WIJK AAN ZEE - De kleuren zwart en paars speelden op de slotdag van het Hoogovenstoernooi een prominente rol. Temidden van alle cracks liep aan het eind van de middag een klein mannetje met een hoofdtooi in die wonderlijke kleuren glimmend van trots rond. Zeker: Anand en Kramnik maakten in Wijk aan Zee hun reputatie waar door het evenement gedeeld te winnen. Maar na hun snelle remisepartijen, vormden de capriolen van neo-grootmeester Dimitri Reinderman in groep B de sensatie van de middag.
Het is niet alledaags wanneer een partij uit de B-groep meer emoties teweeg brengt dan de vorderingen van de echte sterren. Schaakorganisatoren zijn doorgaans graag bereid een reservegroep aan hun evenement toe te voegen, om ook de mindere goden een faire kans te geven. In de praktijk betreft het weinig meer dan een - met simpele middelen te bekostigen - geste, want veel publiciteit trekt zo'n meestergroep zelden.
Dat Reinderman gisteren toch de hoofdrol mocht spelen - hij finishte tenslotte met een reeks van vijf uit vijf - had alles te maken met de teleurstellende vorderingen van de spelers waar het allemaal om draaide. Dat was spijtig, want de vooruitzichten waren bij het aanvangsuur van half elf zeer veelbelovend. Viswanathan Anand en Vladimir Kramnik gingen gelijk in punten de laatste ronde van het Hoogovenstoernooi in en de lastige confrontaties met respectievelijk Alexei Sjirov en Anatoli Karpov beloofden een nerveuze strijd met blikken over en weer naar de belendende borden. De spannende ontknoping van de vorige editie - toen Valeri Salov met een indrukwekkende slotpartij tegen Kortsjnoi de concurrenten een loer draaide - kreeg in het jubileumjaar echter geen reprise.
Kramnik had een sluitend excuus. Met de zwarte stukken kon hij tegen de hypervoorzichtige Karpov geen aanvalsdoel vinden. De FIDE-kampioen ruilde in een Catalaan zo snel mogelijk enkele lichte stukken en kon na die vervlakking van de stelling bij de 21e zet zijn notatiebiljet ondertekenen. Veel langer duurde het niet bij Anand en Sjirov, maar de Indiër had in het vroege middenspel tenminste nog enige tijd uitzicht op het volle punt gehad. Na een paar kleine oneffenheden noopte het actieve stukkenspel van de tegenstander Anand tot een vredelievende uitslag.
Op slag ging alle aandacht uit naar de vertegenwoordiger van het voetvolk: de 25-jarige Dimitri Reinderman. Op grond van zijn rating kon de Nederlander in groep B niet meer dan een positie in de middenmoot claimen. Zijn vreugde was daarom groot, toen hij zich reeds na de negende speelronde, door het behalen van de derde GM-norm in zijn carrière, een plaats in het gilde van nationale grootmeesters verwierf. Daarna had Reinderman niets meer te verliezen. De groepszege leek voorbestemd voor de nog tamelijk onbekende Rustam Kasimdzjanov (zesde bij het jeugdwereldkampioenschap). De Oezbeek leidde bij het ingaan van het weekeinde met 8 1/2 uit 9 en had nog geen enkel teken van verslapping getoond.
Op zaterdag kreeg Reinderman - in het dagelijks leven werkzaam voor een internet-provider - een steuntje in de rug van Van der Wiel die de koploper een halfje ontnam. Reinderman zelf bedwong in een lang gevecht de ex-wereldkampioen bij de vrouwen, Xie Jun. Vanuit het niets doemde plotseling de kans op promotie naar de hoofdgroep op, mits Kasimdzjanov in de onderlinge slotpartij verslagen werd. De lijstaanvoerder had, met een gewaagde weddenschap, gewezen op de onmogelijkheid van die missie. Kasimzjanov beloofde bij verlies een kapsel van nog idiotere kleur (blauw) te kiezen dan zijn enige concurrent.
Veel had Reinderman niet bereikt na de eerste schermutselingen. “Een verloren stelling”, was het eenduidige commentaar in de perszaal, toen de Nederlander na een duistere wandeling met zijn a-pion materiaal dreigde te verliezen. Maar zijn tegenstrever raakte achterop toen hij in het middenspel enkele finesses miste. De slotzetten in tijdnood waren bizar. Reinderman liet een opgelegde winstweg lopen, maar Kasimdzjanov produceerde pardoes een helpmat. De blauwe plakkaatverf bleef overigens in de plastic tas, omdat het teleurgestelde jeugdtalent zo snel mogelijk de benen nam.
Aan het Nederlandse front waren meer meevallers te noteren. Piket eindigde in de middenmoot na een moeizame zege tegen Van Wely en Timman (“Het is duidelijk dat ik op dit moment Nederlands sterkste schaker ben”) nestelde zich zelfs op een gedeelde derde plaats via een krachtige beukpartij tegen Salov.
In de slotcommentaren op het toernooi was er zowel bij Kramnik als Anand enige onvrede. De Rus, die om principiële redenen Groningen had laten lopen, begon met vier uit vier, maar raakte vervolgens een tijd in de versukkeling. “De vorm was er niet”, zei hij. “Ik heb een paar onverklaarbare blunders begaan, zoals tegen Sjirov. Juist bij mijn specialiteit, het doorrekenen van varianten liet ik steken vallen.”
Anand gaf toe dat hij erg vermoeid aan het toernooi was begonnen. “Door in de eerste rondes een paar snelle remises toe te staan, heb ik wat extra rustmomenten ingelast. Mijn (zogenaamde) WK-nederlaag tegen Karpov werkte geestelijk niet door. Ik heb, zoals het hoort, meteen de knop omgezet. Lausanne is voor mij geschiedenis, meer niet.”
De schaakpolitieke verwikkelingen kwamen nog even om de hoek kijken, toen Jan Timman Anand in een tv-interview aan de tand voelde over de WK-formule. Timman streeft naar een vergelijk tussen de topschakers en zou het liefst leiding geven aan een grootmeesterforum dat zich buigt over een nieuw WK-format. Anands reactie was teleurstellend. De Indiër zag voor zichzelf geen rol weggelegd, zelfs niet indien hij in Lausanne had gewonnen. “De problemen zouden niet zijn veranderd”, was zijn pessimistisch relaas. “Ik denk niet dat het ooit nog wat wordt. De scheuring van 1993 is nog steeds een feit en kan niet geheeld worden.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.