LONDEN - Eva De Mulder had het al voorspeld: “Mercurius moet gevreesd worden vanwege de hardheid en ook het eerste schot. Als dat raak is, wordt het voor Deetos moeilijk. Wij moeten kalm blijven, het hoofd koel houden, dan winnen we.” De Belgische in Dordtse dienst voorspelde nog iets: “Ik zal daar op het schotje staan met de grote beker, ik zal hem in de lucht steken met beide handen en ik kus hem ook”.
Zij kreeg haar zin. De Nederlandse kampioen zaalkorfbal won gisteren in Londen de Europa Cup door gisteren in de finale de Belgische titelhouder Mercurius te verslaan. Het werd zelfs een vrij simpele overwinning: 22-14. Bij monde van coach Tony Aerts had Mercurius zich al voor het duel weinig kansen toegedicht. “Als wij tien keer tegen Deetos spelen, hebben we één keer de kans om te winnen. Wij zijn absoluut de underdog. Het is niet zo verwonderlijk, want het Nederlandse korfbal staat een trapje hoger dan dat in België.”
Deetos speeelde voor de vierde maal voor de Europese beker en heeft in die toernooien geleerd. In 1992 liet het zich nog overdonderen in een ordinaire wild-westpartij tegen Catba. Een jaar later volgde de Dordtse revanche - ook tegen Catba - in een moeizaam duel 10-9. In 1994 kregen de Dordtenaren weer te maken met een Belgische geweldsploeg: Borgerhout. Toen al bleek dat de spelers geleerd hadden om te gaan met provocaties. Het Belgische geweld werd simpelweg omzeild door koel en efficiënt spel. Eva De Mulder speelde toen nog bij Borgerhout. Zij had toen al de Europa Cup willen kussen, maar kreeg haar zin duidelijk niet: 20-7. Daarom was zij gisteren euforisch blij. “Vooral omdat ik van mijn landgenoten gewonnen heb. Ik voel mij gans geen Belgische, maar ben een Deetosser.”
Ook van Mercurius verwachtte Deetos moeilijkheden op het gebied van hardheid, maar die bleven uit. “Ze voeren wat in hun schild”, meende de coach Jan Sjouke van den Bos de avond voor de finale nog. “Zij zijn normaal gesproken kansloos tegen ons, dus kunnen ze slechts door hardheid proberen iets te bereiken.”
Mercurius-speler Wim Verhoeven sprak echter die bewering al voor de wedstrijd tegen: “Ik wil altijd winnen als ik het plein op ga. Stevig spel schuw ik niet, maar onze ploeg is er niet een die het van hard spel moet hebben.”
Deetos trachtte vooral erg ontspannen naar de climax van het toernooi toe te leven. Daarin pastte een lichte training op vrijdagavond na een dagje Londen.
Reservevak
Halteplaatsen op weg naar de finale waren de wedstrijden van zaterdag, eerst tegen het Engelse Mitcham, en later op de dag tegen de Spaanse titelhouder St. Llorenc, stand-in voor het Roemeense Armskopi dat zich veertien dagen voor het toernooi afmeldde. De Spanjaarden hadden een week om zich te prepareren, wat hun prestatie niet ten goede kwam. Deetos verscheen met een reservevak tussen de lijnen en speelde niet scherp. De Catalanen mochten rustig aanvallen opbouwen en kregen alle gelegenheid deze af te maken. Zo bereikte ze een niet onverdienstelijke 22-16 nederlaag tegen de latere Europees kampioen. Eerder had Deetos Mitcham kansloos gelaten: 18-7
De finale begon van beide kanten overdonderend: zes schoten leverden zes doelpunten op: 3-3. Even leek het er op dat Deetos het moeilijk zou krijgen. Maar vanaf de vijfde minuut begon de Nederlandse kampioen uit te lopen. Hoewel optisch het verschil tussen beide ploegen niet zo groot leek, was er toch een verschil dat zich vooral uitdrukte in doelpunten. De Belgen wisten in de 25 minuten tot de rust nog maar twee treffers aan de drie eerste toe te voegen; Deetos schroefde de produktie op tot veertien. Daarmee was de wedstrijd uiteraard al snel gespeeld. Volgens Van den Bos waren beide ploegen helemaal niet zo aal elkaar gewaagd. “Wij speelden veel sterker”, concludeerde hij. “Dat komt omdat wij Mercurius nauwelijks kansen lieten creëren. Zij schoten misschien wel veel maar door de druk die wij hen oplegden zeer geforceerd. Het was een beetje wild drammen van die Belgen. Dan ben je niet in balans en daarom waren hun kansen minder en misten hun schoten doel.”
Dat kon zeker van Deetos niet gezegd worden. De Dordtenaren schoten vlijmscherp. De Belgische tweede aanval, die had moeten drijven op de reboundkracht van Benoy en Van Bavel, kregen geen kans. Zoals De Mulder had gezegd: “Het gaat om het eerste schot, als Mercurius dat mist is ervoor ons niets aan de hand.” Na de eerste helft hoefde de tweede slechts te worden uitgezeten. Mercurius probeerde nog wel tot een beter resultaat te komen, maar de afstand van negen treffers bij de rust, bleef zo om en nabij de marge.
Deetos speelde klasse-korfbal. Het toonde zich een hecht korfbalcollectief zonder zwakke plekken. Het tempo lag heel hoog, de balroulatie was knap en de afvang goed verzorgd.
Deetos wordt in de korfballerij vaak vergeleken met Ajax, iets waar de Deetos-spelers wel trots op zijn. Evenals de voetbalgrootmacht zit de Dordtse korfbalclub in een zwaar programma en net als Ajax kampt Deetos met een uitgedunde selectie. Het vertrek van Jacqueline Haksteen (gestopt) en Anouk Brandt (naar Fortuna) heeft het vrouwenviertal verzwakt. Daar komt bij dat veelvoudig korfbalster van het jaar Mirelle Fortuin dit seizoen een abonnement op blessures en ziektes lijkt te hebben.
Bij de mannen begint de leeftijd een gevaarlijke rol te spelen. Oscar Mulders en Hans Leeuwenhoek zijn de dertig gepasseerd, Gertjan Kraaijeveld en Aart Heibeek zijn 27. Deetos beschikt niet over een jeugdpotentieel; bij de club die vroeger bekend stond als 'leuke jonge ploeg' is de kweekvijver met talent angstwekkend leeg. En die situatie wordt nog somberder nu Mulders, Leeuwenhoek en Fortuin hebben laten doorschemeren dat zij het einde van hun carrière zien naderen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.