*

 
dossier

Archief

Roma leven tien jaar korter

Rienk Feddema − 28/02/01, 00:00

In de wereld leven volgens schatting tussen de 12 en 20 miljoen Roma (Sinti meegerekend), waarvan de meesten in Midden- en Oost-Europa. Aanvankelijk waren de Roma een trekkend volk dat leefde van onder meer seizoenarbeid, metaal- en houtbewerking, messenslijp, kruiden verzamelen en de verkoop daarvan, en waarzeggerij. De meerderheid van de bevolking zag in de aparte leefwijze en aanwijsbare etnische/culturele kenmerken van de Roma-minderheid regelmatig aanleiding tot racisme, vervolging en in de twintigste eeuw zelfs tot de holocaust van een half miljoen Roma.

In de vorige eeuw zijn genoemde beroepen grotendeels in onbruik geraakt met de modernisering van de samenleving en de gedwongen integratie in de totalitaire Oostblok-maatschappijen. Vrijwel iedereen werd tewerkgesteld en in een huis geplaatst, en de meeste kinderen naar school gestuurd. Echter normale Romakinderen werden meestal op speciale scholen geplaatst, bedoeld voor kinderen met een handicap. Vanwege gebrek aan voldoende opleiding en vooral door discriminatie kwamen de Roma vrijwel uitsluitend terecht in ongeschoold werk, dan wel in onzekere banen in de informele sector. In veel gevallen werden Roma-gezinnen vanuit hun krotten in nieuwgebouwde Oostblok-flats ondergebracht. Door dit dwangbeleid ontstonden weldra nieuwe scheidslijnen: niet-Roma vonden dat Roma op het gebied van huisvesting bevoordeeld werden.

De speciale scholen voor Roma bleven ook na 1989 gewoon gehandhaafd. Zo zat in Tsjechië in 1997 64 procent van de Roma-kinderen op een dergelijke achterstandsschool, versus slechts 4,2 procent van de gehele bevolking.

Door massale uitsluiting, werkloosheid, armoede, uitval in schoolbezoek, gebrek aan volwaardige scholing en doorstroming, en ziekmakende huisvesting is het niet verwonderlijk dat de gezondheidssituatie van de Roma veel slechter is dan die van de niet-Roma.

In Hongarije leven de Roma gemiddeld tien tot vijftien jaar korter dan de niet-Roma en de Roma-kindersterfte is in Tsjechië/Slowakije zelfs twee keer zo groot.

Gelukkig zijn er ook tekenen die wijzen op verandering. De EU heeft in 1999 al ongeveer 10 miljoen euro aan Roma-gerelateerde projecten in Bulgarije, Tsjechië, Hongarije en Slowakije uitgegeven. Met name voor onderwijs en anti-disciminatieprojecten. De EU beoogt dit budget voor meersoortige projecten de komende jaren sterk uit te breiden. Binnen de Midden- en Oost-Europese landen is er in elk geval een papieren aanzet om Roma bij het beleid te betrekken. Zo zijn in Tsjechië, Slowakije en Roemenië consultatieve raden voor Roma opgericht. Daarnaast is er ook sprake van ontwikkeling van zelforganisatie bij Roma en krijgt ook het maatschappelijk middenveld de Roma meer in het vizier.

mailIcon print |