*

 
dossier

Archief

'Beleggen is een verslaving geworden'

KOOS SCHWARTZ − 09/05/98, 00:00

AMSTERDAM - “Er zijn mensen die zeggen dat ik uit de goot kom. Ik zie dat anders. Goed, ik heb nooit geld gehad en ik ben opgegroeid in tehuizen, omdat mijn moeder, eeeh, geen kinderen kon opvoeden. Maar die huizen stonden altijd wel in sjieke villawijken.

Toen ik 17 jaar was, raakte ik in Laren bevriend met een jongen. Zijn vader zat altijd op hem te vitten. Die vader verhaalde dan over mensen die rijk waren geworden door met Oost-Europa in gouden horloges te handelen; dat zou zijn zoon ook moeten doen. Pa klaagde ook altijd over zijn aandelen. Ik dacht toen: het ligt niet aan die aandelen, het ligt aan jou. Toen ben ik de beurs gaan volgen. In de kranten. Als ik ooit geld heb, dan ga ik beleggen, dacht ik. En als ik ga beleggen, dan in het groot.

Achteraf is het begonnen in 1982, al wist ik dat toen nog niet. Met mijn vriend kocht ik voor 39 000 gulden een huis in een afbraakbuurt. Voorzover we geld hadden, stopten we dat in het huis. Het opknappen kostte jaren, eigenlijk is het nog steeds niet af. Af en toe hadden we werk, vaak ook niet.

De huizenmarkt was in 1982 op zijn diepste punt, al wisten we dat natuurlijk ook niet. Maar geleidelijk steeg de waarde van het huis. Twee jaar geleden bleek de overwaarde een ton te bedragen. Ik heb geld, bedacht ik me. Voor die ton hebben we een extra hypotheek genomen en met dat geld ben ik gaan beleggen. Er wordt gezegd dat je dat niet moet doen, beleggen met geleend geld. Er wordt gezegd dat het niet helemaal deugt, omdat je enerzijds meer hypotheekrente mag aftrekken en anderzijds extra kan verdienen zonder daarover belasting te betalen. Daar zit natuurlijk wat in. Maar het mag. Bovendien hebben we, toen we een uitkering hadden, ons eigen huis moeten opeten.

Het Postbank Aandelenfonds en Ahold, daar stopte ik geld in. Van Ahold kocht ik 250 stuks, ik weet het nog precies. Maar het ging me te langzaam. Ik ontdekte dat je een beleggingsrekening kon openen. Op basis van je aandelenbezit kon je extra geld lenen. Als je van dat geleende geld weer aandelen kocht, kon je nog meer lenen. Zo leende ik mijn tweede en mijn derde ton. Omdat ik een paar dingen bij de notaris moest regelen en die man zijn werk traag deed, moest ik een tijdje wachten met kopen. Tijdens die wachtdagen raakte de beurs in een dip en kon ik vervolgens relatief goedkoop inkopen. God kijkt mee, dacht ik toen.

Ik wilde snel succes. Het Aandelenfonds leverde te weinig op. Dat gooide ik er uit. Ik kocht aandelen Aegon, omdat ik had gedroomd dat ik die moest kopen. Een dag later verkocht ik een deel en haalde zo 2 000 gulden binnen. Mooi, vond ik dat toen. Vlak daarna kocht Aegon de Amerikaanse verzekeraar Providian. Ik had dus te vroeg verkocht, maar dacht wel: ik ben toch een beetje helderziend. Het tweede deel van de Aegon-aandelen verkocht ik daarna. Dat leverde me 2000 keer een tientje op. Ook dat vond ik erg mooi.

