In de herfst van vorig jaar verscheen Hertog van Egypte van Margriet de Moor. Een verhaal over het huwelijk van de Twentse boerendochter en paardenfokker Lucie met de zigeuner Joseph, maar ook een verhaal over het zigeunerdom en hun discriminatie en vervolging. Bij de presentatie van haar roman hield De Moor een lezing over het volk van de Sinti en de Roma, over burgemeesters en over Dr. Abraham Kuyper, Erica Terpstra en de stichting Forum: “Waarom zou je als het om onze Nederlandse zigeuners gaat niet van collectieve schuld durven spreken? Onder ogen zien dat er een schuld bestaat, lijkt mij niet iets verwerpelijks, iets typisch calvinistisch of zo, maar eerlijk.” Dit is de aangepaste en ingekorte tekst van de lezing.
De storende partij was niet de gewone burger of de zigeuner - vroeger hebben deze groepen elkaar vaak goed kunnen vinden in de paardenhandel, de oogst en allerlei ambulante negoties - de storende partij was steeds de overheid, waarbij meteen gezegd moet worden dat dit meestal niet de lagere overheid was. De burgemeesters zijn in het verleden vaak heel soepel geweest met het afgeven van de nodige vergunningen.
Ik denk dat niemand zich in het onderwerp kan verdiepen zonder versteld te staan over de, soms goed bedoelde, maar meestal wanhopig botte manier waarop de marechaussee, de ministeries van Binnenlandse Zaken en Justitie de verhoudingen de vernieling in hebben geholpen. Aan de hand van een illuster rijtje namen kan je de overheidstraditie volgen om mensen met andere ideeën over het leven, echt heel andere dan onze grote verworvenheden - onderwijs, welstand, bezit, woningen - om die mensen maar eens goed aan te pakken.
1. Dirk Volckertszoon Coornhert, zestiende-eeuws dichter en theoloog, was er in zijn boek Boeventucht ofte middelen tot mindering der schadelycke ledighgangers voorstander van om landlopers en andere miskenners van onze vooruitgang op te sluiten en er door dwangarbeid betere mensen van te maken.
2. De politiechef Bernard van Welderen kreeg in de achttiende eeuw de complimenten van het Hof van Gelderland vanwege de ijver waarmee hij rondzwervende zigeuners wist te vangen, zodat ze binnen een week konden worden veroordeeld en opgehangen. (Het optreden tegen de zigeuners was niet alleen in Gelderland, maar overal in de Republiek zo nietsontziend dat ze vanaf ongeveer 1725 in onze streken vrijwel niet meer voorkwamen).
3. Dr. Abraham Kuyper, de antirevolutionaire leider, ging na de verkiezingsnederlaag in 1905 een lange reis rond de Middellandse Zee maken. Uit zijn reisverslag is het hoofdstuk over zigeuners tot na 1945 gezaghebbend gebleven. Kuyper schrijft daarin schaamteloos over de bedriegersaard van de zigeuners die tot hun raskenmerken zou behoren. (Hij schrijft over hun esprit Bohemien, over de verderfelijke invloed daarvan op de kostbare levens van jonge, christelijke Europeanen en over het aankweken van het bandietenwezen bij de autochtone Nederlandse bevolking.)
4. L. A. van Doorn, direkteur van Maatschappelijk Hulpbetoon in Utrecht, vond de omstandigheden in mei 1940 uiterst geschikt om de woonwagenbewoners verplicht op grote kampen vast te zetten. Na de oorlog waren zijn nazisympathieën helemaal geen beletsel om hem in de commissie te benoemen die een nieuwe woonwagenwet moest ontwerpen.
5. Marga Klompé, de arme katholieke minister, was de aangewezene om die woonwagenwet in 1968 dan eindelijk door te voeren. Na jaren van registratie, intimidatie, tellingen, vingerafdrukken van zigeuners, kwam er een wet die voorzag in grote, verplichte kampen en gedwongen bijeen staan van burgerwoonwagenbewoners en zigeuners, een wet die bovendien, door het feitelijke onmogelijk maken om nog te trekken, de ambulante werkgelegenheid de grond in boorde.
Tenslotte, 6: Erica Terpstra, de staatssecretaris, zeer van goede wille, die de discriminatie van de zigeuners met een jaartje of vier van de baan wil hebben en dit denkt te bereiken via de stichting Forum. De stichting Forum wil dat alles wat in jaren voor en door zigeuners is opgebouwd, opgaat in het totaalbeleid voor wat men minderheden noemt. Keurig argument: ze als een aparte groep behandelen is discriminatie.
Voor elke Sinto of Rom geldt de Tweede Wereldoorlog als het absolute dieptepunt van wat het burgergezag zich tegenover de zigeuners heeft veroorloofd. Voor Nederland zijn dit de feiten: de Sinti en Roma zijn op 16 mei '44 door de Nederlandse politie opgepakt en per trein naar Westerbork gevoerd. De maatregel was er een van de bezettende macht, maar de Nederlandse politie en ambtenarij die er bij betrokken waren, hebben, op een enkeling na, zonder morele bezwaren meegewerkt. De zigeuners kwamen diezelfde dag nog in Westerbork aan en gingen drie dagen later al op de trein naar Auschwitz.
