*

 
dossier

Archief

Miljoenenlijntje gered van de ondergang

MATHIEU BEMELMANS − 09/09/95, 00:00

Het Miljoenenlijntje rijdt tot en met december op woensdag, vrijdag en zondag. Inlichtingen over kaartverkoop en vertrektijden zijn verkrijgbaar bij de Zuidlimburgse VVV's.

Sinds het voorjaar rijdt op het steilste baanvak van Nederland weer een trein. Het Miljoenenlijntje tussen Kerkrade en Schin op Geul is in ere hersteld. Mr. Pieter van Vollenhoven heeft gisteren de officiële opening verricht.

Maar vele honderden toeristen hebben zich afgelopen maanden al op nostalgische wijze laten vervoeren. Uiterst traag door oneindig heuvelland: de trein haalt ternauwernood een snelheid van 40 kilometer per uur. “Als het even kan rijden we zelfs nog langzamer om de mensen langer van het uitzicht te laten genieten”, zegt Gort. Een andere reden waarom de trein niet echt snel gaat, is de helling van het spoor: die heeft een verval van 60 meter.

De ZLSM is er trots op dat ze het baanvak van de ondergang heeft kunnen redden. Toen de NS een paar jaar geleden besloot de onrendabele verbinding van Kerkrade naar Valkenburg op te heffen, opperde een aantal treinliefhebbers onmiddellijk het plan dat op het traject van het Miljoenenlijntje een toeristische stoomtrein moest gaan rijden. Zeven jaar en heel veel hindernissen later is het gelukt en het Miljoenenlijntje voor het nageslacht bewaard.

duur

De Miljoenenlijn dankt haar naam aan het feit dat de aanleg ervan in de jaren dertig per kilometer meer dan een miljoen gulden kostte. Met name het traject tussen Schaesberg (nu gemeente Landgraaf) en Kerkrade kostte handenvol geld, omdat dit baanvak nog helemaal moest worden aangelegd. Tussen Kerkrade en Simpelveld lag al een oud mijnspoor en Simpelveld was al vanaf 1844 halteplaats op het traject Maastricht-Aken.

Om het rondje Heerlen-Kerkrade-Valkenburg-Maastricht vol te maken, moest er dus tussen Schaesberg en Kerkrade een nieuw traject worden aangelegd. “Dat dat zo duur was, kwam door het bijzonder heuvelachtige terrein,” legt secretaris P. Janssen van de ZLSM uit. “Om beekdalen te doorkruisen werden er grote aarden dammen aangelegd. De grond daarvoor moest natuurlijk ergens anders worden weggehaald. Verder werd een aantal hellingen in de zogenaamde 'langsrichting' gepasseerd. Dat vergde bijzondere voorzieningen tegen het afschuiven van de baan en er moest rekening worden gehouden met de ondergrondse mijnactiviteiten.”

Al met al een ingewikkelde klus, die vele miljoenen guldens kostte. Een schrikbarend hoog bedrag in de ogen van de gewone reiziger, die het traject in de vooroorlogse crisisjaren onmiddellijk omdoopte in Miljoenenlijn. Dat de ZLSM deze naam gekozen heeft voor haar stoomtrein is historisch overigens niet helemaal correct. De naam heeft immers betrekking op het traject Schaesberg-Kerkrade en uitgerekend daar rijdt de stoomtrein niet.

“Dat is juist”, beaamt Janssen “maar in de volksmond is Miljoenenlijn nu eenmaal de naam voor het hele traject Heerlen-Schin op Geul. Vanuit cultuurhistorisch oogpunt is het traject Schin op Geul-Simpelveld, waarop wij rijden, zelfs veel interessanter dan de echte Miljoenenlijn, omdat dit baanvak deel uitmaakt van de lijn Aken-Maastricht, de oudste internationale spoorlijn van Nederland.”

UIT ZWEDEN

Die verbinding is tot 1992 in stand gebleven en toen bij gebrek aan reizigers opgeheven. Het baanvak Schin op Geul-Simpelveld kwam hiermee vrij, terwijl het traject Simpelveld-Kerkrade al sinds 1989 niet meer door de NS bereden werd. Toch duurde het nog tot dit jaar, voordat er weer een trein over het Miljoenenlijntje kon rijden. Niet alleen het verkrijgen van een concessie om het baanvak te mogen berijden leverde de nodige hindernissen op, ook het vinden van geschikte locomotieven en wagons heeft het bestuur van de ZLSM de nodige slapeloze nachten bezorgd.

“Stoomlocs worden schaars,” zegt Janssen. “Na lang aarzelen over een aantal machines in Oost-Duitsland en Polen hebben we ze uiteindelijk uit Zweden gehaald. Daar stonden bijna tweehonderd locomotieven in de strategische reserve opgeslagen, keurig gereviseerd en in plastic verpakt voor als de Russen zouden komen. Maar de Russen kwamen niet en de Zweedse overheid had geen personeel meer om er mee te rijden en toen besloten ze ze maar te verkopen.”

Met hulp van het Prins Bernhardfonds, het spoorwegmuseum in Utrecht en vele andere sponsors heeft de ZLSM uiteindelijk vier locs kunnen aanschaffen, waarvan er één eigendom is van het museum en de andere drie in bruikleen zijn gegeven. Naast de stoomlocs heeft een van Nederlands kleinste spoorwegmaatschappijen ook de beschikking over acht eersteklasrijtuigen uit 1934 van de Belgische spoorwegen, een buffetrijtuig, een aantal goederenwagons en een dieselloc. De locs en de rijtuigen zijn door een leger vrijwilligers opgeknapt en rijklaar gemaakt. Sinds vorige week staat op het station van Simpelveld ook het Pullman-directierijtuig 'Etoile du Nord' dat door het chemieconcern DSM aan de ZLSM is uitgeleend.

LIJNDIENST

Sinds Pasen onderhoudt de ZLSM een regelmatige lijndienst tussen Kerkrade en Schin op Geul. Onderweg stopt de trein in Simpelveld, Eys en Wylre, stationnetjes die eigenlijk al lang in de vergetelheid waren geraakt. In de toekomst is het de bedoeling dat de trein in Kerkrade binnenloopt op een perron van het museum voor Industrie en Samenleving, dat daar pal naast het spoor moet verrijzen. “Zo worden de stoomtrein en het industriemuseum mooi met elkaar in verbinding gebracht”, aldus secretaris Janssen van de ZLSM.

Intussen hebben alle toeristen op het station van Simpelveld toch een plaatsje in de trein gevonden. De stoker schept nog wat extra kolen op het vuur en na een ferme stoot van de fluit sjokt de trein verder door het Limburgse heuvelland, een zwarte roetwolk achterlatend.

mailIcon print |