*

 
dossier

Archief

MASOEME Eenzame rouw

Masoeme Abbrin − 13/09/99, 00:00

Het meisje sprak nerveus. Ik moest moeite doen haar te begrijpen. Al een poosje was er spanning in haar gezin en zorg om haar toekomst. Toen ik kennis maakte met die familie, leken de ouders een normaal leven te leiden, maar zij leek teruggetrokken en eenzaam.

Ik kwam er niet in één gesprek achter wat er precies aan de hand was, maar begreep dat zij haar beste vriendin had verloren. Ze fietsten, haar vriendin kreeg precies in een bocht een probleem met haar fietsketting. Een snelle auto, gierende remmen...Ze hóórde meer dan ze zag en ineens lag haar vriendin op de grond. Voor ze er iets van begreep - er was geen bloed te zien - was haar vriendin overleden. Even nog had ze haar in de ogen gezien en toen waren die ineens leeg. Hoe kon dat? Dat was voor haar de vraag waar ze mee zat.

Sindsdien is er een groot gat in haar leven. Haar leven gaat wel door, maar iets van zichzelf is ze kwijt. Haar familie kan wel eventjes met haar meevoelen, maar haar verdriet duurt langer dan hun begrip en geduld. Haar verdriet om haar overleden vriendin en de verloren vriendschap moet dit meisje goed beschouwd alleen dragen. Haar ouders vonden het na een korte tijd wel genoeg.

Ze weten wel dat zij een vriendin heeft verloren, maar de diepe indruk die haar vriendin op haar heeft gemaakt, beseffen zij niet. ,,Jij moet léven'', zeggen ze. Maar voor haar kan het leven niet meer zijn zoals het geweest is. Zo snel kan voor haar niet alles terug naar normaal. Het is voor haar niet makkelijk om haar weg te vinden. Dat vraagt begrip - dat ze niet ontmoet. Wie kent haar angst dat ze die seconde durende scène voor de rest van haar leven nooit meer kwijt zal raken? Als haar familie zegt: ,,Nou is het wel genoeg: zij was geen familie van je. . . Jij bent een mooi meisje: máák iets van je leven. Er komt wel wéér een vriendin'' - juist dan voelt zij zich schuldig.

,,Waarom voel jij je schuldig? Kun je me dat uitleggen?'', vroeg ik. Ze was een tijdje stil. Ze voelde zich schuldig, vertelde ze, omdat zij in die bocht vooruit reed; omdat zij had aangedrongen een kwartiertje eerder te gaan en meer van die dingen. Juist daarom moet zij veel praten. Het helpt niet dat iedereen tegen haar zegt dat zij het niet heeft gedaan, dat het dom van haar is om zo te denken. Elke dag deden ze samen een activiteit; daarom brengt elke dag een andere herinnering. Ze hadden als vriendinnen hun hele leven samen willen blijven, bij elkaars trouwdag zijn. Ze vertelden elkaar alle geheimen: over het scheiden van hun ouders, over hoe zij hun stiefvader ervoeren. Alles waren ze voor elkaar: moeder, maatschappelijk werker, leraar, trooster, steungever. Ze konden goed samen huilen en lachen. Juist hun beider situatie thuis versterkte die vriendschap. Die vormde het heerlijke water dat zij, dorstigen, nodig hadden.

Helaas kent haar omgeving, kent onze maatschappij, 'vriendschap' alleen als woord. Mensen genoeg: zoek maar een andere vriendin. Rouwen om een overleden vriendin is dan wel geen taboe, maar toch, begrip en steun worden beperkt geboden: eventjes praten, eventjes rouwen. En dan al gauw: 'Doe maar normaal'; 'maak je niet belachelijk: zij is je moeder niet.' Rouw verwerken doe je maar in je eentje. Verlies van een vriendin is niet iets om jaren over te praten. Die rouw moet kort zijn: nou is het genoeg, zet het uit je hoofd, maak plaats voor een nieuwe vriendin...

Zo'n vertrouwen opbouwen met een ander is niet makkelijk. Daarvoor is geen ritueel. Je hebt niet zomaar iemand die dezelfde dingen heeft meegemaakt.

mailIcon print |