Ik ging de koersen extreem goed volgen. Baan en ASM-Lithography sprongen er uit, zo viel me op. Wat ASM-L maakte, wist ik toen niet, maar ik kocht de aandelen wel. In een week tijd verdiende ik er 10 000 gulden op. Ik kocht en verkocht, deed veel transacties, ging voor de snelle winst. Na een jaar beleggen ging ik rekenen. Ik had winst gemaakt, zeker. Maar omdat ik zo veel had gehandeld en zulke hoge kosten had gemaakt, had ik net zo goed kunnen blijven zitten in het Postbank Aandelenfonds en Ahold. Dat had me net zo veel opgeleverd.

De beurzen bleven stijgen en dat gold zeker voor Baan en ASM-L. Een half jaar geleden stond ik op een winst van 3,5 ton. Toen wilde ik een klapper maken en kocht 3 000 stuks Baan en 3 000 stuks ASM-L. Toen begon de crisis in Azië en klapte de beurs in Hongkong in. In paniek verkocht ik bijna alles. Van de 3,5 ton winst was nog 1,6 ton over en daar moet je dan de ton die ik geleend had nog van aftrekken.

Ik ging op vakantie en had nog maar één fonds: Prolion, dat melkrobotten maakt. In het vliegtuig kwam ik een jezuiet tegen. We praatten over de beurs, over bedrijven en hadden dezelfde voorkeuren: Baan, ASM-L. Alleen Prolion zag hij niet zitten. Hij had een krant bij zich en ik zag dat Prolion op 58 gulden stond. Ik had ze eerst voor 30 en later voor 44 gulden gekocht. “Het dieptepunt is nu voorbij”, zei ik.

Met Prolion verdiende ik goed. Maar geld om stevig in aandelen te investeren, had ik niet meer. Toen ben ik in de opties gestapt. Opties zijn goedkoper, die jezuiet zat er trouwens ook in. Bovendien gingen mijn favoriete fondsen, Baan en ASM-L deel uitmaken van de AEX-index en was het mogelijk om opties op die aandelen te kopen. Vooral in Baan had ik veel vertrouwen. De gebroeders Baan zijn zeer gereformeerd en dus betrouwbaar en oerdegelijk. Ze deden me denken aan de vader van die vriend uit Laren.

Met de opties ging het razendsnel. Vooral aan opties ING heb ik veel verdiend. Zo kocht ik begin maart 200 opties voor 76 500 gulden. In april verkocht ik ze voor 270 000 gulden. Op andere opties haalde ik rendementen van 300 tot 500 procent. Ik stond een paar weken geleden op 8,5 ton. Ik was rijk, ja. Inmiddels ben ik weer flink gezakt. Met opties ABN Amro heb ik 30 000 gulden verloren, de drie ton die ik in opties Baan heb gestoken, zijn nu haast niets meer waard omdat Baan de laatste weken sterk is gedaald.

Of ik ook gelukkig ben? Ooit vond ik op straat 25 gulden. Daar was ik blijer mee dan met 10 000 gulden winst nu. Toen ik nog werkte, begon de dag met de krant, de beurspagina en een blik op de koersen. Dan naar mijn werk, even de bank bellen en weer werken. 's Middags weer de bank bellen en werken, 's avonds de beurspagina's op Teletekst afschuimen, kijken naar Business Update op RTL en CNN business, hoe heet dat, business news, geloof ik. Het slokt je op, het vreet energie. Het is een verslaving geworden. Aan het eind van de dag was ik blij dat de dag was afgelopen. Nu werk ik niet meer, maar het blijft energie opslokken. 's Nachts denk ik strategieën uit. Maak ik me ook zorgen, want het gaat om een hoop geld.

Als ik een miljoen heb, dan stop ik. Althans: dan geef ik een ton aan een goed doel en stop ik een flink deel van de winst in een beleggingsfonds. Dan beleg ik op de lange termijn, dat lijkt me prettig. In wezen gaat het me daar ook om: geld hebben voor later. En een mooi huis, dat zou ik ook graag hebben. Daar droom ik van. Tenslotte heb ik een flink deel van mijn leven in mooie wijken gewoond.''

mailIcon print |