*

 
dossier

Archief

Na universiteit heeft chef meer ondergeschikten

BIJDRAGEN: NELY VAN DAM − 16/04/94, 00:00

Tussen opleiding en functie is het verband niet altijd even helder. Dat is deze week opnieuw gebleken uit een onderzoek van het ministerie van onderwijs in de abonnementsgegevens van het blad Intermediair.

Bijna hondervijftigduizend hoger opgeleiden lezen het blad. Zij komen vooral uit de sectoren techniek, economie, landbouw en natuurwetenschappen. Gegevens ontbreken echter over afgestudeerden in de sectoren taal en cultuur, gedrag en maatschappij en onderwijs van het HBO. Representatief is het onderzoek daarom niet. Te meer niet, omdat het aantal werkzoekenden onder de abonnees ver beneden het landelijk gemiddelde ligt en alleen gegevens bekend zijn van opgeleiden tot 45 jaar. Maar toch: Van alle abonnees vervullen zes op de tien personen een leidinggevende functie. Het aantal leidinggevenden onder de afgestudeerden van hogescholen en universiteiten verschilt weinig van elkaar. Alleen lijken de wetenschappelijk opgeleiden vaker aan grotere groepen (26 en meer personen) leiding te geven dan chefs die van het hoger beroepsonderwijs (HBO) komen.

HBO-ers zijn vaker dan universitair opgeleiden werkzaam in het middenbedrijf (tussen twintig en vijfhonderd werknemers), maar WO-ers op hun beurt vaker in het kleinbedrijf (hooguit twintig werknemers). De WO-opgeleiden vervullen vooral functies in organisaties met meer dan vijfhonderd personen. Over het algemeen blijken WO-ers werkzaam te zijn in de zakelijke dienstverlening, bij de rijksoverheid en in het onderwijs. HBO-ers bij grote bedrijven werken vooral in de zware en lichte industrie.

Slechts een kleine groep wetenschappelijk opgeleiden (ongeveer tien procent) heeft een onderzoekfunctie. Voor bijna twintig studierichtingen is het aandeel afgestudeerden dat werkzaam is in een onderzoekfunctie groter dan een kwart. Dat geldt vooral voor de sectoren landbouw en natuur. Bij ongeveer tien studierichtingen, waarvan de meeste bij 'recht' en 'economie', was er sprake van een laag percentage (minder dan vijf procent) afgestudeerden in onderzoekfuncties.

mailIcon print |