Van een onzer verslaggevers DEN HAAG - “Ik kan deze mensen persoonlijk niet veroordelen”, bekent Aslan Bek Kadief. “Ze proberen hun vaderland te verdedigen.”
De woordvoerder van de Tsjetsjeense president Doedajev zit in een moeilijke positie. De hele dag moet hij uitleggen aan de media, van de Canadese televisie tot 2 Vandaag, dat Doedajev de gijzelingsacties in Dagestan en TsjetsjeniĆ« niet steunt. Integendeel: hij veroordeelt ze scherp. Maar Bek Kadief heeft zelf ook begrip voor de gijzelnemers. “Deze Tsjetsjeense soldaten hebben de afgelopen twee jaar gezien hoe de Russen meer dan veertigduizend mensen hebben vermoord. Oude mannen, kinderen. Ik zeg dat niet om de gijzeling goed te praten, maar dat is waar zij aan denken.”
Bek Kadief, die momenteel in Den Haag verblijft, houdt de hele dag contact met Doedajevs militairen en volgt zo het lot van de gijzelnemers in Dagestan. Volgens de Tsjetsjeen bevonden zich op het moment dat de Russische bombardementen begonnen nog Russische gijzelaars op zes plaatsen bij Pervomaiskoje - de Russen houden vol dat vrijwel alle gevangenen al dood waren. “Het laatste bericht dat ik hoorde was dat een huis met gijzelaars was geraakt door een granaat en dat ze nu in de kelder zitten. Het is een leugen dat de Tsjetsjenen alle gijzelaars zouden hebben vermoord. Een deel is gisteren vrijgelaten.”
Hij hoopt nog steeds dat de Russen het bombardement stoppen en de gijzelnemers in ruil voor vrijlating een vrije doortocht geven, maar erg realistisch is dat niet, geeft hij toe. “Het zal nog wel een of twee dagen doorgaan. Daarna zal het heel moeilijk worden nog vrede te bereiken.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.