*

 
dossier

Archief

Uit BRIEVEN van lezers

Door: redactie − 24/01/96, 00:00

Levinas Dank voor de grote en goede aandacht die u heeft besteed aan het denken van E. Levinas (Letter & Geest zaterdag 20 januari). Jammer dat in het koor niet meer de stem heeft kunnen meeklinken van mijn voorganger als hoogleraar wijsgerige antropologie te Nijmegen, prof. dr. S. Strasser, van Hongaars-joodse origine, die in 1978 een zeer uitvoerige en knappe inleiding in de filosofie van Levinas heeft gepubliceerd: Jenseits von Sein und Zeit, in Nederland helaas 'onbekend' bij velen die er hun eigen Levinas op na houden.

Ik vermeld dit werk vanwege de onduidelijkheid van Levinas' geboortejaar, die in diverse publikaties rondom zijn overlijden is blijven bestaan. Strasser, zeer bevriend met Levinas, vermeldt als geboortedatum van de door hem zo bewonderde filosoof: 12 januari 1906 te Kaunas in Litouwen, indertijd een onderdeel van het rijk der Tsaren en een stad van joodse vroomheid en Talmoedische geleerdheid. Ik ben er vrijwel zeker van dat Strasser dit van Levinas zelf heeft vernomen. Ik vermoed dat de verwarring rond het geboortejaar van Levinas (1905 of 1906) ermee te maken zou kunnen hebben dat hij wellicht is geboren rondom Kerstmis 1905 volgens de toenmalige tijdrekening daar van vóór de Revolutie.

Hoe dan ook, voor de geschiedenis bewaard blijve een voorval, waarvan ik de enige getuige ben geweest. Het was bij gelegenheid van een conferentie te Amersfoort, alweer enige jaren geleden, waarbij Levinas aanwezig was. Het was op de avond van de sabbat dat wij elkaar ontmoetten. Levinas bood zijn vriend Strasser een recente uitgave van zijn hand aan, met een verontschuldiging dat hij het exemplaar niet kon signeren want het was sabbat. Voor mij was het een 'openbaring' van de zin van zijn artikel: “Aimer le Torah plus que Dieu” (“Meer van de Wet dan van God houden”). Malden C. E. M. Struyker Boudier

Fokker Er gebeuren in de grote (zaken-)wereld dingen waar velen niets van begrijpen. Hoe is het mogelijk dat Fokker een flink gevulde orderportefeuille heeft en toch failliet moet gaan? En dat dit de weg van alle grotere Nederlandse industrieën lijkt te worden? Twente verloor de textielindustrie. Scheepsbouw van formaat lijkt verdwenen. Van Werkspoor hoor je al lang niet meer. Daf heeft het, afgeslankt, gered dank zij een actie 'Houdt Daf op de weg!'. In 1992 zat heel Nederland in spanning, met degenen die bij Fokker werkten, over de toekomst van onze vliegtuigbouwer. We begrepen toen ook niet dat overname door Dasa de enige mogelijkheid was. En nu, nog geen drie jaar later, zou het bedrijf definitief verloren zijn? Had dat niet anders gekund? Was er geen vruchtbaarder samengaan met andere partners mogelijk geweest? Moeten we in de toekomst met een flitstrein reizigers alleen maar naar kantoren laten komen, naar een Rembrandttoren waarvan nog geen kantooreenheid verhuurd schijnt te zijn? En over een kostbare Betuwelijn alleen maar door anderen en elders gemaakte produkten vervoeren, heen en weer? Op een extra groot en druk en lawaaierig Schiphol alleen maar elders gebouwde vliegtuigen laten landen en starten?

Mij bekruipt het gevoel dat we met Fokker het laatste grote echt Nederlandse bedrijf verliezen, ik laat de multinationale groten buiten beschouwing. Fokker gesloten, opgeheven of sterk afgeslankt door een andere partner op laag pitje voortgezet: verlies van baan en arbeidsvreugde voor duizenden, van stimulansen voor een deel van de generatie die zich voorbereidt op zinvol werk. Leusden Gerard Onvlee

mailIcon print |