Zigeuners zijn hier niet als in Duitsland uit racistische motieven vervolgd, maar meer om hun levenswijze als crimineel bestempeld en als vijanden van de natie behandeld. Is dat zo'n groot moreel verschil?
Daniel Goldhagen heeft onlangs overal voor grote deining gezorgd met zijn stelling dat de uitroeiing van de joden niet simpelweg is toe te schrijven aan het nazibewind, maar dat het antisemitisme van het hele Duitse volk de misdaad mogelijk heeft gemaakt. Doordenkend over de Nederlandse zigeuners kun je bijna niet vermijden dat er een variant van de Goldhagenthese in je opkomt: de moord op de Nederlandse zigeuners valt evenmin met een schoon geweten op het conto van alleen de nazi's af te schuiven. Met geen mogelijkheid kan ontkend worden dat het oppakken van de zigeuners, de razzia in mei, geheel in de lijn lag van het Nederlandse overheidsbeleid van voor de oorlog, toen de zigeuners consequent werden dwarsgezeten en gecriminaliseerd. Een aantal politiemensen begon in 1936 de gegevens die onze vreemdelingendienst over de zigeuners verzamelde ijverig door te zenden naar het internationale bureau ter bestrijding van het 'Zigeunerunwesen' in Wenen. Na de Anschluss van '38 kwam dit bureau onder direkt gezag van de nazi's.
Daniel Goldhagen ontkent in alle toonaarden dat hij het Duitse volk een collectieve, erfelijke schuld wil toedichten en dat is netjes; schuld hoort niet in onze tijd al begrijp ik bij God niet waarom. De oorlog telt nog altijd zwaar voor de zigeuners. Misschien wel zwaarder dan voor de joden omdat het kwaad dat ze is aangedaan zo lang niet is erkend. (Het is maar sinds kort dat omstreeks 4 mei op plaatsen als Westerbork niet alleen de joden, maar ook de zigeuners worden herdacht. De burgermaarschappij heeft ze tientallen jaren eenvoudig over het hoofd gezien.)
Waarom zou je als het om onze Nederlandse zigeuners gaat niet van collectieve schuld durven spreken? Onder ogen zien dat er een schuld bestaat, lijkt mij niet iets verwerpelijks, iets typisch calvinistisch of zo, maar eerlijk.
Na alles wat er gebeurd is, is het vanzelfsprekend dat bij de Sinti en Roma de vraag leeft: Wat is er sinds 1995 veranderd? En zijn alle veranderingen ten goede?
Er is veel van de grond gekomen op het gebied van onderwijs en sociaal werk, en de kampen en kampjes zijn tegenwoordig vaak heel gerieflijk voor wie, ondanks aandringen van de overheid, nog steeds liever niet in een huis gaat wonen. Intussen is de oude overheidstraditie om te domesticeren, om te temmen wie anders is, onverminderd gebleven.
De jaren zestig zijn voor de burgerij de jaren van de vrijheid en de speelsheid geweest. Voor de zigeuners waren het de jaren van de woonwagenwet. De jaren van opnieuw, net als in de oorlog, gedwongen concentratie op grote kampen en van de onmogelijkheid om nog te trekken. In versneld tempo verdwenen op deze manier de eigen, onafhankelijke beroepen. De PSP-er Van der Spek en Anneke Visser van D66 waren tegen de woonwagenwet, die veel onherroepelijk kwaad heeft gedaan. Eveneens tegen was de Gereformeerd Politiek Verbonder Jongeling en uitgerekend zijn woorden spreken duidelijke taal: “Het wetsontwerp gaat ervan uit, dat het wonen in woonwagens zonder meer een ongewenste woonvorm is, vooal ook vanwege sociale en culturele gevolgen en dat de wetgever dus is geroepen om dat te veranderen. In ons netjes aangeharkte Nederland is een dergelijke woonvorm niet géwenst en daaraan moet dus nodig wat worden gedaan. Dit doet men dan door een soort van, zou ik bijna willen zeggen, uitstervingssysteem; er wordt een afstammingsregel als criterium ingevoerd, hetgeen mij niet al te erg smaakt... Twaalf miljoen Nederlanders denken op vele punten verschillend, ook wat de woonvorm betreft; zij hebben niet allemaal dezelfde voorkeur. Ik geloof dat zolang dit niet leidt tot duidelijk aanwijsbare schade van de goede zeden of van andere dingen, die wij samen moeten hooghouden, de wetgever, waar dit mogelijk is, deze mensen in hun voorkeur vrij moet laten...”
