Poesje-lief Onse poes
lag in het sonnetjen Hij dag# ik ga is prambere ov ik ken jonge# en hij prambeerde hut# en hut gong#
Anonymus
De herkomst van bovenstaand juweeltje van kinderpoëzie kan ik niet meer achterhalen. Lang geleden ben ik het ergens tegengekomen in één of ander werkje over taalonderwijs op de basisschool. Sedertdien heb ik vele malen anderen deelgenoot gemaakt van dit prachtige gedicht en altijd met groot succes.
Of is dit geen gedicht ? Het rijmt toch niet ? Nou-en ! Moet dat dan ? U bedoelt: Het rijmt niet aan het eind van de regels. Dat is waar, maar aan die onontkoombare eis moeten Sinterklaasversjes voldoen en het 'gedicht' van Ome Nelis op de koperen bruiloft van zijn klaverjasmakker. Waarachtige poëzie houdt best wel van rijm, maar dat hoeft niet per sé eindrijm te zijn. Begin- en middenrijm mogen ook, maar het moet niet. Een goed gedicht kenmerkt zich door beeldspraak, ritme, pregnante zegging, expressie, puntigheid, etcetera. En wat die rijmdwang betreft, daar is in dit gedicht heus wel aan voldaan: vijf maal een korte o-klank en vier maal een korte a-klank!
Waarom ik dit een specimen van zuivere poëzie vind ? Omdat dit een stukje dichte taal is, dat wil zeggen het is afgesloten, het is 'toe'; er hoeft en er kan niets aan toegevoegd of uit weggelaten worden, want dan maak je het kapot. Zoals het er staat, is het af, is het volmaakt.
Het is 'dichte' taal ook in een ander zin: het zijn woorden die op de ene of andere manier de lezer(-es) voor een raadsel stellen, haar of hem confronteren met een probleem waarvan de dichter misschien de oorsprong en de oplossing weet, maar die niet meegeeft in de tekst.
En in de derde plaats is bovenstaande kinderpoëzie een waarachtig gedicht, omdat het - en dat is dan de derde betekenis van het woord 'gedicht' - een schoon voorbeeld is van 'dichte taal' in de zin van geconcentreerde, gecondenseerde taal: één liter soep uit een heel klein blikje ! Je hebt een 'blik'opener nodig om ten volle te genieten van de rijkdom van die gereduceerde inhoud.
Aan alle bovengenoemde voorwaarden voldoet ons kindergedicht zonder mankeren. En daarom is het een stukje taalwonder, afkomstig van een klein mensje dat overweldigd is door het wonder van de geboorte in de poezenmand.
Hier is dat wonder, dat zoveel tijd en handeling van allerlei aard vergt, teruggebracht tot een tijdsspanne van misschien hooguit een uur. En wat nog veel meer een beroep doet op de verbeelding en het geloof van de lezer(-es) is: hier is sprake van een maagdelijke geboorte teruggebracht tot de meest simpele proporties, waarvoor alleen een kinderlijk geloof nodig is. Niks geen taboes, niks geheimzinnigs, niks erotisch, niks opwindends. Alles kinderlijk eenvoudig ! Alles heel nuchter . . .van ene kater dus geen sprake ! !
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.