*

 
dossier

Archief

Knutselen met genen

SELMA SCHEPEL − 22/01/98, 00:00

Zojuist zijn er een paar gekloonde kalfjes geboren. De bedoeling is ze te gebruiken 'om medicijnen mee te maken'. Heel verstandig van de wetenschappers om dat erbij te vermelden. Zo kunnen ze lustig hun nieuwsgierigheid op nieuwe technieken botvieren, terwijl de mensheid zich snurkend omdraait, menend dat het voor een goed doel is.

Gewoon het zoveelste dierlijke gereedschap voor de geneesmiddelenindustrie ten dienste van de mens. Ik vind het alleen zo'n omweg om dieren te klonen tot ze een stofje produceren dat menselijke afwijkingen kan genezen. Waarom de mensen niet rechtstreeks genetisch gemanipuleerd zodat ze zelf ziektevrij worden? Ai, dat mag je niet willen. Dan trekt het hele voorspelbare circus voorbij dat zich ook altijd roert bij de bekende andere vruchtbaarheidskwesties.

Emotioneel gekrakeel aan de hand van belegen godsdienstige teksten, verhitte verwijzingen naar Herrenrassenkwekers, deftige omtrekkende bewegingen van ethici: een mens klonen of aan de genen van embryo's rommelen moet niet mogen. Dan komt ook de politiek het snel verbieden, want we wortelen nog steeds in de eerste hoofdstukken van Genesis, ervan uitgaand dat de mens o zo bijzonder is dat hij al het aardse aan zich mag onderwerpen en andere wezens, die ook hun kostje bij elkaar scharrelen of een plekje willen, roofdieren en onkruid noemt, maar zelf de zachtmoedigsten onder hen martelt en uitvreet.

Een paar dingetjes mag de mens dan niet, en daar schijnt op geheimzinnige wijze het knutselen met de eigen genen bij te horen. Er wordt ook wel om grenzen geroepen omdat men terecht bang is voor de mogelijkheden die genetische manipulatie voor rijke gekken opent, voor lelijke Narcissus-wetenschappers die verliefd naar hun eigen genen turen, voor legertjes Saddam-klonen, voor zo'n Amerikaanse dokter met de omineuze naam Seed, die dingen roept als 'Klonen is de eerste stap in de richting om als God te worden'. Wat gewoon een lekker knuppeltje in een hoenderhok is, en verder boude flauwekul. De mens gaat dan misschien een beeld maken, gelijk aan zichzelf, maar zijn eigen beeltenis is nog geen eigen ontwerp. Mensen dromen er al zolang van om zelf menselijk leven te maken: Pygmalions beeld, de Golem, Pinokkio, om 't geijkte monster van F. niet te noemen. Binnenkort kan hij dat echt, en zelfs zijn eigen fysiek kopiëren, wat in de buurt van zo'n andere aloude droom lijkt te komen: onsterfelijk worden. 'Lijkt', want een kloon wordt geen duplicaat.

De subtitel van het boek dat woensdag 20 januari in het Wetenschapskatern besproken werd, 'Klonen. Over het kunstmatig kopiëren van leven' vind ik dan ook heel raar. De voorwaarden voor leven worden weliswaar gekopieerd, maar of het leven zich daarin vast wil bijten, en welk leven dat zal zijn, moet toch afgewacht worden. Een gekloonde mens ontstaat ietsje anders dan de klassiek geconcipieerde, maar er is geen sprake van een nieuwe toevoeging. De vanouds beschikbare ingrediënten volgen alleen geselecteerd een wat andere route. Beter dan klakkeloos iemand klonen is het om een fraai gennetje van hier en een gezond gennetje van daar samen te prakken tot iets wat uitgroeit tot een mens die resistent is tegen virussen, bacteriën, schimmels, kankers wat niet al. Met planten en zaden begint dat intussen al een machtige, wereldwijde industrie te worden. In plaats van zich vast te klampen aan dat ouderwetse, willekeurige zwanger raken, met z'n onvoorspelbare genen-tombola, zou de mensheid moeten juichen dat ze in de toekomst allerlei afschuwelijke scheppingsfouten in de kiem kan smoren. Mocht er een Schepper zijn van wie dat niet zou mogen, dan reken ik het feit dat hij ons die mogelijkheid toch gegeven heeft, tot zijn zoveelste scheppingsfout.

mailIcon print |