Het eindvonnis is binnen, maar de zaak is nog lang niet voorbij. De kantonrechter in Middelburg bepaalde op 4 december vorig jaar dat een transformatorenfabriek in Goes aansprakelijk is voor de rsi-schade die een werknemer bij het bedrijf opliep. Het is het eerste Nederlandse rsi-vonnis tegen een werkgever.
Na deze veroordeling stemde een hogere rechter bij dezelfde rechtbank echter in met een verzoek van de werkgever om alsnog een neuroloog en een orthopeed naar de gezondheidsklachten van de werknemer te laten kijken. ,,Vreemd, dat bij een en dezelfde rechtbank zo langs elkaar heen wordt gewerkt'', zegt mr. W. Waardenburg, advocaat van de betrokken werknemer.
Maar ook los van het opmerkelijke na-ijlvonnis van de rechtbank, ziet het er naar uit dat de Middelburgse zaak tot aan de Hoge Raad wordt uitgevochten. Het gaat hier om grote belangen. Twintig tot veertig procent van de werkende bevolking in Nederland heeft in meer of minder mate last van rsi, aldus de Gezondheidsraad in een vorig jaar verschenen advies. Het gaat bij deze nog niet erkende beroepsziekte om klachten aan nek, schouders, armen, vingers of polsen door veelvuldig herhaalde kleine beweigingen. Beeldschermwerkers, cassières, werknemers in de bouw en inpakkers hebben de grootste kans op de rsi.
Uit het Middelburgse vonnis blijkt dat werkgevers aansprakelijk zijn voor rsi-problemen, als die zijn veroorzaakt door slechte werkomstandigheden. In deze zaak achtte de kantonrechter dat laatste overtuigend aangetoond. De werknemer kreeg in 1987, hij werkte toen negen jaar bij de baas, de eerste klachten. In 1993 was hij lange tijd ziek thuis. Een jaar later begon hij weer, om in 1995 definitief uit te vallen met nek-, schouder- en rugklachten. Hij kreeg een WAO-uitkering.
In 1997 stelde hij zijn vroegere werkgever aansprakelijk. Hij had rsi gekregen door repeterend monotoon werk onder slechte ergonomische omstandigheden. De werkgever ontkende de beschuldigingen. Het werk was afwisselend, de werkdruk niet te hoog en de werkplek goed ingericht.
De kantonrechter verwierp dat verweer. De werkgever slaagde er naar zijn oordeel niet in om aan te tonen dat hij zijn veiligheids- en zorgverplichting uit de Arbowet was nagekomen. De werknemer daarentegen kon met een deskundigenrapport van de rsi-specialist dr. Van Eijsden-Besseling overtuigend aantonen dat hij door zijn werk klachten had gekregen en schade had geleden.
Maar de werkgever vond Van Eijsden niet onafhankelijk genoeg en eiste bij de rechtbank een nieuw deskundigenonderzoek. Dat werd dus na het vonnis van de kantonrechter toegewezen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.