*

 
dossier

Archief

Nieuwe rol milieubeweging

Hans Schmit − 13/04/99, 00:00

De milieubeweging beraadt zich op haar veranderende rol. Samenwerking is een mogelijk antwoord op de eisen die haar worden gesteld. Natuur en Milieu en Milieudefensie praten over een bundeling, waarbij een fusie op den duur niet is uitgesloten.

Bijna 25 jaar hebben de milieubeweging en de producenten van chloor tegenover elkaar gestaan. Vorige maand hebben zij een verklaring getekend over een gezamenlijk onderzoek naar alternatieven voor producten en processen met chloor.

Dat illustreert de veranderende rol van de spelers op het veld van natuur en milieu (overheid, bedrijfsleven, milieugroepen). De milieubeweging wordt steeds vaker aan de onderhandelingstafel uitgenodigd.

Zo praten sinds twee maanden actievoerders en Schiphol (in het Tijdelijk Overleg Platform Schiphol, TOPS) over heldere, handhaafbare milieugrenzen voor de luchtvaart. Zij doen dat onder leiding van de Noord-Hollandse dijkgraaf Hans van der Vlist, die in 1992 als milieugedeputeerde in Zuid-Holland de milieubeweging en Shell-Pernis aan tafel bracht.

De onderonsjes tussen de overheid en het bedrijf konden niet meer, vond Van der Vlist. En de milieubeweging moest maar eens haalbare doelen formuleren en haar koudwatervrees voor multinationals overwinnen.

Naast het economische poldermodel ontstaat een groen poldermodel: de milieubeweging schuift steeds vaker aan tafel aan, zegt Jan Henselmans van Natuur en Milieu. ,,In sociaal-economische processen wordt meer en meer rekening gehouden met de ecologie. De Ser-voorzitter, Wijffels, liet bij zijn aantreden blijken dat hij de milieubeweging een rol wil geven in de SER, de raad die bij uitstek het economische poldermodel belichaamt.''

Ook de positie van de milieubeweging is veranderd. Henselmans: ,,In de jaren zeventig gaven wij en de wetenschap signalen aan de overheid. Die vertaalde dat in wetgeving die het bedrijfsleven vervolgens met tegenzin uitvoerde. In 1983, toen in Rotterdam op het Watertribunaal vervuilers werden aangeklaagd, weigerden de bedrijven zich te verdedigen. In reactie op een aantal rampen, zoals Bhopal in 1984 en Sandoz en Tsjernobil in 1986, liet de chemische industrie die houding varen en stelde zich zorgvuldig tegenover het milieu en doorzichtig naar de buitenwereld op.''

Het verankeren van milieuzorg in het bedrijf, leidde tot afspraken, van algemeen tot zeer specifiek, tussen overheid en delen van het bedrijfsleven. De milieubeweging was geen partij. Henselmans: ,,Het laaghangende fruit, de vervuiling die relatief eenvoudig kan worden bestreden, is het eerst geplukt. We zijn nu in de fase dat structurele en duurzame oplossingen moeten worden gezocht. Overheid en bedrijfsleven hebben ontdekt dat je die niet kunt bereiken met alleen afspraken en wetten. Je hebt ook de derde partij nodig. Als je het onzekere traject van het aanpassen van processen en producten ingaat, moet je weten of de milieubeweging meegaat.''

Dat stelt de milieubeweging ook voor dilemma's. Henselmans: ,,Wat bereik je met meepraten? Wat doe je met je actielijn? Namens wie zit je aan tafel: wat is je achterban? De milieu-organisatie die effectief wil opereren moet veel in huis hebben. Je moet veel kennis hebben om mee te kunnen praten en je moet vaardig zijn in onderhandelingen. Maar je moet ook acties kunnen voeren en een juridische vuist kunnen maken. De organisatie moet het hele natuur- en milieuterrein bestrijken en de regie kunnen voeren over een breed scala aan middelen: van lobby tot actie.''

Daarom hebben Milieudefensie en Natuur en Milieu besloten de mogelijkheden tot intensivering van de samenwerking te verkennen, met als doel de vergroting van de slagkracht. De opties lopen van samenwerking per project tot volledige fusie. Henselmans: ,,We krijgen een nieuwe rol. We moeten internationaal, nationaal en regionaal zoeken naar effectievere en efficientere samenwerking om te voldoen aan de eisen die aan de milieubeweging worden gesteld. Natuur en Milieu, Milieudefensie en de milieufederaties werken al samen, dus ligt de vraag voor de hand of we die rol niet beter samen kunnen vervullen. Beide organisaties vullen elkaar aan.''

Uit onderzoek onder prominenten uit het bedrijfsleven, overheden en maatschappelijke organisaties blijkt dat deze Natuur en Milieu vooral associƫren met lobby, bureaucratie, deskundigheid en de PvdA en Milieudefensie met boosheid, creativiteit, zichtbaarheid en GroenLinks. Met als gemeenschappelijke factor de betrokkenheid bij het milieu. Het lijkt dan ook logisch dat de twee organisaties elkaar opzoeken.

Of de leden van Milieudefensie er ook zo over denken, blijkt 24 april op de ledenvergadering waar een eerste discussiestuk aan de orde komt. Het rapport wordt in mei verwacht.

mailIcon print |