UTRECHT - De Koninklijke marine heeft bij de uitvoering van het anti-drugsbeleid een gevoelige tik op de vingers gekregen. Het hoogste rechtscollege in ambtenarenzaken, de Centrale raad van beroep, is tot de slotsom gekomen dat de marine ten onrechte een militair heeft ontslagen die op de kazerne een stickie rookte.
Omdat het de eerste keer was, had de marine met een waarschuwing moeten volstaan, zoals voor de hele krijgsmacht is afgesproken. De Centrale raad heeft er geen goed woord voor over dat vervolgens is geprobeerd het over een andere boeg te gooien en de militair wegens 'leugenachtig en oncollegiaal gedrag' te ontslaan. De marine geeft daarmee blijk van een “ontoelaatbare inconsistentie ten aanzien van de waardering van de feiten”, zegt de raad. Het ontslag van de betrokken militair is hiermee van de baan.
Hij wil anoniem blijven om zijn verdere loopbaan bij de marine niet te schaden. Zijn vader is blij met de uitspraak, maar ook teleurgesteld over de opstelling van de marine. “De marine heeft geen middel geschuwd om het tot ontslag te laten komen. Mijn zoon heeft van januari tot vorige week in onzekerheid gezeten en is van het kastje naar de muur gestuurd. Ik dacht dat Defensie anders met zijn personeel omging.”
De vader heeft de indruk dat de marine met zijn zoon een afschrikwekkend voorbeeld heeft willen stellen en daarom het ontslag tegen beter weten in probeerde door te zetten. “Dat je zoon dan als leugenachtig en oncollegiaal wordt voorgesteld, komt hard aan. Gelukkig weten zijn collega's en directe meerderen wel beter; zij hebben grote waardering voor mijn zoon.”
Defensie voert sinds 1995 een actief anti-drugsbeleid. Mede vanwege de vele internationale missies wordt militairen ingepeperd dat drugs en krijgsmacht niet samengaan. De eerste keer dat iemand betrapt wordt op bezit of gebruik van softdrugs krijgt hij een waarschuwing, de tweede keer ontslag. Bij de marechaussee zijn de regels strenger, evenals bij gebruik in groepsverband bij de landmacht. Bezit of gebruik van harddrugs leidt direct tot ontslag.
Volgens het ministerie van defensie vochten de afgelopen drie jaar 27 militairen hun ontslag aan, van wie slechts twee met succes. In totaal zijn 118 militairen voor ontslag voorgedragen, van landmacht (82), luchtmacht (20), marine (13) en marechaussee (3), van wie inmiddels 96 daadwerkelijk wegens drugsgebruik of -handel zijn ontslagen. Land- en luchtmacht gaan volgens Acom-voorzitter Gooijers wel correct met de ontslagregels om. “En ik ga ervan uit de marine na deze uitspraak ook.”
Het ministerie van defensie zegt lering uit de uitspraak te trekken door ontslag in vergelijkbare gevallen 'zorgvuldiger en zuiverder' te motiveren. “De juridische procedure is niet zo gevoerd als hij gevoerd had moeten worden. Maar het gaat hier wel om een specifiek geval, waarbij ons anti-drugsbeleid niet in het geding is”, benadrukt woordvoerder O. Beeksma.
De 17-jarige militair in opleiding werd in januari van dit jaar betrapt na het roken van een stickie. Hij gaf de overtreding direct toe in de veronderstelling dat het bij een waarschuwing en hooguit een geldboete zou blijven. Na terugkeer van het weekendverlof bleek zijn commandant echter al aan de andere recruten te hebben verteld dat hij zou worden ontslagen. De jongen raakte door deze onverwachte maatregel in paniek en zwakte zijn eerdere bekentenis enigszins af. Hij zou na veel aandringen een trekje van een stickie hebben genomen. Korte tijd later kwam hij daar weer op terug en erkende dat hij zelf een stickie had gerookt. “Ik weet dat ik een grote fout heb gemaakt en heb daar nog steeds spijt van. Het is een ramp voor mij. Ik heb aan iedereen excuses aangeboden: aan mijn collega's, kaderleden en commandant”, verklaarde hij tegenover de Centrale raad van beroep.
Ondanks de regel dat een eerste vergrijp met softdrugs niet tot ontslag mag leiden, zette de marine het ontslag door met als enige argument het roken van een stickie. De militair ging tegen het ontslag in beroep en kreeg in eerste instantie gelijk van de rechtbank in Den Haag. Voor ontslag is meer nodig dan de eerste constatering van softdrugsgebruik, oordeelde de rechtbank.
De marine kwam daarna ineens met het argument op de proppen dat de militair zich schuldig zou hebben gemaakt aan het afleggen van een 'leugenachtige' verklaring en aan 'oncollegiaal gedrag'. Dat zou hem ongeschikt maken voor een vast dienstverband bij de marine. De rechtbank in Den Haag nam deze redenering over en verklaarde het ontslag alsnog geldig. Door tussenkomst van de Centrale raad van beroep werd het ontslag tijdelijk opgeschort totdat de raad een uitspraak over de zaak zou doen.
Die uitspraak is maar voor één uitleg vatbaar en wel dat de marine haar hand danig heeft overspeeld. De marine had de militair niet mogen ontslaan vanwege het roken van een stickie. Door maanden later op de toer van 'leugenachtig en oncollegiaal gedrag' te gaan, heeft de marine zichzelf ongeloofwaardig gemaakt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.