MAREDRET (AP) - Zachte stemmen vormen het enige geluid in de Benedictijnse abdij in Maredret, in de Ardennen. Tussen de Belgische nonnen zitten Gertrude Mukangango en Julienne Kizito, twee Hutu-nonnen uit Rwanda.
Volgens de rooms-katholieke kerk zijn ze onschuldige vluchtelingen. Maar volgens African Rights, een mensenrechtenorganisatie in Londen, speelden de vrouwen juist een belangrijke rol in de moord op Tutsi's drie jaar geleden. Ze zouden enthousiast een menigte hebben geholpen die duizenden Tutsi's heeft afgeslacht buiten hun klooster in Sovu, in het zuiden van Rwanda.
“We hebben meer informatie over vreselijke dingen die ze hebben gedaan”, zegt Rakyia Omaar, mede-auteur van een rapport over de moorden geschreven door African Rights.
Verschillende getuigen vertelden de onderzoekers dat zuster Gertrude op 25 april 1994 opdracht gaf een groep bange Tutsi's het Benedictijnse klooster uit te zetten, waar ze juist een veilig heenkomen hadden gezocht. Buiten wachtte een horde Hutu-soldaten en militie-leden. “Ze zei dat ze geen bloed van Tutsi's in het klooster wilde” aldus overlevende Domatile Mukabanza. “Kleine kinderen smeekten haar om een schuilplaats, maar ze schoof hen zo naar buiten.”
Overlevenden zeggen dat zuster Julienne nog verder ging, door de menigte te voorzien van benzine om Tutsi's die zich in gebouwen hadden opgesloten, levend te verbranden. Daarna zou zuster Julienne de moordenaars hebben geholpen enkele lijken te beroven.
Franse troepen hebben de nonnen geëvacueerd toen een Tutsi-rebellenleger de macht overnam in Rwanda en een eind maakte aan de genocide, die aan een half miljoen Tutsi's en gematigde Hutu's het leven kostte. Sindsdien biedt de katholieke kerk in België de Rwandese nonnen in verschillende kloosters onderdak. De twee zusters staan op een lijst van veertien Rwandese verdachten die zich nog in België schuil zouden houden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.