskresenje' (Opstanding, 1898), Tolstojs laatste epische werk, maakt de mondaine hoofdpersoon een morele wedergeboorte door. Vooral Tolstojs ontkenning van de betekenis van de opstanding van Christus, en zijn overtuiging dat de mens het goede in zichzelf in dit leven kan ontwikkelen, beschouwde de kerk als ketters. Toch trok Tolstoj met zijn ideeën en preken een grote schare aanhangers.

Een woordvoerder van de Russisch-orthodoxe kerk zei gisteren dat veel van Tolstojs geschriften ook vandaag voor de kerk nog even onacceptabel zijn.

Op 22 januari 1909, een jaar voor zijn dood, schreef Tolstoj in zijn dagboek: ,,Ik kan niet terugkeren naar de kerk en berouw tonen, net zoals ik voor mijn dood niet zal vloeken of obscene afbeeldingen bekijken. Toen hij op sterven lag wees hij een priester die kwam om hem de absolutie te verlenen, de deur. De kerk verbood daarom een officiële rouwdienst voor de graaf. Op zijn eigen verzoek werd Tolstoj niet op het kerkhof begraven, maar in het bos bij zijn landgoed Jasnaja Poljana, waar zijn achter-achterkleinzoon nu het museum beheert.

mailIcon print |