Van onze parlementsredactie DEN HAAG - Het mestbeleid van het kabinet gaat de Tweede Kamer te ver. VVD en het CDA vinden dat boeren tot het jaar 2000 geen boete moeten betalen voor hun mestoverschot. PvdA en D66 willen wel vanaf 1998 heffingen invoeren, maar die mogen lager zijn dan de ministers Van Aartsen (landbouw, VVD) en De Boer (milieu, PvdA) voorstellen.
Alle fracties toonden zich gisteren tijdens de eerste ronde van het debat over het mestbeleid, zeer bezorgd over het gebrek aan steun bij de boeren voor het regime van een verplichte mineralenboekhouding en boetes, dat het kabinet vanaf 1998 wil invoeren. Een op de drie boeren zegt acties te zullen steunen als de plannen doorgaan. De land- en tuinbouworganisatie LTO wil wel een verplichte boekhouding, maar wijst een heffing tot het jaar 2000 af.
De plannen konden bij de opstelling van de hoofdlijnen, eind 1995, nog op steun van de drie regeringsfracties rekenen. De VVD overweegt nu af te zien van de heffingen. Dat komt, zei woordvoerder Blauw, doordat de fractie in 1995 'nog niet alles op het netvlies' had.
Hij wees op drie onderzoeken die in de tussentijd zijn uitgevoerd. Die tonen volgens hem zonneklaar aan dat de regeling voor boeren te duur wordt. “Het beeld dat we nu hebben is dat hetgeen we vragen, erg veel is.”
Daarom noemde hij een verlaging van de heffing 'het overwegen waard'. Maar meer voelde hij voor het helemaal afzien van de boetes, zeker waar de LTO heeft gezegd zich maximaal te zullen inspannen het beleid ook zonder heffingen tot een succes te maken. Hij zal de komende weken voordat de ministers antwoorden, gebruiken om met de bestuurders te bespreken hoe hard die toezegging precies is.
Zover willen PvdA en D66 niet gaan, maar ook zij pleiten voor versoepeling van de regels. De boetes zouden volgens hen iets lager kunnen en wellicht zouden ze wat minder snel moeten oplopen. Maar ze wijzen het afzien van de heffingen af. “We zitten niet op dat spoor en daar komen we ook niet op”, zei sociaal-democraat Huys. Weliswaar had hij wel even aan die oplossing gedacht, maar hij had die suggestie snel weer verworpen. Zonder de dreiging van boetes, is het systeem volgens hem te vrijblijvend en niet meer dan een leer-instrument, waarvan ernstig zou moeten worden betwijfeld of er 'relevante milieuwinst' te boeken is.
De PvdA vindt dat er tegenover de boetes, ook premies moeten staan op goed gedrag. Huys noemde het jammer dat de ministers zich over zo'n bonus-malus systeem sceptisch hebben uitgelaten “Dat is een gemiste kans.” Juist het uitzicht op premies zou de boeren kunnen motiveren tot beperken van de uitstoot, aldus Huys.
Met dat enthousiasme valt het trouwens volgens de PvdA-woordvoerder ook in de agrarische wereld niet eens zo tegen. Hij zei de indruk te hebben dat slechts de 'nee-stemmers' gehoord worden, terwijl hij regelmatig enthousiaste boeren ontmoet, niet in de laatste plaats in de biologische landbouw. “Maar de laatste tijd kunnen of durven zij zich nauwelijks meer hoorbaar te maken.”
CDA-woordvoerder Van der Linden daarentegen hoort uitsluitend negatieve geluiden uit de agrarische sector. Dat is voor het CDA de reden dat ze zich nog net zo hard als in 1995 verzet tegen de heffingen. “Wij voorzien grote problemen en wij vrezen dat de zaak vastloopt”, zei de CDA-er. Hij wees op de 'vertrouwensbreuk' die zich volgens hem aftekent tussen boer en politiek en hij noemde de regeling oncontroleerbaar, fraudegevoelig, uiterst ingewikkeld en kostbaar bovendien.
Van der Linden sprak van een 'politiek dictaat', en verweet de regering meer rekening te houden met een draagvlak in het parlement dan in de agrarische sector. Huys evenwel zei dat het CDA zich laat leiden door een dictaat van de boeren. En D66 zei dat het CDA zich onttrekt aan een breed gedragen gevoel in de samenleving.
De kleine partijen zijn verdeeld over de kwestie. De SGP pleitte voor afzien van de heffingen, al noemde woordvoerder Van der Vlies zichzelf 'kwetsbaar' op de vraag of uitstel te rijmen is met verantwoord milieubeleid.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.