Denken Sie an Straubeta! Het zal Edmund Stoiber, de CDU/CSU-kanselierskandidaat bij de Bondsdagverkiezingen in september meer dan eens worden voorgehouden. Voor de tweede maal in de ruim vijftigjarige geschiedenis van de Bondsrepubliek is een politicus uit de 'kleine' CSU landelijk lijstrekker voor de beide zusterpartijen. En aan de eerste keer worden de Duitse christen-democraten liever niet herinnerd.
Toen Franz Josef Strauss in juli 1979 na een discussie van bijna zeven uur tot Kanzlerkandidat was gekozen, wist hij niet of hij daar blij mee moest zijn. Zeker, de Beierse minister-president wilde al lang bondskanselier worden, maar of dit moment wel het juiste was? De peilingen wezen niet bepaald op een verkiezingszege voor de christen-democratische oppositiepartijen en Strauss wachtte liever het ogenblik af, waarop het sociaal-liberale kabinet van Helmut Schmidt in zwaar weer zou komen. Maar dat moment kwam niet - althans: tóen niet - en de opportunist Strauss moest zich met frisse tegenzin tot het lijsttrekkerschap laten overhalen.
Er was nóg iets wat hem deed aarzelen. In 1976 had de premier van de deelstaat Rijnland-Palts als CDU/CSU-lijsttrekker bij de Bondsdagverkiezingen een fraai verkiezingsresultaat geboekt, maar toch niet kunnen voorkomen dat de regerende SPD/FDP-coalitie haar - krappe - meerderheid behield. De naam van de nieuwkomer: Helmut Kohl. Strauss had zich juist toen meer kansen toegedicht, maar dolf in de strijd om de partijkandidatuur het onderspit tegen de veel grotere CDU-aanhang, die Kohl ondersteunde. FJS liet in die dagen geen gelegenheid onbenut om zijn rivaal als 'eeuwige kandidaat' en Dummkopf af te schilderen, die ten enenmale ongeschikt voor het bondskanselierschap zou zijn. Deze diskwalificaties kende Kohl uiteraard, en Strauss wist, vier jaar na dato, niet of hij op steun van de inmiddels tot fractievoorzitter opgeklommen Kohl en het grootste deel van diens CDU kon rekenen.
De relatie tussen de beide christen-democratische partijen stond ook onder spanning. Sinds het totstandkomen van de Bondsrepubliek in 1949 waren de CDU, die op Beieren na in alle deelstaten vertegenwoordigd was, en de alleen in de Freistaat Bayern optredende CSU gezamenlijk opgetrokken. Onder leiding van de populistische Straubeta, die geboren leek voor het sterk gepolariseerde politieke klimaat van de jaren zestig en zeventig, groeide de CSU-aanhang en daarmee ook het gevoel voor eigenwaarde bij het kleine, conservatievere zusje.
Illustratief voor dat toegenomen zelfbewustzijn was de 'coup' van november 1976. Bij monde van het Bondsdaglid Friedrich Zimmermann - Strauss zelf bleef op de achtergrond - verklaarde de CSU de Fraktionsgemeinschaft met de CDU te beëindigen en voortaan in het hele land met een eigen kandidatenlijst te willen uitkomen. Zelfs het oprichten van een geheel nieuwe partij werd niet uitgesloten.
Daarmee had Strauss een kleine politieke aardschok veroorzaakt die nog lang zou natrillen. Kohl, die bij het horen van het nieuws een ongekende woedeaanval kreeg, kondigde een paar dagen later echter even eenvoudig als doeltreffend aan dat, indien de CSU de deelstaatgrenzen overschreed, de CDU in Beieren met eigen kandidaten zou aantreden.
Dat deed vooral de voorzitters van de plaatselijke CSU-afdelingen verbleken. Met de absolute meerderheid voor hun partij in veel kiesdistricten zou het nu weleens afgelopen kunnen zijn. En zou een landelijke CSU wel in staat zijn om de kiesdrempel van vijf procent te halen? Strauss bond in, het besluit werd herroepen, de interfractionele samenwerking hersteld en FJS moest toegeven dat zijn rivaal Kohl hem op een 'Straubeta-wijze' in de tang had genomen.
Kohl was intussen zelf niet onomstreden. Sommige CDU-fractiegenoten onderschreven de scherpe kritiek van Strauss op de provinciaals overkomende man uit de Pfalz. Kohl kende die twijfels jegens zijn persoon en realiseerde zich dat hij, ondanks de acceptabele verkiezingsuitslag van 1976, voor een eclatant succes moest zorgen, wilde hij door de hele partij als politiek leider worden aanvaard.
In 1980 zouden er weer Bondsdagverkiezingen zijn en Kohl gaf zichzelf nog minder kans tegen de zittende SPD-kanselier Schmidt dan vier jaar eerder. Bij de verkiezingen voor het CDU/CSU-lijsttrekkerschap trok Kohl zich daarom wijselijk terug en liet zijn collega-premier van Nedersaksen, Ernst Albrecht, tegen Strauss aantreden - en een nederlaag lijden. Zijn politieke vrienden hield hij voor, dat Strauss het vermoedelijk tegen de nog steeds populaire Schmidt ook niet zou redden. Daarop zou Strauss zijn landelijke politieke ambities moeten opgeven en zou men van hem verlost zijn.
Zo werd de Beierse kanseliersaspirant in een positie gedrongen, die hij voor anderen had willen reserveren. De tactiek van zijn campagne hinkte op twee gedachten: op de ene verkiezingsbijeenkomst was FJS de polemicus van weleer die, hevig transpirerend, zijn stokpaardje van Freiheit statt Sozialismus bereed, bij andere gelegenheden speelde hij de wijze staatsman die rustig en bedachtzaam sprak, maar op oude medestrijders eerder saai en voorspelbaar overkwam.
Zo kwam het op de dag van de stemming wie es kommen musste. Bij het opmaken van de verkiezingsuitslag op 5 oktober 1980 bleek dat de CDU/CSU 44,5 procent van de stemmen had behaald, ruim vier procent minder dan onder 'Dummkopf' Kohl, vier jaar eerder. De SPD won licht en coalitiepartner FDP fors, zodat Schmidt kon doorregeren. Opnieuw bleek Kohl slimmer dan Strauss had gedacht. Deze trok zich teleurgesteld in zijn Beierse Heimat terug, zoals Kohl had verwacht. En ook het laatste tactische ballonnetje van Kohl ging op: twee jaar later, in 1982, blies de FDP de sociaal-liberale coalitie op en vormde met de christen-democratische partijen een nieuw kabinet - onder leiding van bondskanselier Helmut Kohl.
De campagneleiding van Franz Josef Strauss zal zich na het echec in 1980 achter de oren hebben gekrabd. Stoiber begrijpt inmiddels hoe het níet moet. En híj kan het weten, want een van de campagneleiders van tweeëntwintig jaar geleden heette . Edmund Stoiber!
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.