*

 
dossier

Archief

Een tegendraadse spin valt uit zijn web

Pieter van den Blink − 13/04/99, 00:00

Zondagavond is op zesenvijftigjarige leeftijd de tekenaar en schilder Dirk Wiarda onverwacht overleden. Hij was vooral bekend als de maker van schrijversportretten en portretten van musici, die onder meer in Vrij Nederland, Het Parool en NRC verschenen. Wiarda maakte weinig vrij werk, de druk van de opdracht had hij nodig. In een column in het programmablad van het Nederlands Philharmonisch Orkest (Nedpho) schreef hij in 1990 onomwonden: ,,Ik weet niets van muziek. We deden thuis niet aan muziek. We hadden geen grammofoon en ook geen piano of orgel.'' Toch maakte hij voor het Nedpho prachtige affiches van componisten. Een expositie in 1996 in het Stedelijk Museum had als titel '10 jaar tekenen in opdracht'.

Toen hij met het tekenen van Mahler, Schubert, Dvorak, Haydn en al die anderen begon (hij werkte zich virtuoos door de hele muziekgeschiedenis heen), luisterde hij op zijn atelier allengs meer naar 'liederen van Schubert of Bach. Of naar een pianoconcert, of een vioolconcert, of een opera...'. Voor 'het gebler en geschreeuw' uit de radio was hij allergisch geworden, schreef hij, waarna hij zich afvroeg: 'Ben ik nu ook oud?'

Zijn portretten gaven aan de affiches van het Nedpho een frisse, popart-achtige uitstraling. Dvorak met een dreigend grote zwarte baard, Sibelius met de fronsende blik vol van Finse bossen. Kenmerkende portretten; geinig, met de rake lijnen van een striptekenaar en toch de serieuze weergave van de portrettekenaar. Pop en klassiek gecombineerd in een herkenningsmelodie die Wiarda hoorde terwijl hij luisterde en in de voorbeeldfoto's zag terwijl hij tekende.

,,De klare lijn, veel weglaten en de kern overhouden'', zo typeert galeriehouder Milco Onrust (door Wiarda wel aangeduid als 'mijn eigenaar') zijn stijl. ,,Hij had een groot psychologisch inzicht. Dat zie je terug in zijn portretten.''

Wiarda is niet oud geworden. Letterlijk niet, en ook niet in de zin van de retorische vraag waarmee hij zijn column voor het Nedpho eindigde. Hij is tegendraads, cynisch, spontaan en onhandig gebleven, even gemakkelijk onder de mensen als op zichzelf. Als een puber, zeg maar. Behalve als kunstenaar vervulde Wiarda ook een unieke rol als peetoom van de halve Amsterdamse kunstwereld. Milco Onrust typeert hem als een ,,gigantische spin in het web. Dirk heeft me vanuit het café de halve wereld laten zien. Museumdirecteuren, schrijvers, beeldend kunstenaars, iedereen schoof bij hem aan.'' Dat zijn enorme gestalte nooit meer zal worden waargenomen in café De Pels, dat hij als zijn huiskamer beschouwde, is onvoorstelbaar.

mailIcon print |