Van een onzer verslaggevers HAARLEM - Voor de rechtbank in Haarlem is gisteren tien jaar geëist tegen een 20-jarige inwoner van Amsterdam die bij een verkeersruzie een medeweggebruiker doodschoot. “Dit is een zaak die zijn weerga niet kent”, aldus de officier van justitie. “In enkele zinloze seconden is het leven van iemand beëindigd.”
Het was de gebruikelijke verkeerschaos, zondag 1 oktober vorig jaar, rond de Zwarte Markt in Beverwijk. Bumper aan bumper. Eindje rijden. Stilstaan. In de voortsukkelende rij auto's op de Randweg in Beverwijk stond ook de wagen van de 26-jarige Mustafa Echraifi uit Amsterdam. In zijn spiegel zag hij plots dat ver achter hem een auto uit de rij schoot en op de verkeerde weghelft op hoge snelheid de file inhaalde. De ongeduldige weggebruiker kwam een heel eind, maar de illegale manoeuvre eindigde abrupt, toen er toch opeens een tegenligger opdoemde.
De 20-jarige Amsterdammer die achter het stuur zat, probeerde zijn wagen vóór die van Echraifi in de file te wurmen, maar Echraifi, behoorlijk geirriteerd over het asociale weggedrag van de automobilist naast hem, gaf geen krimp. Hij trok zelfs iets op en zette zijn auto pal tegen de achterbumper van z'n voorganger.
De Amsterdammer ontstak in woede, hij maakte woeste gebaren naar Echraifi. En over wat er toen gebeurde lopen de lezingen van de vele getuigen in detail uiteen, maar op één punt spreken ze elkaar niet tegen: de jonge Amsterdammer haalde een pistool uit zijn broekzak, er klonk een schot en Echraifi zeeg dodelijk verwond ineen.
Zeker is dat Echraifi uit zijn auto was gestapt en op de Amsterdammer was toegelopen. Zeker is dat hij een zwaaiende beweging maakte in de richting vande haastige bestuurder: sommigen zeggen dat hij de bestuurder sloeg, een ander zegt dat hij de chauffeur een duw tegen z'n wang gaf. Hoe dan ook, de Amsterdammer haalde de trekker over.
Gisteren stond hij in Haarlem terecht. In de zittingszaal zaten tientallen familieleden van het slachtoffer. Uit angst voor wraakacties werden alle bezoekers door de parketpolitie gecontroleerd op wapenbezit.
“Er was ruimte tussen de auto's voor mij”, zei de Amsterdammer. “Ik had er makkelijk tussen gekund.” “Maar men liet u er niet tussen”, zei rechtbankpresident A. J. Milius. “Nee, en toen werd ik dus kwaad”, zei de Amsterdammer. “Voordat ik kon nadenken was die meneer al uit zijn auto gestapt. En had hij mij een klap op m'n bek gegeven. Het ging heel snel. Toen heb ik naar mijn wapen gegrepen en het doorgeladen, om hem schrik aan te jagen. Want hij wilde me nog een klap geven. Ik was erg bang. In mijn angst is dat wapen afgegaan.”
De man ontsnapte na zijn daad aan een volksgericht, door met z'n auto achteruit te rijden. Omstanders en familieleden van het slachtoffer waren met een honkbalknuppel aan het inslaan op z'n wagen. De situatie was uiteindelijk zo chaotisch en onoverzichtelijk, dat een Beverwijkse politieman met zijn dienstpistool zelfs een schot loste, omdat iemand meende de dader te hebben zien weglopen. De Amsterdammer werd uiteindelijk in een zijstraat opgepakt. Hij bleek geen rijbewijs te hebben. Een politiehond vond het wapen in bosjes in de omgeving.
Brief geschreven
“Ik heb veel spijt en berouw. Het had nooit mogen gebeuren”, zei de Amsterdammer gisteren. Hij had de familie van het slachtoffer een brief geschreven, zo meldde hij de rechtbankpresident. Maar de advocaat van de familie, wilde bij dat gebaar graag even een kanttekening maken. “Die brief is pas vandaag, kort voor deze zitting, bij de familie gearriveerd. Als deze man zonodig spijt wil betrachten, waarom komt hij dan op dit moment met zo'n brief? Waarom kon hij dan niet wachten tot ná de zitting?”
De advocaat van de Amsterdammer, mr. R. Dhalganjansing, was zichtbaar aangeslagen door de eis van de officier. Volgens de advocaat past de eis tegen zijn cliënt niet in de huidige praktijk van straftoemeting bij doodslag-zaken. “Het is, cru gezegd, eigenlijk een vrij ongelukkige samenloop van omstandigheden geweest.” Omdat de Amsterdammer zich in het nauw gedreven voelde door Echraifi, zou hij uit noodweer hebben gehandeld. “En anders is er op z'n minst sprake van verminderde verwijtbaarheid, vanwege de broeierige situatie.”
Dhalganjansing vroeg een veel lagere straf, ook al met het oog op de jeugdige leeftijd van zijn cliënt. “Op termijn kan hij nog een nuttige kracht zijn voor de samenleving.” Uit de zaal klonk een vrouwenstem: “Mustafa wás al een nuttige kracht voor de samenleving.”
Uitspraak op 20 februari.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.