De discussie die de afgelopen weken op de Podium-pagina is gevoerd over het defensiebeleid had een directe aanleiding: de bezuinigingsvoorstellen die de PvdA voor de komende regeerperiode heeft gedaan. Hoewel sommigen een andere mening zijn toegedaan, moet duidelijk zijn dat de internationale veranderingen van de afgelopen jaren een herbezinning van het veiligheids- en defensiebeleid nodig maken. Dat geldt voor de primaire taak van de landsverdediging in bondgenootschappelijk verband, die door de grotere veiligheid en betere politieke samenwerking in Europa in een volstrekt ander licht is komen te staan. Het geldt evenzeer voor de crisisbeheersingstaak.
Voor alle duideljkheid: de PvdA is niet voor een vermindering van de defensie-inspanning, maar voor een zinnige inspanning. De PvdA heeft van begin af aan voor uitbreiding van de Navo gepleit, omdat daarmee Midden- en Oost-Europa geleidelijk worden opgenomen in een effectief veiligheidstelsel. Dat zal de stabiliteit op ons continent vergroten.
De uitbreiding van de Navo moet samengaan met een algemeen proces van modernisering en aanpassing van het bondgenootschap aan de nieuwe veiligheidssituatie.
Twee elementen zijn hier van belang: de ontwikkeling van een nieuw strategisch concept en een betere taakverdeling binnen de Navo tussen Europese en Noord-Amerikaanse partners. Om een blijvende betrokkenheid van de VS met Europa te garanderen, moet Europa een grotere militaire verantwoordelijkheid nemen. Dit echter zonder doublures: dus niet door onnodige investeringen in militair materieel te doen, maar door flexibel gebruik te maken van de bestaande operationele capaciteit. Dat moet reducties van militaire uitgaven mogelijk maken. Het militair apparaat is een instrument, niet een doel op zich. De kosten van de uitbreiding moeten tot het strikt noodzakelijke worden beperkt.
Raketten
In het nieuwe strategisch denken binnen de Navo worden terecht nieuwe taken geformuleerd. Er worden ook nieuwe dreigingen gedefinieerd.
Veel van die bedreigingen zijn reëel, zoals onveilige massavernietigingswapens in de voormalige Sovjet-Unie die nodig ontmanteld moeten worden, en waarvoor geld nodig is. Of de verspreiding van ballistische raketten in de periferie van Europa. Een antwoord daarop moet internationaal zijn.
De Navo is nu het machtigste militaire blok in de wereld. Nederland is lid daarvan en moet een zinnige bijdrage leveren. Het zou naïef zijn om te veronderstellen dat Nederland een militair apparaat in stand moet houden om zelfstandig een antwoord te hebben op al die dreigingen.
De belangrijkste, in operationele termen en tegelijkertijd kostbaarste, taak in nationaal als internationaal verband betreft crisisbeheersingsoperaties, zoals die van SFOR in Bosnië. Het thans geldende politiek criterium voor deelname hieraan op basis van het Lead Nation concept is dat een groot land, meestal de VS, de leiding heeft en dat de bjdrage van een land als Nederland aanvullend is. Dat geldt zowel voor vredeshandhavende als voor vredesopleggende operaties. De vrees dat Nederland met een kleinere, maar op deze rol toegesneden krijgsmacht, niet in staat zou zijn om internationaal te participeren is nergens op gebaseerd. Kleiner van omvang betekent dus zeker niet kleiner van inspanning, zoals Grin, bestuurskundige aan de vakgroep Politicologie van de Universiteit van Amsterdam, beweert (Trouw 13 januari).
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.