WENEN - Het Oostenrijkse parlement biedt een ongebruikelijke aanblik. Terwijl de oude Reichsratsaal in een schemerachtige licht gehuld is, zijn alle schijnwerpers gericht op een eenzame vrouw die op het podium ligt. De Israëlische zangeres Anat Efraty speelt de titelrol in de één-persoons-opera 'Het dagboek van Anne Frank' van de Russische componist Grigori Frid.
Het is voor het eerst dat vijf mei - de dag van de bevrijding van het concentratiekamp Mauthausen - in Oostenrijk officieel een 'gedenkdag voor de slachtoffers van het nationaal-socialisme' is. Een beetje laat, zegt ook parlementsvoorzitter Heinz Fischer in zijn openingsrede: “Niemand kan hierop een bevredigend antwoord geven, maar ik denk dat wij tegenwoordig kritischer en gevoeliger met dergelijke vragen omgaan dan enkele jaren geleden.” De generatie die het nationaal-socialisme heeft meegemaakt is oud of gestorven.
Voor de 82-jarige Grigori Frid betekent de opvoering een grote doorbraak. Toen hij de opera in 1970 had gecomponeerd, reageerden de Sovjet-autoriteiten nog uitermate koel. “De opera is goed maar een Jodin als hoofdpersoon is voor de Communistische Partij op die moment niet tolereerbaar,” liet men Frid weten. Nu, in 1998, toonde de Oosterijkse autoriteiten dus wel belangstelling. De Reichsratsaal bleek in elk geval een ideaal achtergrond voor de opera. Midden in de statige zaal met de enorme standbeelden bestond het decor uit niet meer dan een tafel, een stoel en een kist. Indrukwekkend was de vertolking door Efraty, die zowel het kinderlijke als het dramatische van Anne Frank goed wist uit te drukken. Ook Asher Fisch, die het kleine orkest dirigeerde, imponeerde. Het zwakste punt was eigenlijk de muziek van Grigori Frid. Hoewel Frid een spannende athmosfeer wist op te wekken, kwamen de nuances die juist de kracht van het dagboek uitmaken nogal te kort. Bij Frid is Anne Frank van het begin af aan een bange bijna hysterische persoonlijkheid. Een nog grotere zonde is dat hij de dagboekfragmenten naar willekeur heeft ingekort, wat soms wat banale teksten oplevert.
Het belangrijkste was echter dat de opera zijn doel bereikte. “Wanneer ook maar twee mensen aan het denken gezet worden, is de operazinvol geweest,” vond Efraty in een televisie-interview. Wat dat betreft kon zij tevreden zijn. Tijdens de opvoering kon je een speld horen vallen en na afloop klonk eerst een voorzichtig en daarna een daverend applaus. “Bij de sfeer die ik voelde, kan ik mij nauwelijks voorstellen, dat de mensen geen consequenties voor hun eigen leven trekken,” vond Madeleine Petrovic, de fractie-voorzitster van de Groenen.
Een opvallende bezoeker was de voormalige president Kurt Waldheim. Met de controverse rond Waldheims oorlogsverleden begon in feite de discussie over het nationaal-socialisme. Waldheim was geen nazi en geen oorlogsmisdadiger, maar net als miljoenen Duitsers en Oostenrijkers iemand die zich aanpaste en meedraaide. Over de zaak-Waldheim wilde de ex-president echter niets meer zeggen: “Dergelijke vragen heb ik de afgelopen jaren al uitvoerig beantwoord.” Wel wilde Waldheim kwijt dat hij 'diep onder indruk' was: “Ik hoop dat het de mensen aan het denken zal zetten en de huidige generatie niet zal beleven wat ik door heb moeten maken.”
Met 'Het Dagboek van Anne Frank' was het culturele deel van de vijf-mei-viering nog niet voorbij. Om elf uur 's-avonds vond in het Burgtheater een lezing plaats met teksten uit het concentratiekamp Mauthausen. Twee vrouwen en vier mannen stonden keurig in het gelid en droegen teksten voor die de banaliteit van het boze duidelijk maken. Ellenlange dodenlijsten en opsommingen van de lotgevallen van de gevangenen in Mauthausen: gestorven, neergeschoten, zelfmoord, neergeschoten, gestorven... Een boerin die in de buurt woont, schrijft aan de commandant dat haar zenuwen te leiden hebben onder de executies die zij telkens moet aanzien: “Ik verzoek U daarom dringend dat deze onmenselijkheden ophouden of dat zij plaatsvinden waar niemand het zien kan.”
Om twaalf uur was de eerste 'herdenkingsdag voor de slachtoffers van het nationaal-socialisme' afgelopen. In tegenstelling tot in het parlement klonk in het Burgtheater geen applaus, maar enkel een respectvolle stilte.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.