Van een onzer verslaggeefsters AMERSFOORT - Bijna elke zichzelf respecterende maatschappelijke (vrouwen)organisatie heeft het thema 'de multiculturele samenleving' wel op de agenda staan. Dan komt bijvoorbeeld de directeur van het plaatselijke asielzoekerscentrum een verhaaltje houden op de jaarvergadering.
De Christelijke plattelandsvrouwenbond (CPB) wilde méér, 'echt' en 'duurzaam' contact met andere culturen in Nederland. Sinds kort draait in zeven afdelingen een 'interculturele leeskring', waar buitenlandse vrouwen en plattelandsvrouwen elkaar ontmoeten.
Hoewel er in de CPB al jarenlang ruim 120 leeskringen van leden draaien, was het niet gemakkelijk dit initiatief van de CPB en het Landelijk steunpunt buitenlandse vrouwencentra van de grond te tillen. “Veel plattelandsvrouwen hadden een houding van: bij ons in dorp is dat niet zo nodig, daar zijn geen buitenlanders”, vertelt projectleidster Nan Botting.
“Velen weten niet eens dat er in hun omgeving ergens buiten in de bossen een asielzoekerscentrum is gevestigd. In het begin reageerden dus maar weinig leden op het voorstel. Onderhuids speelt vast dat het natuurlijk niet hóórt om te discrimineren, terwijl die stap tot een echte ontmoeting met buitenlanders voor veel Nederlanders heel groot is.”
Toch begonnen er vorig jaar twee 'proef-leeskringen' in Nijkerk en Rotterdam, waarbij vijf CPB'sters vijf vluchtelingenvrouwen (Nijkerk) en vijf Marokkaanse vrouwen (Giessenburg en Rotterdam) ontmoetten. De voertaal bij het gezamenlijk bespreken van teksten was Nederlands.
De leeslijst bestond eerst uit boeken van Kadir Abdolah, Buchi Emecheta, Marga Minco en een feministische versie van het sprookje over de kleine zeemermin. “Het sprookje liep heel slecht”, vertelt Botting. “De buitenlandse vrouwen vonden het te kinderachtig. Ze hadden het liefst via de leeskring een certificaat voor Nederlands gehaald en daar past zo'n sprookje voor hun gevoel niet bij. Marga Minco daarentegen was een groot succes. In Nijkerk leverde dit boek emotionele disussies op tussen vluchtelingenvrouwen en de CPB'sters die de oorlog hebben meegemaakt.”
Op basis van de proef is besloten in de toekomst met (kortere) verhalen te werken. Ook is er materiaal gemaakt als handleiding met discussiepunten voor het bespreken van de verhalen. Daarnaast is er een woordenlijst toegevoegd, bestaand uit woorden die de vrouwen zelf in de leeskringen als moeilijk hebben ervaren. Dit nieuwe materiaal wordt tijdens een studiedag op 18 november gepresenteerd.
In onder meer Pijnacker, Gouda, Groningen, en Alphen zijn al nieuwe groepen begonnen. Ook worden er op dit moment 20 buitenlandse vrouwen en CPB'sters opgeleid als (vrijwillige) leidster van leeskringen. Botting: “Vrouwen hebben zelf het initiatief genomen en zijn naar buitenlandse vrouwencentra, stichting Basiseducatie of naar het vluchtelingenwerk gestapt.”
De CPB (16 500 leden) hanteert bij het project geen dubbele agenda. Immers, een leeskring zou toch een manier kunnen zijn om via buitenlandse vrouwencentra het vergrijsde ledenbestand wat op te vrolijken. Botting: “Nee hoor! Allochtone vrouwen zitten er niet op te wachten om lid van de CPB te worden. Ze zeggen dat hun emancipatie gaat via hun eigen organisaties. Ons materiaal kan in elke organisatie worden gebruikt. Toch waren de meesten heel enthousiast over het contact met plattelandsvrouwen uit de buurt.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.