*

 
dossier

Archief

Schouten

Rob Schouten − 11/10/02, 00:00

Dinsdagmiddag. Stralend koud weer, zoals ik dat vooral uit Minnesota ken. Op de Benoordenhoutseweg worden we van achteren door een gemotoriseerde agent opzij gedirigeerd. Een stoetje AA-auto's. Eigenlijk heel gewone auto's, valt me op, geen Mercedessen of Bentleys; als dat AA-nummerbord er niet op zat ging je er niet voor opzij. Toch even kijken of we iemand herkennen. Het kan natuurlijk ook gewoon een lid van de hofhouding zijn, een lakei of zo. Maar het is prins Constantijn. Dat jochie dat de bal tegen de journalisten aan schopte. ,,Constantijn!'', klonk het, zoals we dat graag horen, een moeder die haar zoontje vermaant. Zoon van de prins die met een stripteasegebaar zijn stropdas weggooide, zoals we dezer dagen in rituele herhalingen ingepeperd krijgen.

Daarnaast Laurentien, zo te zien. Waarvoor dient het koningshuis? Om ernaar te kijken, vermoed ik, keer op keer de oneindige afstand tussen hen en ons te voelen en toch te vermoeden dat ze zijn als wij. Dat ze ook eerbiedig hun vaders begraven. Maar dat wij ze daarbij staan aan te gapen maakt ze misschien tenslotte toch ongewild maar definitief anders. Ik geneer me voor mijn kinderachtige impuls om iemand in die hofauto te herkennen maar het valt niet te bestrijden. Is het een verwaterd relict uit de tijd dat aan vorsten geneeskrachtige werking werd toegeschreven? Nu kom je thuis en vertelt: ik heb Constantijn gezien. Hij zag er ernstig maar niet doodongelukkig uit, misschien een beetje zoals ik ten tijde van het sterven van mijn vader.

Nederland kent, tot verrassing van vooral zichzelf, geen officiƫle rouw. We mogen zo'n beetje zelf bepalen wat we eraan doen. En kennelijk willen we met z'n allen de hele dag liefst menselijke beelden van het koninklijk huis. Verhalen over sympathie, intelligentie, aardigheid, vanzelfsprekendheid. Zodat we ons thuis blijven voelen in de Republiek van Oranje. Daar hoort een soort rouwen bij dat we vergeten leken te hebben na het hysterische beklag om volksheld Pim. Je hebt het gevoel dat we het met een zekere verbazing ondergaan: o, zo doen we dat dus. Ingetogen, haast klassiek. Je hoeft geen lid van een Oranjevereniging te zijn om te zien dat het een waardevol, oud gevoel teweegbrengt. Tussen alle soaps en gekwetter door even iets van beschaving.

mailIcon print |