Aldus Jongeling, je zou er GPV-er van worden. Maar in de straten van Amsterdam, waar radicaal-links te keer ging tegen de burgerlijkheid, bleef het wat de zigeuners betreft stil. In al hun anti-burgerlijkheid hebben de toonaangevende kunstenaars en intellectuelen er eenvoudig niet aan gedacht het op te nemen voor een groep die werkelijk, zeg maar van huis uit, buiten de burgerorde staat. Een van de weinigen die wel tegen de wet fulmineerde, en flink ook, was de advocate Lau Mazirel.
Sinds enige tijd behartigen twee instanties, los van de overheid, de belangen van de Sinti en Roma. De ene is de vereniging Lau Mazirel, dat zijn burgers. De andere, de Landelijke Sinti Organisatie, is een vereniging van de zigeuners zelf.
Terwijl deze twee verenigingen met de inzet die kleine, autonome actiegroepen eigen is in de loop der jaren hun bestaansrecht bewezen, zat ook de Nederlandse overheid niet stil: er is een stichting in het leven geroepen, de stichting Forum, zetelend onder de staatssecretaris van VWS, op dit moment Erica Terpstra. Vanuit heel integere bedoelingen, maar met niettemin een kern van schijnheiligheid, wil deze stichting het beleid voor de minderheden, of de achterstandsgroepen of hoe ze de mensen tegenwoordig nog meer noemen, centraliseren, want verschillende groepen als verschillende groepen beschouwen is, volgens de slappe moraal van nu, discriminerend. Daarbij is zo'n stichting ook goedkoper. Vandaar dat ze de subsidie voor de Vereniging Lau Mazirel in '98 gaan stopzetten, en dat de Landelijke Sinti Organisatie vriendelijk wordt uitgenodigd zich in de stichting Forum te voegen, waar, naar verluidt, een halve arbeidsplaats voor haar is ingeruimd.
Ik hoop vurig dat de Landelijke Sinti Organisatie zich niet laat inpakken! Een stichting moet verantwoording afleggen aan de Raad van Bestuur en wedden dat daar niet één Sinto of Rom in komt te zitten? Wat een onzalige gedachte! Volgens de moraal van de grijze tolerantie, wil men de kleine groep zigeuners, het gaat om een paar duizend Sinti en Roma, in een en dezelfde stichting opnemen als de honderdduizenden Turken en Marokkanen, de Indische Nederlanders, de honderdduizenden Surinamers en Antillianen, zowel Creolen als Hindoestanen. Wat is dat voor preutsheid om niet meer te accepteren dat het ene volk het andere niet is? Het is niet alleen bangelijk om van dingen die in het verleden precair waren nu een taboe te maken, het is ook gevaarlijk. Want als politiek links ze laat rusten, aangenomen dat 'links' nog bestaat, dan vraag je er gewoon om dat ze enkel nog op eng-rechtse manier kunnen worden beleefd.
Ik kan in het plan om de Sinti en Roma in de stichting Forum op te nemen niets anders zien dan een nieuwe variant op wat we al lang kenden: de overheid die wil inkapselen, neutraliseren. Het beleid voor de zigeuners moet niet op één hoop worden gegooid met dat voor allerlei anderen. De Vereniging Lau Mazirel moet blijven, of Erica Terpstra dat nou 'minder opportuun' vindt of niet. Voor een snotbedrag aan subsidie hebben we hier een vereniging die al jaren ervaring heeft met het geven van betrouwbare informatie over de Sinti en Roma, en die hun belangen los van de overheid kan behartigen omdat ze onder haar leden juristen heeft die tot de beste behoren die er zijn. En de Landelijke Sinti Organisatie moet helemaal blijven. De overheid heeft altijd de fout gemaakt niet naar de Sinti en Roma zelf te luisteren. Nu kan ze dat wel en moet ze dat zelfs omdat er een organisatie bestaat die mondig is, en dat vooral ook moet blijven en niet door een overheid - die nog altijd een zware schuld heeft in te lossen - mag worden ingekapseld in een burgerlijk instituut.
Wanneer je naar de zigeuners zelf luistert, merk je al gauw dat ook zij zich niet als één groep beschouwen. Er is het onderscheid tussen Sinti en Roma, en onder de Roma bestaat weer verschil tussen Kalderasch, Lowara, Kanjara, Ursari enz. In eén ding zijn ze echter beslist: ze zijn een ander slag volk dan het burgervolk, dan wij, die ze 'gadje' noemen. De Sinti en Roma hebben verwante culturen en ze spreken een taal die zich uit een van onze oudste talen ontwikkeld heeft, het Sanskriet. Wat er waar is van hun gezamenlijke wortels in India is, denk ik, minder belangrijk dan wat ze zeer zeker wel gemeen hebben: een geschiedenis van meer dan zeshonderd jaar vervolging in Europa. Of hun nomadische aard een raskenmerk is, of er om zo te zeggen een zwerfgen bestaat is totaal irrelevant. Wie van hen zich tot op de dag van vandaag enkel maar vrij kan voelen als er de mogelijkheid is van vertrek, heeft daar nog steeds alle reden voor. Je identiteit is je geschiedenis. In de geschiedenis van de zigeuners is het onbeholpen gedrag van de burgeroverheid nog altijd niet voorbij.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.