*

 
dossier

Archief

Duizend extra banen in schoonmaakbedrijf

Door: redactie − 07/01/95, 00:00

Van onze redactie economie AMSTERDAM - Het schoonmaakbedrijf zal de komende twee jaar duizend extra banen scheppen. Die moeten vooral ten goede komen aan mensen met geen of weinig scholing.

Werkgevers en vakbonden zijn dit gisteren overeengekomen in de nieuwe tweejarige CAO die geldt voor circa 100 000 van de 155 000 werknemers in de sector. De CAO voor het schoonmaakbedrijf is het eerste contract dat dit jaar is afgesloten, maar fungeert daarom nog niet als 'trendsetter' voor bijvoorbeeld de metaalnijverheid, waar nog over de CAO wordt onderhandeld. Daarvoor zijn de meeste afspraken te specifiek op het schoonmaakbedrijf gericht.

Werkgevers en bonden zijn tevreden over de afspraken. De werkgevers omdat de stijging van de loonkosten binnen de perken blijft (hooguit 0,5 procent) en de bonden omdat de werkgevers aanvankelijke verslechteringen zoals zaterdagwerk zonder toeslag hebben ingetrokken.

In het schoonmaak- en glazenwassersbedrijf werken al veel laaggeschoolde werknemers. Met de 8 miljoen gulden kostende afspraak over duizend extra banen willen werkgevers en vakbonden een bijdrage leveren aan de werkgelegenheid aan de 'onderkant van de arbeidsmarkt' en tegelijk nieuwe markten aanboren. De idee is om met subsidie van de bedrijfstak in totaal vijfhonderd schoonmakers aan het werk te krijgen bij particulieren en in de horeca, thuiszorg en gezondheidszorg. Daarnaast is de afspraak verlengd om per jaar 250 langdurig werklozen aan een baan te helpen.

Onderhandelaar mevr. N. Davelaar van de werkgeversorganisatie OSB spreekt van een 'inspanningsverplichting'. Die term mag volgens onderhandelaar B. Roodhuizen van de Industriebond FNV niet worden uitgelegd als zou er een vrijblijvende afspraak zijn gemaakt. Beide onderhandelaars benadrukken dat het moet gaan om nieuwe banen; er mag geen sprake zijn van verdringing van bestaande werkgelegenheid.

Om meer ruimte te krijgen voor banen 'aan de onderkant', is ook afgesproken dat nieuwkomers, die beginnen in een zogeheten hulpfunctie, het eerste jaar het minimumloon krijgen uitbetaald. De sector hoopt daarmee te bereiken dat de CAO voor alle schoonmaakbedrijven blijft gelden (algemeen verbindend wordt verklaard).

Eis

Het kabinet heeft een salarisschaal op minimumloon-niveau als eis gesteld voor algemeen verbindendverklaring. De CAO-schalen zijn volgens het kabinet een belemmering voor het ontstaan van eenvoudig werk. Naar schatting een half miljoen mensen met geen of weinig scholing is momenteel werkloos.

De lonen gaan in het schoonmaakbedrijf met bescheiden percentages omhoog: per januari dit jaar met anderhalf procent en per januari 1996 met twee procent. Daarnaast krijgen werknemers dit jaar twee maal een eenmalige uitkering van 100 gulden. De toeslag voor het werken op onaangename uren wordt beperkt.

In de nieuwe CAO is op voorstel van de werkgevers de toeslag van 15 procent op het salaris nog maar een half uur van kracht (van 21.30 tot 22.00 uur), een uur korter dan tot begin dit jaar. “In de avonduren ligt voor ons het meeste werk. Door deze afspraak kunnen er misschien meer banen ontstaan”, aldus Davelaar.

De bonden hebben op hun beurt gedaan gekregen dat schoonmaakbedrijven niet langer eenzijdig het aantal werkuren kunnen verminderen. Dat mogen zij voortaan pas doen nadat zij de betrokken werknemer hebben ingelicht.

De vakbonden hebben het recht om met de werkgever in overleg te treden over de urenvermindering of het wisselen van contract. Verder komt er een arbitragecommissie die zich gaat buigen over geschillen inzake werkdruk. Deze afspraken kunnen volgens Roodhuizen van de industriebond de schoonmaaksector op den duur van zijn “toch wat verdachte” imago afhelpen.

mailIcon print |