BONN (DPA, Reuter, AP) - De landen van voormalig Joegoslavië zijn verplicht mee te werken aan het opsporen van oorlogsmisdadigers. Als zij dit niet doen, moet dat consequenties hebben voor de economische hulp die zij ontvangen.
Dit heeft de Duitse minister van buitenlandse zaken Klaus Kinkel gisteren in Bonn gezegd. “De verschrikkelijke oorlogsmisdaden in voormalig Joegoslavië moeten bestraft worden en mogen niet zomaar onder het tapijt geveegd worden”, aldus Kinkel. “De ondertekenaars van het Dayton-akkoord moeten meewerken met het VN-tribunaal in Den Haag. Indien nodig, moet hulp voor de wederopbouw worden gekoppeld aan de vervolging van oorlogsmisdadigers.”
Het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag heeft tot dusver 52 personen, onder wie de Servische leiders Mladic en Karadzic, aangeklaagd wegens oorlogsmisdaden. Drie weken geleden moest de Nederlandse politie een Bosnische moslim-Kroaat, die eerder was gearresteerd op verdenking van oorlogsmisdrijven, weer laten gaan. Het Tribunaal zei dat gebrek aan medewerking van de Servische en Bosnisch-Kroatische autoriteiten geen andere keus liet.
In een interview met de krant Welt am Sonntag eiste Kinkel een omvangrijke hervorming van de Verenigde Naties, waarbij ook een duidelijkere rol voor Duitsland moet zijn weggelegd. “Wij betalen de op twee na grootste bijdrage, zullen ook in 1996 prompt betalen en ons inzetten voor hervorming van de VN-financien en voor bezuinigingen op de VN-organisaties en instituties.”
Duitsland streeft naar een permanente plaats in de Veiligheidsraad omdat “wij bijzonder aangewezen zijn op vrede en economische ontwikkelingen en onze internationale plichten willen vervullen”, aldus de FDP-politicus.
- Pagina 5: Meer over Bosnië.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.